Tagarchief: Dialoog

De ander willen begrijpen en begrepen willen worden

Dit bericht stond drie jaar geleden op de website van de Lemniscaat Academie. Meerdere signalen hebben me aangezet het opnieuw te publiceren: empathie of meevoelen met anderen wordt te snel gelijkgesteld met ‘de ander begrijpen’. Dit is ten onrechte. Empathie betekent dat je de ander volledig ‘de ander’ laat zijn en respecteert en de zaken leert zien door haar bril, zelfs als je haar niet begrijpt. Je bent in je empathie net als in iedere vaardigheid begrensd. Een dialoog blijft mogelijk zonder de ander volledig te begrijpen en begrepen te worden.

De ander willen begrijpen

Wanneer je echt naar iemand wilt luisteren of haar helpen of met haar samenwerken, stop dan met te trachten haar te willen begrijpen. Zet je veeleer in om te achterhalen welke de belangrijkste vraag is die op dit ogenblik in haar leeft. Wat is haar kernvraag op dit moment? (= de vraag die er écht doe doet, nu) Tracht haar gedachtengang waar te nemen, de wijze waarop zij gedachten vormt en innerlijke beelden hanteert … zonder te oordelen. Enkel zo kan je een vraag stellen die haar helpt om – vanuit haar denk- en betekeniskader – een zinvol antwoord te vinden op haar kernvraag.
Om de gedachtengang van de ander te kunnen waarnemen, is het nodig dat je je eigen denkkader even parkeert. Wat ‘logisch’ is voor haar hoeft niet logisch te zijn voor jou. Je hoeft het er niet alleen niet mee eens te zijn, je hoeft het zelfs niet te begrijpen! Je hoeft niet alles te kunnen begrijpen om goed te kunnen samenwerken. Wél aanvaarden dat dit nu haar logica is en het gesprek aangaan.
De bewering dat datgene wat jij niet kunt begrijpen ‘onbegrijpbaar’ is, klopt niet. Enkel jij kunt het niet begrijpen, nu. Alles wat je waarneemt, voelt, denkt en doet vertrekt vanuit jouw aannames en overtuigingen. Willen begrijpen vertrekt bv. vanuit de aanname dat jij haar kúnt begrijpen. Dat klopt niet met de werkelijkheid: je bent begrensd in datgene wat je kunt begrijpen.
Wanneer je tracht te begrijpen, doe je moeite om met jouw denkkader de logica van de ander te verstaan. Dat doet onrecht aan de ander. Help de ander om via haar eigen denkkracht, haar emotionele kracht en haar zingeving te zoeken naar haar zinvolle antwoorden. Haar zoektocht zal gans anders verlopen dan jouw zoektocht.
Willen begrijpen legt vaak een obstakel op de weg. Het is een obstakel omdat je niet de gepaste vraag stelt die iemand nu op weg zou kunnen helpen, haar weg, niet de weg volgens jouw inzicht. Het is een obstakel omdat je daardoor haar kracht beknot om zelf tot inzichten en keuzes te komen. Het is een obstakel omdat je hiermee haar zelfredzaamheid beperkt. Het is een obstakel omdat je in de meeste gevallen teveel verantwoordelijkheid op je schouders laadt en vroeg of laat als Redder optreedt.
Wil je de ander echt helpen? Help de ander om zichzelf te begrijpen! Daarvoor is het niet noodzakelijk dat jij  de ander begrijpt.
Wat is er wél nodig? Een vragende houding en de juiste vraag stellen. Je laat de verantwoordelijkheid waar ze hoort = bij de ander. Je stopt geen energie in alles willen begrijpen. Je houdt je bezig met het stellen van de juiste vragen en het scherp waarnemen hoe zij haar ‘probleem’ formuleert, welke overtuigingen daarin werken, wat zij wil bereiken, enz.
Ieder van ons vult de woorden die hij uitspreekt en die hij de ander hoort gebruiken iets anders in en voelt ze een beetje anders aan. Dit kan je dagelijks vaststellen. De eenvoudige oefening van een woordenwolk maken (1) kan je helpen om je bescheidener op te stellen. Daarnaast zorgt het voor meer helderheid in het gesprek.
Alles willen begrijpen is een broertje van perfectionisme.
Wanneer je eerst alles wilt begrijpen alvorens keuzes te maken en beslissingen te nemen vergeet je dat alles voortdurend verandert en dat het nodig is om regelmatig bij te sturen.

Begrepen willen worden

Dit is een valkuil waar velen onder ons in vastzitten: moeite doen om iets aan de ander uit te leggen zodat zij jou kan begrijpen. Steeds blijkt dat jouw behoefte om begrepen te worden een obstakel is in het vinden van goede antwoorden op jouw kernvraag (= de vraag die er voor jou écht doe doet, nu). 
Dat jij vraagt om begrepen te worden is zeer menselijk. Dat de ander dat vraagt is ook zeer menselijk. Voor het ontdekken van de vraag waar het echt om gaat en het vinden van een duurzaam antwoord is het evenwel niet nodig om begrepen te worden. Niet voor jou, niet voor de ander. Het is mooi meegenomen indien het gebeurt (of beter, indien je de illusie hebt dat het gebeurt) maar het is niet noodzakelijk om de zaken efficiënt aan te pakken.
Ik weet uit eigen ervaring hoe aangenaam het voelt wanneer ik ervaar “Deze persoon begrijpt mij.” (= op dit ogenblik, in deze context, voor deze situatie, bij deze vraag van mij). Daar kan ik van genieten. Ik ben echter gestopt met: “Ik wil eerst begrepen worden alvorens …”. Daardoor leg ik minder last op de ander, kijk ik naar wat er werkelijk tussen ons gebeurt en tracht ik daar constructief mee om te gaan. Dat doe ik ook wanneer ik beslis om “nee” te zeggen tegen de ander. Ik merk dat dit zowel mezelf als de ander veel ruimte biedt. (2) De ander hoeft echt geen moeite te moeten doen om mij te begrijpen. Het is lief indien het gebeurt.
Zodra ik het verlangen (of de vereiste) loslaat dat de ander mij begrijpt, kan ik de ander vrij laten in de manier waarop zij denkt, wat voor haar betekenisvol is, de waarden die voor haar belangrijk zijn, datgene waar zij in gelooft. Dan kan ik haar opmerkingen open ontvangen, zonder er eerst allerlei eisen aan te stellen. Enkel zo kan ik iets ontvangen dat buiten mijn denkkader valt! Ik heb dan niet de bevestiging dat mijn visie correct is maar wel een weg naar een duurzame oplossing.

(1) Lees meer in: Wat is een woordenwolk? → Korte teksten
(2) lees meer in: Hoe hou je het gesprek ‘in het midden’? → Korte teksten

Vraag van de week (11)

Welke vraag spreekt de ethische en morele verantwoordelijkheid van je buurman aan?

Verantwoord burgerschap betekent dat je, in bepaalde situaties, je eigenbelang laat volgen op het algemeen belang, niet omgekeerd. Het belang van de groep of de gemeente of de maatschappij komt dan eerst.
Op sommige momenten in de geschiedenis wordt van burgers verwacht dat ze zich inzetten voor een algemeen doel. Er volgt verontwaardiging wanneer iemand in zulke omstandigheden louter voor het eigen gewin gaat. Zelfs in een maatschappij waar ‘financiële winst’ de grootste drijfveer is. Grof geschetst reageren mensen in het Wersten veel meer vanuit individueel belang en minder voor het groepsbelang. Daarenboven is er hier geen dictator die zonder meer iets kan opleggen. Toch bezit iedereen een innerlijke ethische en morele code die hij of zij volgt. Iedereen is aan te spreken op zijn of haar ethische en morele persoonlijke verantwoordelijkheid.
Je kunt iemand op verschillende manieren ‘aanspreken’. Je kunt een van de ‘bestraffende’ wegen kiezen: een publiek verwijt sturen bij een inbreuk (bv. hem via sociale media aan de schandpaal nagelen) of een boete opleggen wanneer iemand wordt betrapt of zwaaien met de ‘zwarte gevolgen’ (Rokers stoppen echter niet door de boodschap dat ze kanker zullen krijgen. Wel is er nu wetenschappelijk vastgesteld dat rokers kankerverwekkende stoffen verspreiden zelfs wanneer ze niet roken. Dát vraagt om een ethische reflex.)
Je kunt ook voor een van de ‘bemiddelende’ of ‘verbindende’ wegen kiezen: je kunt een gesprek aangaan of je kunt een vraag stellen.
Om te leren welke vraag een ander kan aanspreken op zijn of haar ethische verantwoordelijkheid, is het nuttig om bij jezelf na te gaan welke vraag jou zou raken. Overweeg een situatie waarin jij het moeilijk hebt om te kiezen voor het algemeen belang boven je eigenbelang. Wil zo’n vraag wérken dan is het een open vraag, zonder een onderliggend oordeel. Het is geen verdoken verwijt. Zo’n vraag wordt ‘in het midden’ gelegd (1), wat ruimte laat om de vraag rustig te bekijken en een antwoord te zoeken. Ze wordt niet iemand ‘voor de voeten geworpen’ als een obstakel.
Je kunt verontwaardigd zijn door het gedrag van een ander. De gepaste vraag stel je niet vanuit je gevoel van verontwaardiging maar vanuit de intentie om de ander ‘terug constructief bij de zaak te betrekken’.

(1) Lees meer in: Hoe hou je een gesprek ‘in het midden’? → Korte teksten

Vraag van de week (6)

Welke vraag zou je stellen aan een honderdjarige?

We leven allemaal met de houding alsof we zonder meer honderd jaar worden of meer. Het verlangen om ‘eeuwig jong’ te blijven klinkt al duizenden jaren. Regelmatig verschijnt er een hip-hip-hoera bericht dat het aantal honderdjarigen is verdubbeld.(1) De werkelijkheid is uiteraard helemaal anders. Slechts weinigen die worden geboren halen die leeftijd.(2)
Vaak wordt aan iemand die de honderd jaar viert de vraag gesteld wat haar of hem heeft geholpen om zo oud te worden. Dat is een ‘beleefde gelegenheidsvraag’ want echt geïnteresseerd in het antwoord zijn we niet. Met haar of zijn antwoord doen we immers niet. We werpen het gewoon in de snel-vergeet-mand. Wees gerust de honderdjarige weet dat ook en geeft je meer dan waarschijnlijk een ‘beleefd gelegenheidsantwoord’.
Welke vraag zou een honderdjarige wél willen krijgen? Welke vraag zou haar of hem blij maken en graag willen beantwoorden? (Deze vraag – welke vraag haar of hem blij maakt – kan je stellen aan de feestvierder!)
Ken je niemand die (bijna) zo oud wordt? Gebruik dan even je verbeelding en beeldt je in dat jij de honderd nadert. Welke vraag wil jij niet krijgen? Welke vraag zou je wél willen beantwoorden?
Wat is het nut van deze oefening?
Het kan je helpen om te reflecteren op de zin van de keuzes die jij vandaag maakt.
Het kan een opstap zijn om te leren welke vraag je kunt stellen aan iemand die met een levensbedreigende ziekte wordt geconfronteerd of iemand die op een palliatieve afdeling ligt. Dit is een situatie waar je in de toekomst wellicht meer kans maakt om mee te worden geconfronteerd.
Het kan je helpen om te stoppen met ‘beleefde vragen’ te stellen. Hou op met ‘beleefde vragen’, reserveer ze enkel voor die situaties waarin je beiden uitdrukkelijk het laat-ons-beleefd-doen-spel spelen. “Hoe gaat het?”

(1) Dat gebeurde in België tussen 1996 en 2016
(2) Op 1 januari 2019 waren er 1.487 honderdjarige mannen en vrouwen in België, waarvan 1.277 vrouwen en slechts 210 mannen, op een totale bevolking van 11.431.406

Vraag van de week (3)

Welke vraag heb je nog nooit gehoord en zou best eens gesteld mogen worden?

Er worden honderden vragen gesteld, iedere dag. Toegegeven, je hoort veel adviezen en nog veel meer meningen en niet te tellen oordelen, maar goed, er klinken veel vragen. Toch zijn er vragen die niet worden gesteld.
Welke vraag werd volgens jou – in jouw situatie – nog nooit gesteld?
Je zult ze wellicht niet in een-twee-drie vinden. Geeft niet, neem de volgende dagen de tijd om goed te luisteren en vragen te voelen opkomen. De vraag die nog nooit werd gesteld is wellicht een heel eenvoudige, directe vraag. Meer dan waarschijnlijk is het een korte, bondige open vraag, to the point. Als ze klinkt valt de mond van je luisteraars open en wordt het stil.
Er zijn vele redenen die maken dat bekende vragen veel worden gesteld. Zoals bijvoorbeeld:
ze doen geen kwaad, ze doen geen pijn, ze breken geen potten, ze geven geen ongemakkelijk gevoel, ze wijzen niet op zaken die fundamenteel mis lopen, ze dwingen niet om extra na te denken, ze eisen niet dat er dringend concrete acties worden ondernomen, of iets dergelijks.
De vraagsteller stelt de vraag zonder zichzelf te impliceren, hij of zij kan buiten de zaak blijven staan. Op deze manier kunnen nog duizend vragen worden gesteld, bijvoorbeeld rond de klimaatwijzigingen.
In iedere context worden bepaalde vragen vermeden. En daar zijn goede redenen voor. Alles wat gebeurt verschijnt vanuit een reeks redenen. Iemand die één ‘oorzaak’ zoekt kijkt door een bril die bijziend maakt. Alles is ieder moment verweven in een groot netwerk aan gevoelens, gedachten, keuzes en acties van jezelf en van anderen. We zijn interafhankelijk en interactief met elkaar verbonden. Het is vruchtbaarder om in netwerken te denken.
Wanneer jij zo’n nooit-gestelde-vraag laat klinken zorg je misschien het eerste moment voor wat ongemak maar uiteindelijk werkt ze bevrijdend. Respecteer daarbij de regel: zorg dat je oogcontact hebt met de persoon aan wie je de vraag aanbiedt, voel een constructieve verbinding (zelfs bij stevig meningsverschil), stel de vraag duidelijk en zonder omwegen en … leg de vraag ‘in het midden’.* Eén juiste vraag kan jouw ‘wereld’ helemaal veranderen.

* Lees meer in: Hoe hou je een gesprek ‘in het midden’? → Korte teksten

Vraag van de week (2)

Voor welke vraag die je ooit kreeg ben je nog steeds erg dankbaar?

Een ‘juiste’ vraag geeft je een gevoel van verwondering of een Aha! of een opluchting of een Yes!-uitroep. Een ‘juiste’ vraag is er een die wérkt, voor jou, op dat moment, in die context.
Zulke vragen krijg je af en toe en wanneer dat gebeurt mag je dankbaar zijn.
Het herinneren van zo’n vraag kan je helpen om op jouw beurt een vraag te stellen die voor een ander de ‘juiste’ vraag is.
Wat in die vraag wérkte voor jou op dat moment? Het is niet een kwestie om die vraag letterlijk te hernemen. Het is zaak om te zien welke elementen in de vraag zorgden voor de doorbraak bij jou. Wat was het verband met wat er in jou leefde op dat ogenblik? Kan je je dat nog herinneren? Hoe ver stond de vraag die jij kreeg af van de vraag die reeds in jou sluimerde?
Luister en kijk naar de collega’s of klanten om je heen en tracht te vatten welke vraag er ‘ongeboren’ in hen leeft.
De ‘juiste’ vraag is vaak die welke reeds in de ander leeft maar die hij zelf niet kan horen of vatten. Jij bent er om die vraag te laten klinken. Dit is honderd keer sterker dan een advies geven. Een ‘juiste’ vraag vergroot de eigen kracht van de ander. Het helpt hem om zelf een antwoord te vinden voor een ‘probleem’ waar ze rond werkt.