Tagarchief: Dialoog

Vraag van de week (47)

Welke vraag doorbreekt dat er wordt gezwegen over een onderwerp?

Er zijn onderwerpen die worden doodgezwegen, zowel maatschappelijk bv. binnen besturen, als professioneel binnen bedrijven en organisaties, als privé binnen gezinnen. We doen er allemaal aan mee. Het luidop zeggen voelt aan als bedreigend zowel voor ‘veroorzakers’, ‘waarnemers’, ’verderzetters’, als voor de ‘ondergaanders’ van dat wat wordt verzwegen. Het gaat om eenvoudige fouten, of kleine vergrijpen, maar soms ook om regelrechte misdaden.
Voor alle zwijgers is zwijgen meer waard dan het gevaar van de reactie op het aan de grote klok hangen. Wie wil er nu beschuldigd worden van ‘nestvervuilen’?
Zoals in alle situaties is er een middenweg. Ditmaal tussen zwijgen en aanklagen. Je kunt een vraag stellen en die vraag neerleggen waar ze gehoord kan worden. Een vraag wérkt enkel wanneer ze op het gepaste bordje wordt neergelegd.
Wanneer er thuis iets niet correct verloopt dien je je vraag aan je partner of je ouder voor te leggen. Kan dit niet, dan stap je naar een hulpverlenende persoon. Dat kan een vriend zijn maar soms moet je naar een professional stappen.
Zelf was ik tot vijf jaar geleden een conflict-vermijder. Ik zweeg meer dan goed was voor mijn relaties en voor mezelf. Ik stelde geen vraag of ik stelde de foute vraag. Dat is de vraag die tegelijk aanklaagt en een beschuldigende ondertoon heeft.
De ‘juiste’ vraag maakt op de eerste plaats verbinding, zelfs met diegene die volgens jou een fout heeft gemaakt, ook een grote fout. Op de tweede plaats wijs je niet op ‘feiten’, noch op dat wat de ‘feiten’ jou doen, op jouw gevoelens. ‘Feiten’ hebben zowat steeds onenigheid tot gevolg.(1) Verder, wees je bewust van wat je wilt bereiken en vooral … voel je intentie.(2) Je intentie zal het (eerste) resultaat bepalen. De ‘juiste’ vraag is een uitnodiging om de zaak te bekijken. Je hoeft niets te verbergen, je wilt niets meer verbergen. Hoe stop je het samen?

(1) Lees meer in: Hoe je zelf je ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Kort teksten
(2) Lees meer in de paragraaf ‘De kracht van de intentie’ in De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing’? p.108 → Boeken

Je verhaal vertellen biedt perspectief

Je levensverhaal vertellen biedt perspectief aan je leven. Ik heb hierover een nieuwe tekst op de site gezet: Hoe vertel je je levensverhaal? Je leven in beeld brengen → Korte teksten
Daarin geef ik aanwijzingen voor zes verschillende vormen waarin je je verhaal in beeld kunt brengen.(1)  Daarbij is het nuttig rekening te houden met zowel de Chronos-tijd (de gemeten tijd van de klok) als de Kairos-tijd (de beleefde tijd). (2)
Het vertellen van je verhaal zal je stimuleren om met meer inzet verder op pad te gaan. Je verhaal is er niet alleen voor jezelf, je biedt aan anderen iets wat hen kan inspireren.
Zowel bij twijfels als bij het met enthousiasme starten van een nieuwe levensfase; zowel wanneer je eind twintig wat rust en structuur zoekt als wanneer je wordt geconfronteerd met de mid-life; zowel wanneer je op de drempel van je zestig staat als van je zeventig of je tachtig; … een beeld van je leven vormen is een kracht.
Je hoeft dus niet te wachten tot je zeer oud bent. Iedereen kan het verhaal vertellen ‘tot op vandaag’.

De inhoud van de tekst:
Het beeld van je leven
Wanneer je levensverhaal vertellen?
Je levensverhaal is niet je levensloop
Vanuit welk perspectief vertelt iemand?
Leven in vier dimensies
Meerdere vormen voor je levensverhaal
Hoe ‘waar’ is jouw levensverhaal?
Wat kan je levensverhaal je opleveren?
1. Je biografie
2. Je autobiografie
3. Je thema-gericht verhaal
4. Je verhaal van nu
5. Je inspiratie-verhaal
6. Je laatste reis-koffer
7. Het na-verhaal van de anderen
Hulp bij het vertellen van je verhaal

(1) De meeste biografiecoachen hanteren slechts enkel de vormen voor een terug-blik.
(2) Hermsen, Joke, Kairos Castle – Over de kunst van het juiste ogenblik, Lannoo 2017

De illustratie: Kairos – A fragment of an Attic sarcophagus dating from 160—180 CE – Marble – Roman work after the Greek original by Lysippos ca. 350—330 BCE – Turin, Museum of Antiquities

Edel zwijgen is actieve stilte

Ik heb een nieuwe ‘Korte tekst’ toegevoegd: De kunst van het edel zwijgen – Edel zwijgen werkt vaker efficiënter dan je mening geven.
We vinden het heel gewoon om regelmatig, zo niet voortdurend, onze mening te geven. Vrije meningsuiting is een recht van iedere burger. Gelukkig, want dankzij het duidelijk uiten van hun mening hebben burgers in het verleden politieke en sociale rechten verworven waarvan wij nog steeds genieten. Het is de laatste decennia echter een gewoonte geworden om vrij snel een mening te geven of ongenuanceerd feedback te geven. We wijzen anderen op wat wij denken en voelen bij hun gedrag of hun beslissingen. Er is een cultuur gegroeid die het begrip ‘assertiviteit’ in de praktijk gelijkschakelt met ‘ongezouten je mening geven’.
Sommigen zijn nog een stap verder gegaan en hebben de houding aangenomen dat ze om het even hoe hun mening mogen geven en om het even wanneer en dat ze niet verantwoordelijk zijn voor de reactie van de ander of voor de gevolgen. “Dat is het probleem van de ander.”
Er is echter een verschil tussen ‘ongezouten je mening geven’ en ‘respectvol je ongezouten mening geven’. In het eerste geval is je manier van communiceren ongezouten, niet respectvol. In het tweede geval gaat het om de aard van je mening, die stevig en zonder omwegen is (inhoudelijk) en die je respectvol meedeelt (zodat die ook wordt gehoord!).

Moet ik dan leren mijn mond te houden? Moet ik dan alles inslikken? Gewoon alles over me heen laten komen? 
Neen, dit soort zwijgen is niet ‘edel’ en werkt negatief, zowel voor jezelf als voor de ander. Het betekent dat je je gevoelens blokkeert. Je houdt je frustraties en je kwaadheid vast in je hart en je hoofd. Dit soort ‘zwijgen’ is in feite conflict vermijdend gedrag.
Edel zwijgen is gans anders. Bij edel zwijgen voel je je goed, heb je respect voor je gevoelens en voor de gevoelens van de ander. Je houdt niets vast, integendeel, je laat de zaken los (1).
Je parkeert de dingen niet voor later, neen, je houdt er nu mee op, je geeft er niet langer energie aan, je voedt de gedachten niet verder, je houdt op met het innerlijk gesprek. Je ontspant je want je hecht je niet meer aan frustrerende gevoelens. Je doet dit niet omdat het moet maar omdat je dat wil, omdat je voelt dat het je deugd doet, dat je er beter van wordt.

Lees het volledige verhaal → Korte teksten

(1) Lees meer in: Wu-wei – Bereik meer met actief niet-doen → Korte teksten

Vraag van de week (38)

Met welke vraag voelt jouw tegenstander jouw wil om te verbinden?

Van mening verschillen is de gewoonste zaak van de wereld. Spijtig genoeg eindigen veel meningsverschillen in een ruzie of een strijd. Een van de redenen is dat er wordt gekeken naar de inhoud van de meningen. Wie heeft er gelijk? Dit stoelt op een té eenvoudige gedachtegang: wanneer er ruzie is dan gaat het steeds om ‘iets’, dat ‘iets’ is de inhoud, dus daar moet eerst overeenstemming over worden gevonden. Een verschil van mening leidt echter niet noodgedwongen tot ruzie, alsof er een causaal verband tussen zou zijn. Alles hangt af van de manier waarop er mee wordt omgegaan.
Ruzie maken is een ‘relationeel gevecht’ om het even wat de inhoudelijke oorzaak is. Er is iets mis met de verbinding tussen de betrokkenen. De vraag is dan: Wie verkiest ruzie boven een oplossing? Welke gedachtegang drijft iemand om te gaan voor ruzie? Welke belangen zijn gebaat met een ruzie meer dan met een oplossing? Wie is er bang om een oplossing te vinden zonder ruzie?
Niet iedereen wil een ruzie oplossen waarbij er voldoening is voor alle betrokken partijen. Wie voelt dat hij in de relatie over een bepaalde ‘macht’ beschikt is niet snel geneigd om te onderhandelen. Vechten (vaak letterlijk) voor het eigen gelijk is een eeuwenlang ingeburgerde strategie. We hebben een reeks termen gevormd om dat mooi te praten. Vechten wordt verwoord als: stevig discussiëren, stevig debatteren, niet afgeven, op je standpunt blijven staan, je waarden verdedigen, je hard tonen (niet je hart want dat is zwak zijn).
De stap naar het beëindigen van een ruzie is de blik te veranderen: van inhoud naar relatie.
Van de focus op het onderwerp stap je over op de aandacht voor de belangen die in het spel zijn. Je wijzigt een ‘ik-heb-gelijk spel’ in een ‘ik-heb-een-belang spel’. In dit tweede ‘spel’ aanvaard je dat de ander een belang heeft (wat ook het onderwerp is van het meningsverschil) en dat dit ‘anders’ is dan jouw belang.
Om het over belangen te hebben, moet je eerst aangeven dat je de verbinding wilt herstellen. Dan stel je de verbindende vraag. Met welke vraag richt je de aandacht op de relatie en niet op de inhoud van het geschil? Welke vraag is dermate oprecht verbindend dat de ander die niet hoort als een manoeuvre om de aandacht af te leiden en alsnog gelijk te krijgen? Welke verbindende lichaamstaal ondersteunt een verbindende vraag? Hoe leg je een verbindende vraag in het midden? (1)
Gaan voor verbinding wil niet zeggen dat je moet toegeven of inboeten op je waarden. Je gaat nog steeds voor je eigen belang, enkel, je doet dat niet meer blindelings of verblind door de angst om te verliezen. Je houdt nog steeds vol, ditmaal de verbinding.

(1) Lees meer in: Hoe hou je een gesprek ‘in het midden’?

Vraag van de week (36)

Welke vraag zou je nooit beantwoorden?

Je stelt niet alleen vragen aan anderen, het omgekeerde gebeurt uiteraard in dezelfde mate. Wanneer je aandacht geeft aan hoe je vragen stelt, wordt je gevoeliger voor de vragen die je krijgt. Omgekeerd, wanneer je aandacht geeft aan hoe je innerlijk reageert op de vragen die naar je toekomen, kan dit je veel leren over de manier waarop jij vragen stelt.
Heb deze week aandacht voor de vragen die je krijgt. Welke vraag maakt je blij? Welke ervaar je als ‘pittig’? Welke vraag is de dertiende in een dozijn? Hoeveel echt interessante vragen krijg je en hoe verhoudt dit aantal zich tot het totaal aantal vragen die je dient te beantwoorden? Hoe vaak valt de boodschap niet samen met de inhoud van de vraag maar wordt jij verondersteld tussen de lijnen te luisteren?
Vragen kunnen zo opdringerig zijn dat je ze lijfelijk voelt. Sommige roepen afweer in je op, andere doen je van vreugde opspringen. Gaat het daarbij enkel om de inhoud van de vraag of ook, of vooral, om de manier waarop ze wordt gesteld en het tijdstip?
Welke vraag zou je hoe dan ook nooit beantwoorden? Wat maakt dat dit een te vermijden vraag is? Waar doet die vraag je aan denken?