Tagarchief: Eigen kracht

Acht vragen (4) – Overvloed aan informatie

De rubriek ‘Acht vragen’ biedt je een Vragenkompas aan met vragen uit de acht richtingen rond een algemeen geformuleerde vraag. Deze vragen zijn een opstap, om nog andere, concrete vragen te vinden op jouw werkvraag. Hoe formuleer je jouw werkvraag? Deze rubriek geeft dus geen oplossingen of tips hoe jij het moet aanpakken.
De tekst ‘Ter inspiratie’ die volgt biedt je enkele korte inspirerende gedachten aan.

Hoe beslis ik bij een overvloed aan informatie?

Andere vragen van lezers:
Hoe ga ik meer doen ipv te piekeren en in cirkels te redeneren?
Hoe hou ik me staande tussen angst-profeten, hoera-profeten, anti-profeten en de alternatieve visies die mijn vrienden met me delen?
Hoe laat ik me niet verlammen door een overvloed aan informatie?

Het Vragenkompas is contextueel, d.w.z. dat bij alle vragen die je kunt stellen de vraag er bovenop luidt: Hoe beïnvloedt de context deze vraag en het antwoord? Klik op de afbeedling om ze te vergroten of te downloaden.

Ter inspiratie

Reeds een aantal jaren groeit de informatie waarover we kunnen beschikken en het aantal gegevens om rekening mee te houden ontzettend snel. De grote moeilijkheid is niet louter de overvloed op zich. De hoeveelheid gegevens zal alleen maar toenemen. De moeilijkheid is het beoordelen van de ernst van de gegevens en het kiezen, kiezen welke informatie relevant is en welke niet en voor welke vraag. Via onze erg open houding naar nieuwsberichten in kranten, op radio, tv en sociale media krijgt ons brein iedere dag een massa gegevens te verwerken.
Is het allemaal relevante informatie? Welk doel dient het aandacht geven aan deze massa gegevens? Welke behoefte schuilt er bij jou die hunkert naar die informatie? Hoe groot is jouw ‘media-honger’?
Vandaag wordt in rijke landen meer gegeten dan het lichaam echt nodig heeft, meer dan een antwoord op de fysieke honger. Er is een ‘emotie-honger’ die vooral grijpt naar ongezonde voedingsmiddelen. De grote hang naar informatie lijkt meer op ‘emotie-honger’ dan op de nood aan relevante gegevens om te kunnen ontwikkelen. Het is ‘media-honger’ of ‘sensatie-honger’.
Je wordt daarenboven vandaag meer en meer teruggeworpen op je individuele oordeelsvorming. Je moet in de ganse wirwar van gegevens tot een eigen besluit komen en zelf een beslissing nemen. Maar vooral, je mag je niet laten verlammen door de veelheid aan tegenstrijdige informatie.
• Op welke vraag wil je een antwoord?
Zomaar gegevens verzamelen, zonder doel, kan leuk zijn, ontspannend of voor verstrooiing zorgen. Het is echter niet een effectieve manier om kennis te verwerven of een besluit te vormen, laat staan om een beslissing te nemen. Het is nog minder efficiënt om uit angst in het wilde weg nieuws te vergaren of allerlei gegevens bij te houden. Het dagelijks volgen van de nieuwsberichten of de berichten op sociale media zorgt in de meeste gevallen veeleer voor verwarring.
Vandaag zijn we in een situatie belandt waarin het belangrijk is om streng je informatiebronnen te selecteren en bijgevolg te beslissen welk medium je niet bekijkt, welke berichten je niet leest.
Het is nodig je de vraag te stellen op welke vraag je een antwoord zoekt. Formuleer eerst de vraag, dat helpt je bij de selectie van de gegevens.
• Om welk soort ‘informatie’ gaat het?
In de meeste gevallen ontvang je geen heldere gegevens of feiten (1) maar interpretaties, meningen, veronderstellingen, extrapolaties, invullingen, oordelen of zelfs fake news, verdraaiingen, vervormingen.
Stel de kritische vraag: Op welke gegevens is deze uitspraak gevestigd? Door wie en hoe werden de ‘feiten’ vastgesteld?
Onder iedere informatie zit tevens een mens- en maatschappijvisie. Er bestaat niet zoiets als ‘neutrale informatie’. Ook ‘wetenschappelijke gegevens’ zijn niet vrij van een visie op de mens als individu, als sociaal wezen en als deel van de natuur. De meeste wetenschappelijke studies vertrekken van een lijnig causale gedachtengang (oorzaak – gevolg). Niet zelden vertrekken ze vanuit de scheiding tussen lichaam en geest. Wie vertrekt van een systemische visie zegt dit gelukkig uitdrukkelijk. Het is vaak moeilijk om aan te voelen welke denkbeelden aan de basis liggen van de aangeboden gegevens. De onderliggende overtuigingen bepalen wel mee jouw denken en besluiten.
• Zoek je naar dat wat ‘ontegensprekelijk waar’ is of zoek je naar datgene wat jou op dit ogenblik een groter inzicht verschaft op je vraag?
Er zijn mensen die de wereld indelen in ‘waar’ versus ‘onwaar’ of in ‘dit is waarheid’ versus ‘dit is een onwaarheid of vals’. Zij kunnen alleen maar verder indien bepaalde informatie helemaal ‘waar’ is volgens hun referentie-waarheid.
Daarnaast zijn er mensen die weten dat wat vandaag ‘waar’ is morgen – met nieuwe gegevens – ‘minder waar’ kan zijn. Zij onderzoeken of de nieuwe gegevens vandaag hun inzicht vergroot, dan wel dat ze daarmee ongezonde twijfel op zich laden. Bij gezonde twijfel, twijfel je over de inhoud van de kennis, bij ongezonde twijfel, heb je twijfels over jezelf. (2)
Of zoals Nietzsche de vraag formuleerde: Verzwakt bepaalde kennis mijn leven of laat die kennis mijn leven juist floreren?
• Wie verkies je als een autoriteit?
We hebben allemaal nood aan een autoriteit die voor ons het waarheidsgehalte bepaalt van de informatie: een wetenschapper, een filosoof, een of andere professor, een ervaringsdeskundige, een geestelijk leider, een politiek leider, een therapeut, … (3) Voor ieder kennisterrein kan je een andere persoon als autoriteit beschouwen. Iemand als een autoriteit zien betekent hem/haar vertrouwen schenken. Vertrouwen geven is geen rationele afweging. Aan wie geef jij vertrouwen? Op welke basis? In de meeste gevallen zoek je bevestiging voor datgene wat je vermoedt of datgene wat je graag wilt horen. Iemand die jou tegenspreekt zie je niet makkelijk als autoriteit ook al heeft die persoon een zeer grote kennis en ervaring op een bepaald terrein.
Naar welke autoriteit je verlangt hangt af van je antwoord op de vorige vraag. Indien je de ‘waarheid’ zoekt heb je een ‘hoge autoriteit’ nodig. In het andere geval kijk je kritisch naar de kwaliteit van de gegevens en hoeft de autoriteit van de auteur niet boven alles en iedereen verheven te zijn. Bv. een expert-viroloog is enkel een autoriteit op zijn vakgebied. Behandel hem/haar niet zonder meer met gezag op andere terreinen.
• Wil je een besluit nemen of sta je op het punt om te beslissen?
Besluiten is een (voorlopige) conclusie trekken, een (voorlopig) punt zetten als afronding van een proces van wikken en wegen. Besluiten heeft wens-karakter, intentie-karakter. Daar blijft het bij. Een besluit kan morgen weer worden gewijzigd. Niemand draagt verantwoor-delijkheid. Er is ook geen garantie dat een besluit wordt uitgevoerd. Bij het besluiten wacht je nog om te beslissen (eigenlijk beslis je om niet te beslissen).
Beslissen betekent dat je werkelijk de stap zet naar de actie, dat je de intentie van een besluit omzet in een actie, in een gerichte daad én dat je er de verantwoordelijkheid voor opneemt. Een beslissing kan niet worden gewijzigd enkel aangevuld door een nieuwe beslissing. Doen is beslissen, beslissen is doen. Al je handelingen drukken je beslissingen uit, of je daar nu over hebt nagedacht of niet. Je beslist meestal onbewust, uit gewoonte.

(1) lees het hoofdstuk ‘Vier soorten feiten’ p. 12 in Hoe je zelf ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten
(2) Lees het hoofdstuk ‘Leerrijk mét onzekerheid en twijfels’ p. 33 in de tekst Leerrijker worden kán! → Korte teksten
(3) Lees het inleidend hoofdstuk ‘Wat zijn feiten?’ in de tekst Hoe je zelf ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten

Acht vragen (3) – Conflictvermijdend

De rubriek ‘Acht vragen’ biedt je een Vragenkompas aan met vragen uit de acht richtingen rond een algemeen geformuleerde vraag. Deze vragen zijn een opstap, om nog andere, concrete vragen te vinden op jouw werkvraag. Hoe formuleer je jouw werkvraag? Deze rubriek geeft dus geen oplossingen of tips hoe jij het moet aanpakken.
De tekst ‘Ter inspiratie’ die volgt biedt je enkele korte inspirerende gedachten aan.

Hoe voorkom ik conflictvermijdend gedrag?

Andere vragen die ik heb ontvangen:
Hoe zorg ik er voor dat ik niet meer met mijn partner in conflict geraak?
Hoe leer ik conflictvermijdend gedrag af?

Hoe kan ik een conflict positief aanpakken en zien als een leerkans?
Hoe kan ik mijn mening geven zonder in een conflict te geraken?
Hoe voorkom ik dat een ruzie escaleert?

Om het Vragenkompas te vergroten of te bewaren, klik op de illustratie.
Het Vragenkompas is contextueel, d.w.z. dat bij alle vragen die je kunt stellen de vraag er bovenop luidt: Hoe beïnvloedt de context deze vraag en het antwoord? Klik op de afbeedling om ze te vergroten of te downloaden.

Ter inspiratie

Een ‘conflict’ is een spanning tussen (grote) verschillen in waarden, belangen, behoeften, verlangens, doelen of plannen. Wanneer dit binnen in jou gebeurt spreken we van een ‘innerlijk conflict’, in het andere geval gaat het om een ‘uiterlijk conflict’. In beide gevallen gaat het om een ‘relationeel conflict’. Een conflict is het tipje van de ijsberg, d.w.z. er liggen verschillende lagen onder waarop het innerlijke, voelbare of uiterlijke, zichtbare conflict steunt.
Een conflict vermijden doe je wanneer je de groeiende spanningen binnen het relatie- en interactieveld niet wilt of kunt zien, herkennen en erkennen. (1) Je belandt dan op een eenzijdige randpositie in het relatieveld = ver van het midden waar je vlotter van positie kunt wisselen.


Onder conflictvermijdend gedrag zit een behoefte en een belang dat niet wordt erkend, door geen enkel van de ‘partijen’, ook niet door de betrokkene zelf.
Door conflictvermijdend gedrag worden spanningen onder de oppervlakte gestopt. Ze leven verder in het donker. Je ziet daardoor een conflict niet meer aankomen. Op een dag komt het wel naar boven, de ontsteking barst open en de etter moet er uit.
Conflictvermijdend gedrag kent vele gezichten.
Het klassieke beeld is die van de persoon die kiest voor: pleasen; lief zijn ook al voelt hij/zij zich anders; teveel water in de wijn doen; snel en met (te)veel akkoord gaan; snel de ander sussen of kalmeren; schuld op zich laden; in de schulp kruipen; irritatie verbergen (tot de emmer overloopt); vluchten in een ‘het komt wel allemaal goed’ verhaal, zich het slachtoffer voelen, … (= een randpositie ‘onder’ in het relatieveld).
Bij dit gedrag hoort het complementaire gedrag van de ander: beschuldigen; schuldinductie; verwijten; het eigen aandeel ontkennen; agressief emotioneel gedrag; emotionele chantage; de ander op afstand zetten; eigen gevoel van onmacht omzetten in een ‘heerser’-gedrag; …(= een randpositie ‘boven’ in het relatieveld). Ook dit is conflictvermijdend gedrag!
Ander conflictvermijdend gedrag is: zich als de ‘begripvolle helper’ gedragen; voortdurend willen helpen en daarbij de ander zien als hulpeloos; voluit Redden; niet kunnen omgaan met belangrijke verschillen in visie; de verschillen wegwuiven; niet zien dat men zelf gebaat is met hulp en begeleiding, … (= een randpositie ‘samen’ in het relatieveld).
Bij dit laatste gedrag hoort de complementaire positie: agressief reageren bij het minste teken van verschil in mening; niet willen luisteren en onmiddellijk in de aanval gaan; de ander wegduwen; een hoger muur optrekken tussen zichzelf en de ander; … (= een randpositie ‘tegen’ in het relatieveld). Voor het minste ruzie maken is conflictvermijdend!
In al deze eenzijdige randposities wordt vermeden dat er wordt gekeken naar de kern van de zaak, naar waar het werkelijk om gaat, naar de behoeften en belangen die verborgen worden gehouden. Je kijkt dan niet naar de opbouw van de verschillende lagen van het interactiepatroon dat tot een conflict kan leiden. Je bekijkt het gebeuren op een enkelvoudige causale manier en niet met een systemische bril (2): Wat ging vooraf aan het gedrag dat de ander nu toont? Welk gedrag van mij ging het gedrag van de ander vooraf en wat ging vooraf aan mijn gedrag? Binnen welke context gedroeg de ander zich zo? Hoe beïnvloedde de context mijn gedrag? Enz.
De uitweg schuilt in het opschuiven naar het midden van het relatieveld (= minder randgedrag) én in het evenwichtig balanceren rond ‘samen’ én in het goed zorg dragen voor jezelf én in het nemen van de verantwoordelijkheid voor je eigen gevoelens en gedrag én in het ophouden met willen begrijpen of begrepen willen worden. (3)
Steun van een leermaatje (4) of een professionele begeleider is hierbij van harte welkom.

(1) Meer over het relationele veld in: Hoe je beweegt binnen het relatie- en interactieveld? → Korte teksten
(2) Lees hier enkele bladzijden uit de tekst Drie grondpatronen om je leven te be-leven
(3) Lees het bericht van 23/3/20 ‘De ander willen begrijpen en begrepen willen worden’
(4) Lees hier twee bladzijden over ‘leermaatje’ uit De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing’?

Stel een ‘levende vraag’

Karel Appel (1921-2006) – Vragende kinderen 1949

Twee weken geleden plaatste ik het bericht ‘De zaken systemisch benaderen?’. Een systemische kijk is een element van de aanpak van de Pathfinder, van pad-vindend leiderschap, van mensen die meer ‘vindend’ dan ‘zoekend’ leven en anderen begeleiden.(1)
Een nieuwe rubriek: om de veertien dagen zal ik een element bekijken van de Pathfinder aanpak of het Pad-vindend Leiderschap. Vandaag: stel een ‘levende vraag’.
Wie gaat voor Pad-vindend Leiderschap heeft de vragende houding als basishouding. Zij stelt echter niet zo maar vragen. Zij stelt ‘levende vragen’, vragen die er hier en nu toe doen, vragen die leiden naar actie, naar verandering.
1.
Naar aanleiding van mijn oproep om een concreet thema voor de rubriek ‘Acht vragen’ kreeg ik op verschillende manieren een respons. Van sommigen kreeg ik een korte lijst met algemene begrippen: vrijheid, leiderschap, vrije wil, enz. Reeds eeuwen houden filosofen zich op een theoretische wijze bezig met deze begrippen, vooral in het Westen. In het oude China bekeken de denkers dat praktischer en hielden niet van louter theorie. Pad-vindend Leiderschap sluit aan bij deze laatste houding. Dan reflecteer je, denk je na, bekijk je de zaken vanop een afstandje maar je houdt dit het liefst erg concreet en praktisch. Je verkiest te werken met ‘levende vragen’.
Een ‘levende vraag’ is die concrete, persoonlijke vraag waar je hier en nu mee worstelt. Het is een vraag die in jou ‘leeft’; ze intrigeert je, houd je wakker, blijft aan je kleven. Het is voor jou geen theoretische kwestie. Het is een vraag waar het antwoord erop erg toe doet. Het antwoord is voor jou van ‘ontwikkelingsbelang’; d.w.z. met het antwoord gaat het groeien en ontwikkelen een stap vooruit.
Een ‘levende vraag’ is een vraag waar je als vraagsteller verantwoordelijkheid voor neemt: “Ja, ik stel die vraag en ik zal me inspannen om daar een antwoord op te vinden.”
Een voorbeeld: “Hoe verdeel ik ‘rechtvaardig’ mijn bezit onder mijn kinderen? Is dat ‘in gelijke delen’ verdelen?” Met zo’n vraag wordt het thema ‘rechtvaardigheid’ levend, het is geen theoretische kwestie meer, het antwoord heeft consequenties.
Filosoferen over begrippen en algemene, grote thema’s is erg nuttig werk. Het is zoals het fundamenteel onderzoek in de wetenschap. Je hebt dat onderzoek nodig om daaruit praktische toepassingen te bedenken, te onderzoeken, te testen en aan te bieden. Echter, enkel de wetenschappelijke toepassingen kunnen leiden tot bv. een medicijn dat een ziekend mens kan helpen. Op deze wijze ben ik niet wars van filosoferen rond algemene thema’s of om ze filosofisch theoretisch te onderzoeken. Het wordt anders wanneer ik de antwoorden wilt testen en toepassen in concrete situaties. Dan heb ik een concrete, ‘levende vraag’ nodig van iemand die ergens tegenaan loopt. Dan nodig ik uit voor wat ik ergens anders een ‘brandende vraag’ heb genoemd, een vraag die niet langer kan blijven wachten, een vraag die dringend moet worden aangepakt. Een ‘brandende vraag’ is een erg warme ‘levende vraag’. (2)
Wil een dialoog, een zoektocht of een vind-avontuur constructief en vruchtbaar zijn dan heb je concrete ‘levende vragen’ nodig, geen algemene, veronderstellende vragen.
Nog teveel gesprekken, overlegmomenten, vergaderingen, e.d. verzanden in een teveel aan woorden omdat ze niet vertrekken van een échte vraag of omdat ze afglijden naar een theoretisch perspectief. Het ‘Socrates gesprek’ is voor velen een aangenaam spel. Voor Pathfinders is het stellen van ‘levende vragen’ een ernstig gebeuren; de vraag en het antwoord doen er erg toe. Het gebruik van het Vragenkompas is daarbij een onmisbaar instrument. (→ de rubirek ‘Acht vragen’)
In de volgende bijdrage rond Pad-vindend Leiderschap (over twee weken) bekijk ik een aansluitend element : stel fundamentele vragen.
2.
Een tweede punt voor pad-vindend leiderschap: laat het stellen van de vraag en het vinden van een antwoord niet louter afhangen van woorden. De meeste mensen gebruiken uitsluitend de woordentaal. Dit is zeer nuttig maar tegelijk beperkt het je perspectief. Het stellen van de ‘juiste’ vraag is erg gediend met andere talen en dan vooral met de beeldende talen: tekenen, schilderen, beeldhouwen, musiceren, performen, collages maken, filmen. Het stellen van de ‘levende vraag’ vanuit een van die talen kan veel meer duidelijkheid scheppen en het inzicht verruimen. Voor het vinden van een antwoord is de inbreng van de beeldende talen van ‘ontwikkelingsbelang’. (3)
“Logica brengt je van A naar B. De verbeelding brengt je overal.” (A.Einstein)

Voor de rubriek ‘Acht vragen’ zet ik de persoonlijke, concrete vragen die mij worden toegestuurd om in een formulering waarin iedereen zich kan herkennen (en de oorspronkelijke vraagsteller toch anoniem blijft). Het blijft een ‘levende vraag’ wanneer de lezer de vraag herkent en zegt “Die vraag stel ik ook.”.
Volgende week in die rubriek: “Hoe voorkom ik conflictvermijdend gedrag?

(1) Lees meer in het gratis boek: Pathfinder – Samen de juiste weg vinden → Boeken
(2) Lees hier het hoofdstuk over de brandende vraag uit het boek De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing?
of lees de tekst “Wie heeft er een probleem? Ik, hij, zij of wij?” → Korte teksten
(3) Lees meer in de tekst “De kunst van het vragen” → Korte teksten

Acht vragen (1) – Werkvraag 2021

Ik daag mezelf uit om dit jaar iedere week een Vragenkompas te vullen met minstens acht vragen. Ik start dus  iedere week met een concrete werkvraag. Je mag me helpen door me een werkvraag te sturen, iets waar jij tegenaan loopt. Je vraag wordt anoniem behandeld.

Het doel van de rubriek ‘Acht vragen’ is je aan te zetten om je actuele brandende werkvraag te stellen, de ‘juiste’ vragen te formuleren, de gepaste oplossing te vinden en zo je ‘eigen kracht’ te versterken. De meer dan twintig Vragenkompassen van 2021 zijn een onderdeel van de leerweg naar het stellen van de ‘juiste’ vragen.(1)

Wat is mijn werkvraag voor 2021?

De vragen in het Vragenkompas kunnen jou inspireren om op een andere manier een gesprek te starten, met jezelf of met iemand die je ontmoet. Herhaal de vragen die hier staan niet letterlijk maar giet ze in een formulering die past bij de betrokken persoon en bij de context.

Het Vragenkompas staat los van een standpunt en geeft niet aan welke keuze je moet maken. Je kunt er op een constructieve manier alles mee in vraag stellen. Het Vragenkompas is contextueel, d.w.z. dat bij alle vragen die je kunt stellen de vraag er bovenop luidt: Hoe beïnvloedt de context deze vraag en het antwoord?
Klik op de afbeedling om ze te vergroten of te downloaden.

Inmiddels heb ik besloten om de rubriek Acht vragen om de twee weken te publiceren. Ik heb reeds boeiende thema’s gekregen en kan al een aantal weken verder. Waarvoor dank.
Werkvragen zijn nog steeds welkom.
Volgende keer gaat het over de vraag hoe je met meer kans succes kunt halen (bv. rond je werkvraag voor 2021 = De ‘Acht vragen’ van vorige week)

Het heeft er anderzijds voor gezorgd dat ik een andere rubriek in het oog kreeg: Pad-vindend Leiderschap. Die zal ik dan in de tussenliggende week publiceren.
Deze week gaat het over de vraag:
Wat maakt het voor ons zo moeilijk om de zaken systemisch te benaderen?

(1) Lees meer in De kunst van het vragen en het Vragenkompas → Korte teksten

Vraag van de week (50)

Op welke vraag, die tot op heden niet werd beantwoord, wil je wel erg graag een antwoord?

Er zijn interessante vragen die geen antwoord krijgen of, misschien beter, nog niet hebben gekregen. Vaak zijn het weetjes-vragen, interessant doch zonder levensbelang. Een antwoord is niet noodzakelijk om vrolijk verder te gaan. Ieder mens heeft echter minstens één vraag waarop een antwoord wél erg nuttig zou zijn, nodig, noodzakelijk, belangrijk, zeer wenselijk, … .
Wat is de vraag die jou al een tijdje bezig houdt en waarop je nog geen antwoord hebt gekregen ook al verlang je er zo naar? In welke mate wordt je gedreven door meer dan nieuwsgierigheid? Wat maakt die vraag zo belangrijk? Welke reële, concrete behoefte zit er onder? (1) Met welke andere belangrijke vraag is ze verbonden?
Van wie verwacht jij een antwoord? Op wiens bordje dient deze vraag dan te liggen? Hoe slaag je er in om die daar neer te leggen? Hoe lang mag het antwoord nog uitgesteld worden? Wat doe je wanneer blijkt dat het geen ‘juiste’ vraag is en dat er dus nooit een antwoord op kán komen? Hoe vorm je je vraag om zodat die door de betrokkene kan worden beantwoord? Indien je je vraag niet zelf kunt of durft te stellen, aan wie kan je vragen om jouw ‘postbode’ te zijn?
Wat betekent het voor jou wanneer je die vraag uiteindelijk voor ‘eeuwig’ laat rusten, zonder antwoord?
Je kunt een vraag ook koesteren als ‘vraag’ en zelfs geen antwoord (meer) willen. Hoe voelt dat dan voor jou? Hoeveel innerlijke rust geeft jou dat? Hoe velt het om gewoon te genieten van het feit dat een vraag een ‘vraag’ is en in jou blijft vragend werken? Welke vraag houdt jouw gezonde twijfel in vorm? (2)

(1) Raadpleeg de lijst met concrete behoeften achteraan in het boek De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing’? (p.210) Tip: je kunt deze pagina raadplegen op je computer zonder dat je het volledige boek moet downloaden, gewoon klikken op download hier en op je scherm naar de betrokken pagina gaan. → Boeken
(2) Lees meer over ‘gezonde twijfel’ in het hoofdstuk ‘Leerrijk mét onzekerheid en twijfels’ in de tekst Leerrijker worden kán! → Korte teksten