Vraag van de week (47)

Welke vraag die een kind stelde deed je als volwassene op dat moment stil worden?

Het wordt soms als anekdote gezegd: “Kinderen zijn zo onschuldig dat ze rake vragen kunnen
stellen.”
Is dat zo? Heb je het zelf al eens meegemaakt? Wat was die vraag dan wel en wat waren de omstandigheden (de context) die er voor zorgde dat de vraag bij jou ‘binnenkwam’?
Was de vraag de belangrijkste factor of was het jouw innerlijke gemoedstoestand?
Soms kan een eenvoudige vraag een schot in de roos (in je hart) zijn zonder dat het zo werd bedoeld. De jonge vraagsteller heeft geen benul wat er zich afspeelt in jou. Hij stelt gewoon een eenvoudige, alledaagse vraag.
Wat valt er te leren?
Stel geen ingewikkelde vragen. Neem alvorens een vraag te stellen goed waar op verschillende niveaus: met je ogen, je oren, je hart en je buik(gevoel). Stop het onnodig denken en rationaliseren. Stop ermee je af te vragen of je wel een goede vraag stelt.
De kunst van het vragen stellen is vooral: de vraag waarnemen die bij de ander wil ‘geboren’ worden. Sommige kinderen voelen dat spontaan aan, als volwassene kan je dit opnieuw leren.