Tagarchief: Dialoog

Vraag van de week (31)

Met welke vraag kan je elke dialoog ondermijnen?

Dialogeren is op zich al geen eenvoudige zaak.(1)  Je houdt tegelijkertijd verschillende ballen in de lucht. Je zoekt een evenwicht tussen: je intenties en datgene wat je wilt bereiken; je fysieke, emotionele, intellectuele en materiële behoeften op dat moment; je uitgangspunten en overtuigingen die je gezien en gerespecteerd wilt hebben; je eigen belangen die je niet uit het oog mag verliezen; respect voor de belangen van de ander en zaken waar je rekening mee wilt houden; de keuze om de aandacht te blijven richten op het werkelijke onderwerp van het gesprek (niet aan de oppervlakkige inhoud); de tijd en de energie die je investeert.
Het gebeurt meermaals dat er iemand mee aan tafel zit die in werkelijkheid niet wil dialogeren. Hij vindt dat hij op dat moment meer gebaat is met een ‘spel’: het ‘stellingen-spel’, of het ‘ik zie, ik zie, wat jij niet ziet-spel’, of het ‘macht-spel’, of het ‘verstoppertjes-spel’, of het ‘torpedeer-spel’, of wie weet welk ander spel nog.
Wie niet wil dialogeren stelt ook vragen. Het zijn echter vragen om de dialoog te torpederen, te verzieken, af te remmen of te laten verzanden in nietszeggend gekakel. Het is niet altijd van bij het begin duidelijk wat de intentie is van zo’n persoon.
Denk even na hoe jij een dialoog zou kunnen torpederen, met welke vraag jij er een virus in zou kunnen steken. Je hoeft het uiteraard niet echt te doen. Maar wanneer je de optie goed overweegt en goede vragen kunt formuleren, kan je de pogingen van ander sneller herkennen.
Wat doe je wanneer een virus-vraag op tafel komt? Niet in de aanval gaan! Dan speel je het spel mee. Een anti-dialoog-virus hou je niet tegen door er tegen in de aanval te gaan. Daarmee geef je het alleen maar meer zuurstof. Dat leert het corona-virus ons duidelijk vandaag. Wat nodig is: een omgeving creëren waarin het niet kan gedijen. Leer een goede dialoog-constructie-vraag te stellen, een vraag als antwoord, niet als re-actie. Een vraag die een gezond dialoog-klimaat schept.

(1) Lees meer in: Kies je voor een dialoog? Wat doe je dan? → Korte teksten

Vraag van de week (29)

Welke vraag stelt het kunstwerk dat de diepste indruk op jou maakte aan jou?

Op het eerste gezicht lijken vele kunstwerken louter iets te tonen, iets aan te bieden.
Sommige mensen staan er voor en … kijken er naar … 7 seconden, 9 seconden.
Heel veel kunstwerken willen uitdrukkelijk meer bij jou oproepen. Een gevoel voor schoonheid? (bv. de Mona Liza) Een gevoel van devotie? (bv. Het Lam Gods van Van Eyck) Een verontwaardiging of een gevoel van chaos? (bv. Guernica van Picasso).
Voor elk gevoel is er wel een kunstwerk te vinden die het kan oproepen.
Er zijn kunstwerken die met jou persoonlijk een verbinding willen maken, ze vragen om herkenning. Vaak zijn het werken die rechtstreeks verband houden met een belangrijk biografisch gegeven (het lijden) van de kunstenaar (bv. Louise Bourgeois).
Er zijn kunstwerken die niets ‘zeggen’, maar je veeleer een vraag stellen. Alle kunstwerken hebben m.i. de potentie om een vraag in jou op te roepen maar sommige zijn sterker vraag-gericht.
Welk kunstwerk heeft ooit een diepe indruk op jou gemaakt? Waar ‘voel’ je het vandaag opnieuw? Welke vraag stelde dat kunstwerk aan jou?

Je kunt in dialoog gaan met een kunstwerk.  Dan stel je je voor dat  het werk jou een vraag stelt. Zo bijvoorbeeld:
Welk beeld komt er in je op wanneer je aandachtig naar mij kijkt?
Welke muziek hoor je wanneer je aandachtig naar mij kijkt?
Als je een gesprek met mij zou hebben waar zou dat dan over gaan?
Waar raakt het verhaal dat ik jou vertel het verhaal dat jij over jezelf vertelt?
Wat maakt het waardevol of zinvol dat ik besta?
Indien je iets zou mogen toevoegen aan mij wat zou je mij dan aanbieden?
Tot welke actie stimuleer ik je?

Geniet deze zomermaanden van kunst!

Vraag van de week (25)

Met welke vraag krijg je een gesloten deur open?

Wanneer was het laatst dat jij voelde dat je je voor een ‘gesloten deur’ stond? Een situatie als: een collega is niet bereid om met jou verder te werken; na een mail van jou krijg je geen reactie meer maar hoor je wel via-via dat die zeer slecht werd ontvangen; een ambtenaar weigert naar jouw argumenten te luisteren; je vriendin wil niet meer met je praten (“Het is genoeg geweest!”); iemand weigert je uitgestoken hand; je vraag om een gesprek wordt niet beantwoord; je tiener heeft zich opgesloten in haar kamer en weigert (letterlijk) de deur open te doen; je hebt het gevoel dat je tegen een muur praat; …
Niet zelden voel je je dan onrechtvaardig behandeld. Je had geen kwade bedoelingen, er werd onvoldoende naar jou geluisterd, je houding werd in een slecht daglicht geplaatst, men heeft jouw woorden verdraaid, de ander houdt geen rekening met het positieve uit het verleden.
Wat alleszins niet helpt op dat moment is hard op de deur kloppen of ze met kracht willen openduwen. Een deur gaat in zo’n situatie niet open door met argumenten of feiten jouw positie of jouw gedrag te rechtvaardigen of in een helderder licht te zetten en nog minder door te dreigen met ‘tegenmaatregelen’. Jouw ‘gelijk’ is geen sleutel die past op het slot. Vaak betekent dit enkel ‘meer van hetzelfde’ en bereik je het tegenovergestelde, d.w.z. de deur gaat nog steviger op slot.
Vooreerst dien je te aanvaarden dat de situatie is zoals ze is, zonder er een lang verhaal bij te bedenken. Een volgende stap is het aanvaarden van de gevoelens van de ander én je eigen gevoelens … zonder te oordelen. Naast jouw ‘pijn’ is er de ‘pijn’ van de ander. Het gaat daarbij niet om uit te maken hoe diep ieders ‘pijn’ aanvoelt; het gaat niet om ‘feiten’ en nog minder om ‘waarheid’. Het gaat om de relatie!
Dus kom je terecht bij jouw behoeften m.b.t. jullie relatie en bij jouw werkelijke intentie: Wat is het meest belangrijke voor jou in deze situatie, op dit moment? Wat wil je uiteindelijk bereiken?
Op basis van jouw antwoord op deze vragen kan je zoeken: Met welke vraag kom ik één stapje dichter bij de ander? (zonder bedreigend over te komen)
Een gesloten deur zwaait niet zomaar terug open. Indien je niet blij bent met ‘een deur op een kiertje’ kan nooit een grotere opening volgen. Misschien moet je wel eerst toelating vragen om een vraag te mogen stellen.
De regel is : hou je eerste vraag kort, zeer kort; je vraag mag jouw kwetsbaarheid tonen maar geen aandacht vragen voor jou; het gaat om de relatie  en je aandachtspunt richt zich op de ‘pijn’ van de ander.

Op zoek naar de waarheid die verzoent

Een zwarte ‘ex-crimineel’ tracht vandaag op het rechte pad te lopen. Toch wordt hij nog steeds negatief bekeken en afwijzend behandeld. Wanneer hij op een dag wordt gedood door de politie wordt hij een ‘slachtoffer’ en wordt de politieagent een ‘dader’ en voor sommigen een ‘crimineel’. De gedode zwarte man wordt binnen de context van het eeuwenlange racisme in de VS daarmee voor sommigen een ‘held’ en zelfs een ‘heilige’.
“Als er gerechtigheid komt voor je vader, zullen we op weg zijn naar raciale gerechtigheid in de VS”, zei Joe Biden, de Democratische presidentskandidaat tegen het meisje, “Dan zal je papa de wereld veranderd hebben”. Je kunt even rechtlijnig zeggen dat het gedrag van de politieagent dat heeft bewerkstelligd. (Dit is geen cynische opmerking.)
Neen, niet de gedode zwarte man heeft iets veranderd en evenmin de politieagent.
Wij kunnen iets veranderen door de manier waarop wij nu antwoorden op de situatie en op wat er (weer) is gebeurd, in de VS maar ook in eigen land.
Het huidig discours wijst terecht op grove onrechtvaardigheden maar de woorden zijn zo polariserend dat een waardige aanpak niet mogelijk is. We creëren daarmee een sfeer van vijandschap. Woede voelen is volkomen terecht, die agressief op de ander richten is dat niet, dat is een onvruchtbare houding, dat is meer van hetzelfde. Wraak leidt tot weerwraak, leren we uit de geschiedenis.
We hebben een ander denkpatroon en een ander taalgebruik nodig. Niet het rechtlijnig discours dat alles en iedereen in enge vakjes zet en dat spreekt in tegenstellingen (zwart-wit).
Er is evenmin eufemistisch of zalvend of verhullend taalgebruik nodig. We moeten zorgvuldig spreken! De zaken moeten helder op tafel komen, alle aspecten. Echter zonder te vechten en relaties te vernielen. We moeten leren systemisch te kijken naar wat er (weer) is gebeurd en nog steeds plaatsvindt.
We dienen meer dan ooit te verbinden en ethisch gezonde netwerken op te bouwen.

Albie Sachs kan ons nog steeds inspireren.(1) Hij was zelf slachtoffer van een (bijna) dodelijke bomaanslag door de politie van het Apartheidsregime in Zuid-Afrika. Als internationaal erkend jurist en rechter heeft hij na de wisseling van het regime geijverd voor rechtvaardigheid én verzoening (ook met de agent die de bom onder zijn auto had gestoken). Zijn zoektocht bracht hem bij het erkennen van vier waarheden. De vier waarheden vormen één systeem. Enkel door een dialoog tussen deze waarheden kan er gerechtigheid komen voor de slachtoffers, de erkenning van hun pijn en onrecht en kan tegelijk de stap gezet worden voor verzoening.(2)
Sachs noemt de eerste waarheid de feitelijke waarheid “microscopische waarheid” (microscopic truth) en stelt vast dat dit de eerste zorg is van een rechtbank: “of een bepaald persoon schuldig is aan onrechtmatig en opzettelijk doden van een andere persoon op een bijzonder moment op een bijzondere manier”. Deze waarheid is gedetailleerd en gefocust op de daad en op ‘feiten’.
De tweede waarheid noemt hij “logische waarheid” (logical truth): “de veralgemeende waarheid van stellingen, de logica inherent aan bepaalde beweringen … waar men toe komt via deductieve en afgeleide processen.” De focus is de manier van denken, de paradigma’s en uitgangspunten.
Sachs’ derde waarheid is de “ervaringsgerichte waarheid” (experiential truth). Dit sluit dicht aan bij wat de Waarheidscommissie de persoonlijke waarheid noemde: het verhaal van de gebeurtenissen zoals de betrokkenen dat beleefd hebben. Deze verhalen zijn “inzichten in pijn” en vormen een verhalende waarheid.
Voor de vierde waarheid tenslotte spreekt Sachs over de “dialoog waarheid” (dialogical truth): “dit houdt elementen in van de microscopische, de logische en de ervaringsgerichte waarheden, maar het neemt deze op in en het groeit door het (denk)beeld van een gemeenschap van vele stemmen en veelvoudige perspectieven (the notion of a community of many voices and multiple perspectives).
In het geval van Zuid Afrika (FG: toen en de VS vandaag), is er geen unieke correcte manier om te beschrijven op welke manier de grove schendingen van de mensenrechten plaats vonden. Er is niet één verslaggever die kan beweren dat hij/zij het enige definitief juiste perspectief bezit.”

Dit is geen post-modernistische suggestie dat objectieve waarheid niet zou bestaan. Het is veeleer de vooropstelling dat de weg naar zulk een waarheid verloopt via een zeer intense en vaak emotionele dialoog die begrensd wordt door het zorgvuldig uitpluizen van het bewijsmateriaal, om te komen tot een veel-kleurige, multi-perspectieven versie van de waarheid.

(1) Lees meer over Albie Sachs in Sachs, Albie en de vier waarheden – Op zoek naar de waarheid die verzoent → Korte teksten
(2) Lees meer in het hoofdstuk Wat is waarheid? in Hoe je zelf feiten creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten

 

Vraag van de week (22)

Welke vraag kan een ruzie helpen ophouden?

Ik geef toe, deze vraag is een persoonlijke uitdaging. Ik ben verzeild geraakt in een situatie waarin ik zelf dien te zoeken naar een ‘juiste’ vraag als antwoord op deze vraag van de week.
Ik heb ervaring met verschillende manieren waarop een ruzie niet ophoudt, waardoor een conflict blijft bestaan, of erger, nog wordt versterkt. Conflict vermijdend gedrag leidt niet naar een gezonde relatie. Dat heb ik met schade en schande moeten vaststellen. Uiteindelijk kom ik terug bij de basis van goede interactie: een vraag.
Nu is een vraag geen wondermiddel. Er zal wellicht in geen enkele conflictueuze situatie een vraag kunnen worden gesteld die eensklaps de zaak oplost. De ‘oplossing’ gaat steeds om een ‘af te leggen weg’. Het is niet een punt op de horizon maar de weg die je samen aflegt van het punt waar je nu staat naar de volgende stap en dan naar de volgende stap en dan naar …
Om deze beweging te starten is een vraag nodig. Aangezien iedere situatie contextueel is, d.w.z. beïnvloed wordt niet alleen door de ‘spelers’ maar door het ganse ‘speelveld’, zal telkens een erg concrete en specifieke vraag nodig zijn.
Ik ben inmiddels zeer goed in het stellen van vragen maar voor het conflict dat ik wens te veranderen sta ook ik voor een flinke opdracht. Hoe stel ik een vraag die verwijst naar een ‘opening’, naar een ‘weg’ die volledig open ligt om … gecreëerd te worden door ons beiden (de ‘weg’ is er nog niet)? Met welke vraag verleid ik de ander om te kijken naar de ‘opening’? Hoe stel ik een vraag waarin geen ‘oplossing’ schuilt (want dat zou een vooropgezet ‘eindpunt’ zijn en vertrekt vanuit mijn zienswijze, niet vanuit een zienswijze waar we beiden vanop een afstand kunnen kijken)? Hoe stel ik een vraag waar toch niet stiekem mijn mening in verpakt is?
Mijn ‘huiswerk’ bestaat inmiddels uit een aantal vragen die ik in een netwerk noteer. Ik zal een keuze moeten maken. Echter geen beslissing op basis van rationeel innerlijk overleg of overleg met mijn leermaatje. Wel werken op basis van mijn ‘uitgezuiverd gevoel’. Ik ga nog even op mijn meditatiematje zitten.