Tagarchief: Eigen kracht

Wat doet je grijpen naar een theorie of een patroon?

Ik heb lang getwijfeld bij welke bestaande tekst ik deze gedachten zou plaatsen want er waren verschillende kandidaten. Alle ‘Korte teksten’ houden verband met elkaar, verwijzen naar elkaar, werken samen. Uiteindelijk heb ik gekozen om er maar een afzonderlijke publicatie van te maken: Wat doet je grijpen naar een theorie of een patroon? → Korte teksten
Zoals vele mensen zoek je naar een heldere theorie en handige concepten. Het liefst wil je een sluitende, allesomvattende verklaring voor wat er in en rondom jou gebeurt. Je wilt graag dat je alles, van de meest eenvoudige fenomenen tot de meest complexe of aangrijpende ervaringen, een plaats kunt geven binnen één samenhangend en sluitend verhaal.
Op het ogenblik dat je iets een ‘feit’ noemt en alvorens te verdedigen dat het een ‘feit’ is, is het nuttig om even vanop een afstand na te gaan wat je voelt en wat je op dit ogenblik doet handelen én naar de behoefte die er onder schuilt. Je creëert niet zomaar een ‘feiten’, welke van de vier dan ook.(1) Zeer vaak blijkt er een verband te bestaan tussen de kracht waarmee je een ‘feit’ naar voor brengt en een menselijke behoefte in jou. Ze vormen de basis voor het creëren van ‘feiten’.
Op het ogenblik dat je kiest voor een grondpatroon,(2) een theorie, verklaring of concept, is het nuttig om even na te gaan wat je doet grijpen naar die theorie én te kijken naar de menselijke behoeften die onder je intenties schuilen. Met ‘menselijke behoeften’ bedoel ik behoeften voorbij de basisbehoeften die we gemeen hebben met de dieren (veiligheid, beschutting, voeding, steun van een groep). Ze vormen de basis voor het creëren van theorieën en concepten én van de keuze van het grondpatroon dat je hanteert. 
Meer in het bijzonder wijzen de menselijke behoeften zeer sterk in de richting van een vorm van het lijnig grondpatroon en soms naar het systemisch grondpatroon. Je behoeften anders aanpakken kan helpen om het lemniscatisch grondpatroon te verkennen.

(1) Lees meer in: Hoe je zelf feiten creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten
(2) Lees meer in: Drie grondpatronen om je leven te be-leven → Korte teksten

Vraag van de week (19)

Met welke vraag zet je je bekommernis om in actiegerichtheid?

Een belangrijk element in het opbouwen van je zelfbeeld, van de persoon waarvan jij zegt ‘Dit ben ik’, is je bekommernis. Het is een drijfveer, het zet aan tot een sterke intentie.
Voor wie ben jij bekommerd vandaag? Voor welke situatie voel je je erg bekommerd vandaag? Waar geef je écht om?
Bekommernis kan betekenen (= wat er in de woordenwolk zit van dit begrip): sterk betrokken voelen, erg bezorgd zijn, een sterke verbinding hebben, er steeds klaar voor staan, extra aandacht hebben, bereid zijn om iets moeilijk te doen, er 100% voor klaar staan, steeds bereid zijn om alles te laten vallen waar je mee bezig bent en tijd te maken, blijvend engagement, de eerste prioriteit, alles doen wat nodig is om te slagen, je leven er voor in de waagschaal stellen, aan de grens van de actie staan, klaar staan om in te grijpen, bij het hart gegrepen worden, er vaak van wakker liggen, echt geven om iets, …
Bekommerd zijn om iemand of iets voelt sterker, dringender en dwingender aan dan bv.: verlangen naar, graag hebben dat, interesse hebben in.
Je bekommernis wijst naar een behoefte bij jezelf. Het werkt als een spiegel. Je bent bekommerd om iets dat met jou heeft te maken, met iets dat past in jouw biografie, bij jouw ‘natuur’. Naar welk stukje in jou wijst je bekommernis? Hoe bekommerd ben je voor jezelf?
Bekommernis wérkt niet wanneer er geen daad op volgt. Het is een ‘vaststelling’, een intentie, een eerste stap waarop de vraag volgt ‘So what?’. Bekommernis heeft een actiegerichte vraag nodig wil het echt werkzaam zijn. Welke vraag kan je bekommernis in de actie-modus zetten? Hoe zet je je bekommernis in de eerste versnelling?

Vraag van de week (18)

Welke vraag stelt de leraar in jou vandaag aan je?

Voor het leren zijn we zelf verantwoordelijk. Voor het aanleren zijn onze ‘aanleerders’ voor een groot deel verantwoordelijk.(1)  Wij zijn een stukje mee verantwoordelijk want we hebben, zodra we jong-volwassen zijn, de keuze hoe we omgaan met onze ‘aanleerders’ en onze ‘aanleeromgeving’.
Er klinken in jou vele stemmen. Die hoor je wanneer je het even stil maakt. Een van die stemmen is een leraar in jou, een stem die je helpt bij het leren. Je hebben de keuze om naar haar te luisteren of niet.(2) Die leraar heeft zich in de loop van de eerste twaalf-zestien jaar van je leven ontwikkeld op basis van de leer- en aanleer-ervaringen die je hebt beleefd. Deze innerlijke leraar is niet perfect, net zomin als al je externe leraren. De grote kracht van de interne leraar is wel dat zij jou kent van binnenuit. Haar aandacht is gericht op het vergroten van jouw leercapaciteit, wat de externe aanleerders ook mogen beweren. Deze laatsten zijn zo gefocust op het aanleren (wat zij willen dat jij opneemt) dat ze weinig zicht hebben hoe de leerprocessen innerlijk bij jou verlopen. Dat is de taak van je innerlijke leraar en dus van jou.
De leraar in jou is aan te spreken zoals je een externe leraar een vraag stelt. Daarenboven is je eigen leraar 24 7/7 beschikbaar. Welke vraag zou je haar op dit ogenblik willen stellen? Op welke belangrijke vraag kreeg je van niemand ooit een afdoend antwoord? Anderzijds, welke vraag stelt de innerlijke leraar aan jou en hoor je niet? Ik ben overtuigd dat zij jou vaker een vraag stelt. Alleen, jij bent druk bezig met andere dingen. Om haar vraag te horen dien je even de tijd te nemen en het stil te maken. Wanneer je voortraast loop je haar voorbij. Probeer het eens, trekt je even terug en maak het eens stil. Wat hoor je? Wellicht willen de andere stemmen in jou meer op de voorgrond komen. Dus dien je uitdrukkelijk tegen alle stemmen te zeggen dat je wilt luisteren naar de leraar en dat de anderen even moeten zwijgen. Zelfs indien het een tijdje duurt vooraleer haar vraag klinkt, luister aandachtig en noteer op de een of andere manier haar vraag. Het is eeuwenoude kennis in vele culturen: spreek de leraar in jezelf aan.

(1) Over het onderscheid tussen ‘leren’ en ‘aanleren’ en wie je ‘aanleerders’ zijn (al diegenen in jouw leven die je iets willen aanleren) lees je meer in Leerrijker worden, het kán → Kort teksten
(2) Waar ‘zij’ en ‘haar’ staat, kan je even goed ‘hij’ en ‘zijn’ lezen. En wie weet is de innerlijke leraar bij sommige mannen wel een vrouw en bij sommige vrouwen wel een man.

Vraag van de week (17)

Welke vraag kan je jezelf stellen wanneer er onrust in je groeit?

Hoe langer de corona-sage duurt hoe onrustiger mensen worden. Jij ook? De lockdown was tot nu toe redelijk goed te verdragen. Echter hoe langer het duurt, hoe meer mensen naar het einde verlangen. Er is spijtig genoeg nog geen perspectief. Stapsgewijs krijgt de exit vorm maar er is nog geen volledig einde in zicht.
Waaraan herinnert jou de onrust die vandaag in jou groeit? Wanneer heb je ooit iets gelijkaardigs ervaren? Wat waren toen de omstandigheden? Het is wellicht niet de eerste keer dat je onrust voelt groeien. Het is waarschijnlijk wél dat je geen lockdown hebt moeten beleven. Zelfs al kan je de actuele onrust niet helemaal vergelijken met een vorige ervaring dan nog kan je iets leren over hoe jij – op jouw manier – best met de groeiende onrust omspringt.
Een van de meest efficiënte manieren van aanpakken is het stellen van vragen, of beter, het stellen van de vraag die er écht toe doet, nu. Hoe formuleer je die?
Eerst een stapje terug. Onder ieder gevoel schuilt een behoefte. Je behoeften zijn je diepste verlangens. Een verlangen naar wat er niet meer is, naar wat eens was of een verlangen naar iets dat er nog niet is, en dat je moeilijk kunt bereiken. Het is daarom nuttig om je bij onrust eerst af te vragen: Waar heb ik nu behoefte aan? Van een onmiddellijke, oppervlakkige behoefte stap je een trapje lager naar een meer fundamentele behoefte: Welke fundamentelere behoefte zit hier onder en wil een antwoord krijgen? Ik denk bv. aan: veiligheid voor mijn kinderen en voor mezelf, nabijheid en geborgenheid, autonomie, verdriet toelaten en rouwen, loslaten, ontspanning, innerlijke rust, erkenning, welzijn, verbinding. De volgende stap is het erkennen en toelaten dat je die behoefte hebt.
Dan is het nu tijd om de vraag te stellen. 1. Schrijf een aantal vragen op die spontaan in je opkomen. 2. Kies de vraag die je het meeste aanspreekt om iets te ondernemen. 3. Schrijf de vraag bovenaan een blad papier. De vraag verwoordt wat je wél wilt (dus niet wat je niet meer wilt). 4. Onderlijn het werkwoord in de vraag. 5. Noteer nu onder je vraag twintig andere werkwoorden als alternatief voor het werkwoord in je vraag, actieve werkwoorden geen passieve (bv. krijgen). Noteer synoniemen, associaties, tegenstellingen of zelfs gekke invallen. Ga snel tewerk en laat je niet afremmen door je innerlijke criticaster. 6. Kies vervolgens uit die twintig het werkwoord dat het best uitdrukt wat je nu, fundamenteel, nodig hebt. 7. Herformuleer je vraag. 8. Luister naar het antwoord dat onmiddellijk in je opkomt.

Vraag van de week (16)

Met welke vraag verander je klagen in een positieve reactie?

Deze vraag lag jaren geleden mee aan de basis van het boek De Blauwe Rivier oversteken dat in 2017 verscheen (→ Boeken) en dat op het einde van het jaar terug beschikbaar zal zijn, gratis ditmaal. Dat ik de vraag vandaag opnieuw stel wordt gestimuleerd door de actualiteit. Wordt er alleen in de middens waar ik contact mee heb en in de berichten die ik lees geklaagd over de maatregelen die de overheid neemt (te veel, te weinig, te vroeg, te laat, te weinig concreet, te betuttelend, …)?
Klagen is de meest gebruikte methode om sociaal contact te leggen en te onderhouden. Klagen biedt een uitlaatklep en voldoet daarmee aan een reële menselijke behoefte: even het hart luchten. Klagen over het weer komt als onderwerp op plaats 1. Dan volgt de overheid en de maatregelen dat die neemt, zoals onrechtvaardige belastingen en onnodige regelgeving. Dat was duizenden jaren geleden reeds zo en is nu nog het geval. In deze zin levert klagen een sociale bijdrage. Klagen lost echter niets op, wel integendeel. Het effect van deze wijze van contact leggen en onderhouden, is dat het het slachtoffergedrag versterkt. Het werkt als een neerwaarts draaiende spiraal. Klagen legt de verantwoordelijkheid altijd ‘buiten’. Iemand anders – een persoon of een instantie – moet iets doen om de situatie te doen keren (in de door de klagers gewenste richting wel te verstaan).
Met welke vraag zou jij een klager kunnen verbazen zodat hij even stopt en de andere kant uit kijkt? De andere kant is: zicht op een constructief antwoord of de aanzet voor een oplossing of een breder zicht op de situatie. Uiteraard kan het geen vraag zijn die ‘klaagt over de klager’. Evenmin een waarin zich een negatief oordeel verschuilt. Het dient alleszins een verbindende vraag te zijn want contact is de onderliggende behoefte bij de klager.

Er is slechts één letter verschil: van klachtgericht naar krachtgericht. Krachtgericht betekent: werken vanuit je ‘eigen kracht’, met je talenten én je beperkingen. Misschien kunnen de tien aandachtspunten van krachtgericht en oplossingsgericht werken je inspireren.(1)
(1) uit het boek: De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een probleem
 tot een duurzame oplossing?