Tagarchief: Dialoog

Vraag van de week (49)

Welke vraag, in welke context gesteld, heeft je de ruimte en de veiligheid geboden om je gevoelens te uiten?

Je weet het uit eigen ervaring: gevoelens kunnen uiten voelt goed aan; om dat vrij te kunnen doen is er een gevoel nodig dat er voldoende ruimte en veiligheid is.
Een uitnodiging via een ‘juiste’ vraag op het ‘juiste’ moment biedt de ‘juiste’ omstandigheden.*

Het is een cliché om te beweren dat mannen hun gevoelens niet vlot kunnen uiten. Volkomen onterecht. Dit is een fout verhaal. Dit wijst er enkel op dat de waarnemer niet scherp kan waarnemen en een vooroordeel heeft over hoe je gevoelens zou moeten uiten, waar en wanneer. Stilte bv. wordt zelden correct ‘gehoord’, ‘gezien’ of ‘gelezen’.
Iedere communicatie verloopt tussen minstens twee betrokkenen, jij en de ander (bij het innerlijk gesprek zijn dat jij en je ‘zelf’). Beiden hebben hun aandeel in de communicatie.
Iedere uitspraak over de ene betrokkene kan niet zonder tegelijkertijd te kijken naar het aandeel van de andere.
Soms kan of wil iemand (man of vrouw) op een bepaald moment geen gevoelens uiten.
Hoe staat het met de ‘uitnodiging’ van de ander? Werd er een ‘juiste’ vraag gesteld?
Vragen stel je zowel verbaal als non-verbaal, zonder woorden, met het ‘juiste’ gebaar.

Met de ‘juiste’ vraag op het ‘juiste’ moment ben je aanwezig bij de ander. Je bent dan niet bezig met je eigen inzichten of gevoelens.
Empathie is niet ‘vertellen wat het jou doet’ maar ‘voelen wat het de ander doet’ … zelfs al begrijp je er niets van, zelfs al voel jij de zaken anders aan. Empathie is niet ‘hetzelfde voelen’!
Op dit ogenblik is er geen bewijs dat vrouwen beter zijn in het stellen van de ‘juiste’ vraag.
Laat deze mythe voor wat ze is, louter een verhaal. Er is wél evidentie dat iedereen kan leren om de ‘juiste’ vraag te stellen, jongere en volwassene, vrouw en man, jong en oud.

*De ‘juiste’ vraag is de vraag die constructief wérkt voor de vraagontvanger, concreet, zelfs indien het effect ervan anders is dan je als vraagsteller verwachtte. Een ‘juiste’ vraag kan wérken op korte termijn en op lange termijn. Als vraagsteller ben je bijgevolg afhankelijk van de vraagontvanger om de kwaliteit van je vraag te beoordelen.

Vraag van de week (45)

Welke vraag kreeg je ooit op een reis en heb je dankbaar mee naar huis gebracht?

Wanneer je op vakantie bent beleef je de wereld rondom jou anders dan thuis. Vaak ben je meer ontspannen en richt je je aandacht op zaken waar je anders niet naar kijkt of geen tijd aan geeft. Soms ben je integendeel de eerste dagen meer gespannen want er moet nog een en ander losgelaten worden en dat is voelbaar op vele plekken in je lichaam.
Zo kan het gebeuren dat je andere vragen hoort. Dat mensen je een vraag stellen die je in je familiekring of op je werk nooit te horen krijgt. Ze kon enkel daar gesteld worden, vanuit de levensvisie van de mensen op die plek en door de wijze waarop zij vorm geven aan hun dagelijkse beslommeringen.
Wat maakt dat de mensen daar andere vragen stellen? Welke lessen haal je er uit en kan je toepassen wanneer je terug ‘thuis’ bent?
Soms is het een vraag die wat de formulering betreft een ‘gewone’ vraag is maar maken de omstandigheden er een ‘andere’ vraag van. Je hoort en ontvangt ze anders omdat jij op dat ogenblik een andere ‘antenne’ inzet en op een andere manier mensen ontmoet.
Wat gebeurde er in jou dat je ‘anders’ naar de zaken keek en luisterde en er op reageerde? Kan je de kenmerken van deze houding vandaag, ‘thuis’, opnieuw oproepen en gebruiken om met een andere blik de mensen in je omgeving te ontmoeten?

Waarom niet de waarom-vraag stellen?

Dit bericht had jarenlang succes op de website van de Lemniscaat Academie. De site werd vandaag definitief afgesloten. Daarom herneem ik het bericht hier.
In De kunst van het vragen en het Vragenkompas (→ Korte teksten) lees je meer over het onderscheid tussen waarom-vragen en waardoor-vragen, hoe je waardoor (type)-vragen kunt stellen en wat gepaste waarom-vragen zijn.

Wat wil je bereiken?

“Waarom deed je dat?”, “Waarom moet jij zo nodig … (dit doen)?”, “Waarom bereiken we niet wat we hebben vooropgesteld?”, “Waarom doen de anderen het beter dan wij?”
Waarom, waarom, waarom? Why, why, why?
 Herken je dit type vraag?
Hoe vaak stel jij als leidinggevende (of ouder, leraar, therapeut, coach, mediator) deze vraag? 
Wat wil je bereiken met deze vraag? Wil je iets te weten komen voor jezelf? Wat dan wel? Of wil je de ander aanzetten tot nadenken? Waarover dan wel? Welk antwoord wil je bekomen op je vraag?
Uit de antwoorden op deze laatste vraag blijkt duidelijk dat vraagstellers het zelf niet zo goed weten wat ze vragen en dat het diverse kanten uit gaat.
Welk antwoord verwacht je? In welke mate komt het antwoord dat je krijgt, overeen met het verwachtte antwoord op je waarom-vraag? Welke gevoelens tonen de reacties van de ontvanger van je waarom-vraag? Voelt de ontvanger zich echt vrij om je vraag of ernstig te nemen of te laten liggen? D.w.z. voelt zij zich vrij wanneer zij niet antwoordt?

Wat zijn de effecten van de waarom-vraag?

Een vraag die begint met “Waarom … ?” lijkt een eenvoudige onderzoeksvraag of een vraag die gewoon ondervraagt, maar is dat wel steeds het geval? Niet zelden heeft de vraagsteller een ander (onderliggend) doel dat meeklinkt in de vraag. In bepaalde gevallen kan men zich zelfs afvragen of het wel een vraag is?
De waarom-vraag stellen we vanuit een gewoontepatroon. Het is meestal, zo niet altijd, een slordig gestelde vraag. Onze eerste zorg zou een zorgvuldig taalgebruik moeten zijn. 
Voor het stellen van vragen houdt dat in dat je met je vraag helder uitdrukt welke reactie je graag ontvangt als resultaat.
De reacties op een simpele waarom-vraag lopen uiteen van een uitgebreid antwoord aan de ene kant tot een agressieve houding aan de andere kant. Daartussen liggen diverse reacties die uiteenlopende gevoelens uiten (verbaal en vooral non-verbaal): ongenoegen, onzekerheid, schaamte, schuldgevoelen, vertwijfeling, ergernis, een gebrek aan zelfvertrouwen, maar ook verwondering, verbazing, ongeloof, … enz. Deze reacties zeggen iets over het relationele aspect van de communicatie en niet over de inhoud van de vraag!
De waarom-vraag werkt sterk in op het relationele aspect van de communicatie. Niet alleen omwille van de intonatie waarmee we de vraag stellen maar door de formulering zelf.
Heel vaak hoort de ontvanger een waarom-vraag als een vraag naar verantwoording. De waarom-vraag roept bij vele mensen het gevoel op dat ze verplicht worden om zich te verantwoorden, om duidelijk te maken om welke reden ze iets gedaan hebben of nagelaten hebben te doen. Ze voelen zich (de een al meer dan de ander) geviseerd omdat de verantwoordelijkheid, naar hun aanvoelen, volledig bij hen wordt gelegd.

Van een waarom-vraag naar een waardoor-vraag.

Er is een vruchtbare manier om de ongewenste effecten van een (niet gepaste) waarom-vraag te vermijden: stel een waardoor(type)-vraag! Bv. “Wat heeft er jou toe verleid om… ?”
• Een vraag van het waardoor-type peilt naar de mechanismen die tot een bepaald gedrag of een bepaalde situatie hebben geleid.
• Een waardoor-vraag roept de ondervraagde op om na te denken en de zaken op een rijtje te zetten. Ze helpt haar om zelf met een verklaring te komen (niet een verantwoording) en maakt haar daardoor minder afhankelijk van de vraagsteller.
• Een waardoor-vraag heeft kiemen van verandering in zich. Het is een vraag die mogelijkheden voor de toekomst kan bloot leggen.
• De waardoor-vraag legt meer de basis voor een open dialoog en helpt om een machtsstrijd te vermijden.
• Een waardoor-vraag biedt de ruimte om de context te betrekken bij wat er is gebeurd of dient te gebeuren.
• Een waardoor-vraag werkt aan twee kanten: ook jij als vraagsteller moet nadenken. Over het algemeen voelt een vraagsteller zich meer betrokken bij het stellen van een waardoor-vraag.

In: De kunst van het vragen en het Vragenkompas (→ Korte teksten)
staat concreet hoe je de waardoor(type)-vraag stelt.

Je weet het niet, dus vraag je het niet

Een werk van Geertje Kapteijns – Portrait III 2017
“Het portret maakt deel uit van een doorgaande serie waarbij ik de identiteit van de geportretteerde slechts deels definieer. Herkenning ligt bij de toeschouwer.

Je weet niet dat je niet weet en dus weet je niet dat dit↓ mogelijk is en wérkt en vraag je het niet

De kunstenaar in mij wil geen ‘mooie plaatjes’ maken. Kunstenaars gebruiken beeldende taal om iets uit te drukken wat niet ‘volledig’ is wanneer je het enkel met woorden weergeeft of iets aan te bieden wat helemaal niet met woorden kàn worden uitgedrukt.
De filosoof in mij is er niet om een ‘mening’ te formuleren. Filosofen onderzoeken de manier van denken, de gedachten-patronen in een verhaal of een betoog. Woordentaal ‘juist’ gebruiken wordt een kunst.
Soms koppelen kunstenaars en filosofen hun onderzoek aan het praktische. Dan ontstaat er een kunst-creatief moment, een werkelijk out-of-the-box gebeuren.
Enkele voorbeelden van wat mogelijk is binnen bedrijven en organisaties.

  • Een dialoog zonder dat je elkaar kunt zien … in het donker of met een blinddoek of met de rug naar elkaar
  • Samen een kunstwerk maken … rond jullie visie of doelstellingen of een project
  • Een tentoonstelling opzetten over jullie bedrijf … i.p.v. een zoveelste stand of presentatie
  • Een World Café in een écht café … met mensen die je niet verwacht (klanten?) om te dialogeren rond een vraag die voor jullie belangrijk is
  • Een Open Space Conferentie in stilte … schrijven en met beeldentaal ‘spreken’ en zo dichter bij de kern van de zaak komen
  • Het MT ontwikkelt enkele ‘gezelschapsspelen’ … om enthousiasme te wekken voor de nieuwe aanpak of een nieuw project
  • Beeldende taal in combinatie met de Woordenwolk … en zo creatief het steriele jargon vervangen door heldere communicatie

Bij een volgende gelegenheid, geef duidelijk aan waar je wilt landen en laat aan ons creatief overleggen om daar de gepaste beeldende taal en de ervaren kunstenaars bij te brengen.
Contacteer me om jouw thema te helpen formuleren, om de voorwaarden te kennen en afspraken te maken: francisgastmans@icloud.com

Hoe stel je de ‘juiste’ vraag?

Huiselijke zorgen – Rik Wouters

Iedereen stelt vragen, iedere dag. Sommigen stellen vragen om anderen te helpen, te begeleiden, te leiden, te ondersteunen of hen iets aan te leren. Tot hen richt ik me met dit bericht.

Je stelt veel vragen, meestal veel meer dan nodig. Wat indien je met slechts een paar vragen een stevige constructieve beweging bij de ander kunt initiëren?
Neen, er bestaat geen lijstje met dé drie of vier ‘magische’ vragen, met succes toe te passen in alle situaties. Die staan enkel in de ‘succes-boeken’ en die werken niet. Dé drie of vier succes-vragen bestaan niet.
De ‘juiste’ vraag dien je op het moment zelf met aandacht te horen, te zien en aan te voelen. Ze is er tussen jou en de ander, in het midden, niet in je hoofd.
De ‘juiste’ vraag doet de ontvanger met verbazing stilstaan en nodigt haar uit om langer te overwegen en aan te voelen dan ze gewoon is. Stilte is meestal het eerste effect. Het is de vraag die werkelijk ‘werkt’ voor de ander, nu, bij déze werkvraag, bij déze zorg, bij déze uitdaging, op dit moment, op déze plek. De ‘juiste‘ vraag werkt langzaam. Ze raakt de persoon intens op het ogenblik dat jij ze uitdrukt en klinkt dan lang door. De ‘juiste’ vraag heeft haar ‘juiste’ moment.

Om de ‘juiste’ vraag te kunnen stellen heb je een overzicht nodig van alle mogelijkheden op dat moment. Dat biedt je het Vragenkompas. Het kompas toont je welke kanten het uit kan gaan in je hoofd, in je hart en in je buik; het wikken en wegen, inzoomen en uitzoomen, twijfelen en kiezen, oordelen, besluiten en beslissen.
Meestal springen onze gedachten en gevoelens van de ene richting naar de andere.
Het Vragenkompas geeft niet aan welke richting je uit moét gaan. Er is geen voorgeschreven volgorde, geen: ‘Volg dit pad’. Je staat in het midden en kunt zeer veel richtingen uit. Wel onderscheiden we acht betekenisvolle grote richtingen. De vragen voor iedere richting en de schakeringen daartussen leer je vragenderwijze ontdekken.
Het kompas is het resultaat van studie, onderzoek, ervaring en een meta-visie. D.w.z. dat het kompas kan worden gebruikt samen met jouw visie op de menselijke ontwikkeling, met jouw overtuigingen en met de specifieke methode waarmee jij of je organisatie werkt.

De ‘juiste’ vraag stellen is een kunst veel meer dan een kunde. Zoals iedere kunst gaat het naast aanleg vooral om durf, veel experimenteren, veel oefenen en … doorzetten. Totdat je alles kunt loslaten en in het moment blijven en doen ‘wat past’.

Wil je ervaren hoe dit loopt? Dat kán.

Ik bied je: een leerzaam Inspiratiemoment (3,5 uren) of een ervaringsgerichte Inspiratiedag (6,5 uren) – in jouw organisatie, in jouw team, in jouw vereniging, in jouw club.

Dit aanbod is gratis (je betaalt enkel de verplaatsing per openbaar vervoer en het materiaal).

Ik overleg graag met jou over een datum, verdere voorwaarden en mogelijkheden:
francisgastmans@icloud.com