Tagarchief: Gesprek

Vraag van de week (22)

Welke vraag kan een ruzie helpen ophouden?

Ik geef toe, deze vraag is een persoonlijke uitdaging. Ik ben verzeild geraakt in een situatie waarin ik zelf dien te zoeken naar een ‘juiste’ vraag als antwoord op deze vraag van de week.
Ik heb ervaring met verschillende manieren waarop een ruzie niet ophoudt, waardoor een conflict blijft bestaan, of erger, nog wordt versterkt. Conflict vermijdend gedrag leidt niet naar een gezonde relatie. Dat heb ik met schade en schande moeten vaststellen. Uiteindelijk kom ik terug bij de basis van goede interactie: een vraag.
Nu is een vraag geen wondermiddel. Er zal wellicht in geen enkele conflictueuze situatie een vraag kunnen worden gesteld die eensklaps de zaak oplost. De ‘oplossing’ gaat steeds om een ‘af te leggen weg’. Het is niet een punt op de horizon maar de weg die je samen aflegt van het punt waar je nu staat naar de volgende stap en dan naar de volgende stap en dan naar …
Om deze beweging te starten is een vraag nodig. Aangezien iedere situatie contextueel is, d.w.z. beïnvloed wordt niet alleen door de ‘spelers’ maar door het ganse ‘speelveld’, zal telkens een erg concrete en specifieke vraag nodig zijn.
Ik ben inmiddels zeer goed in het stellen van vragen maar voor het conflict dat ik wens te veranderen sta ook ik voor een flinke opdracht. Hoe stel ik een vraag die verwijst naar een ‘opening’, naar een ‘weg’ die volledig open ligt om … gecreëerd te worden door ons beiden (de ‘weg’ is er nog niet)? Met welke vraag verleid ik de ander om te kijken naar de ‘opening’? Hoe stel ik een vraag waarin geen ‘oplossing’ schuilt (want dat zou een vooropgezet ‘eindpunt’ zijn en vertrekt vanuit mijn zienswijze, niet vanuit een zienswijze waar we beiden vanop een afstand kunnen kijken)? Hoe stel ik een vraag waar toch niet stiekem mijn mening in verpakt is?
Mijn ‘huiswerk’ bestaat inmiddels uit een aantal vragen die ik in een netwerk noteer. Ik zal een keuze moeten maken. Echter geen beslissing op basis van rationeel innerlijk overleg of overleg met mijn leermaatje. Wel werken op basis van mijn ‘uitgezuiverd gevoel’. Ik ga nog even op mijn meditatiematje zitten.

Vraag van de week (20)

Met welke vraag blijf je sterker bij de kern van de zaak?

Ik ben vast niet alleen. Tijdens een gesprek of een overleg heb je je zover van het onderwerp verwijderd dat je de draad kwijt bent. Of tijdens een opzoekwerk raak je afgedwaald en voel je dat je teveel randinformatie aan het verzamelen bent. Vaak is dat geen punt omdat het over een alledaagse conversatie gaat of omdat je geniet van het grasduinen op het internet of omdat je in een creatieve bui bent. Over zulke situaties gaat het hier niet. Geniet van het verdwalen is dan de boodschap.
Soms is het echter wel vervelend omdat de situatie, privé of professioneel, vraagt dat je ernstig tewerk gaat en de tijd beperkt is. Je uitleg of je zoeken heeft meer tijd gekregen dan nodig is. Je hebt je laten verleiden door paden die niet onmiddellijk met de kern van de zaak te maken hebben. Hoe kom je op een vlotte manier terug op het ‘juiste’ pad? Vaak loop je dan in gedachte de weg terug. Dat vraagt opnieuw tijd en het is niet zeker dat je terug uitkomt waar je vertrokken bent. Kun je wel gewoon terug starten op het vertrekpunt zonder invloed van wat er zich tussen toen en nu heeft afgespeeld in je hoofd of in de communicatie?
Voorkomen is beter dan genezen. Een wijsheid zo oud als de mensheid. En toch, ‘de mensheid’ loopt die wijsheid nog steeds iedere dag voorbij. Je start een belangrijk gesprek of een overleg wellicht met een ‘onderwerp’ of een ‘agendapunt’. Je gaat op zoek op internet met een idee of een eenvoudig woord. Zo’n vertrekpunt vraagt om te verdwalen. Het is als lopen in een wijds landschap zonder paden en richtingaanwijzers. Een ‘agendapunt’ is een uitnodiging om veel informatie op tafel te leggen, een mening te geven, te discussiëren of te verkennen. Wil je gericht en efficiënt werken dan vervang je het punt door een vraag, de vraag waar het écht om te doen is. Wanneer de agenda wordt opgesteld, vraag je dan eerst af: Op welke concrete vraag wil ik op het einde van het overleg een concreet antwoord? Hebben we dit overleg om inzicht te vergroten en naar een besluit te werken of om een beslissing te nemen? (1)
Ja, het formuleren van de vraag waar het echt om gaat vergt tijd. In het begin (wanneer je nog niet geoefend bent) zal je meerdere vragen noteren. Het komt er op aan om goed te weten wat je wilt en dus om een scherpe vraag te stellen. Het is echter een voorbereiding die je veel tijd zal besparen … op het overleg. Een ‘juiste’ vraag is to the point, kort en krachtig, wijst recht naar waar je wilt landen, wijst indien nodig recht naar het ‘pijnpunt’, is open en dus niet suggestief en houdt geen oordeel in. Bij een volgend overleg: verander ieder agendapunt in een ‘agendavraag’.
Hetzelfde gaat op voor opzoekwerk. Start het opzoeken met eerst te noteren op welke vraag je een antwoord wilt. Het formuleren van de vraag zal je helpen om gerichter te zoeken en de juiste zoekwoorden in te tikken.


(1) Zorgvuldig taalgebruik graag
Besluiten is een (voorlopige) conclusie trekken, een (voorlopig) punt zetten als afronding van een proces van wikken en wegen. Besluiten heeft wens-karakter, intentie-karakter. Daar blijft het bij. Een besluit kan morgen weer worden gewijzigd. Niermand draagt verantwoordelijkheid. Er is  geen garantie dat een besluit wordt uitgevoerd; het blijft open.
Beslissen betekent dat je werkelijk de stap zet naar de actie, dat je de intentie van een besluit omzet in een actie, dat je een besluit nu omzet in een gerichte daad én dat iemand er de verantwoordelijkheid voor opneemt. Een beslissing kan niet worden gewijzigd enkel aangevuld of vernietigd door een nieuwe beslissing.

Vraag van de week (15)

Welke vraag heeft gezorgd voor de grootste doorbraak in je leven?

Weet je nog het moment waarop je leven een grote wending kreeg? Niet zomaar een verandering maar een flinke doorbraak. Het was een draai van 180°, een ongelofelijke Aha!, een keerpunt dat je leven volledig overhoop haalde (positief of negatief), een switch op het juiste moment en die zich nooit kon herhalen.
Er gebeurde iets dat je niet had zien aankomen. Iemand zei iets tegen je dat je niet had verwacht. Je bevond je plots in een situatie die je niet had kunnen voorzien. Iets sloeg in als een bom. Je werd overweldigd door een natuurfenomeen. Je hoorde je reageren met woorden die voor jezelf vreemd klonken, alsof ze niet van jou waren. Je kreeg een klap op je hoofd, zo voelde het, of werd door een bliksem neergeslagen.
Op zo’n moment was je helemaal in beslag genomen met wat er gebeurde. Je aandacht ging naar het effect, naar wat het met je deed en hoe je er op reageerde.
Er zijn verschillende manieren om naar zo’n gebeurtenis terug te kijken. Je kunt het bekijken als een geweldig toeval. Je kunt het beschouwen als een tussenkomst van ‘het universum’. Je kunt het vatten als ‘logisch’ gevolg van een interactiesysteem waarin je je op dat moment bevond. 
Een wat vreemde manier om zo’n moment te vatten is te luisteren naar de vraag die in en door het gebeuren aan jou werd gesteld. Alles wat je doet is een antwoord op een vraag. Alleen, je hoort zelden de vraag in de actie (tenzij ze uitdrukkelijk wordt gesteld).
Bijvoorbeeld: “Wil je werkelijk op deze manier verder gaan?” of “Hoe vaak moet dit je nog overkomen om het te zien?” of “Wat is je keuze, NU?” of “Hoe ga jij dit oplossen?” of “Om wie geef je het meest?” of “Hoeveel heviger moet de pijn zijn opdat je zou stoppen?” of “…. “
Door de vraag te horen, al is het jaren later, kan je oordelen of je reactie ‘volledig’ was. Vandaag kan je nog bijsturen. Het kan je ook aanzetten om dezelfde vraag nu als vraag te stellen aan iemand in je omgeving die zo’n vraag nodig heeft, nu.

Long ago I heard
That this is the road we must all
Travel in the end,
But I never thought it might
Be yesterday or today.

Lang geleden heb ik het vernomen
Dat dit  uiteindelijk de weg is
Die we allemaal hebben af te leggen.
Ik dacht echter nooit dat dit
gisteren of vandaag kon zijn.

Ariwara no Narihara (Japanse dichter, 825-880)

De ander willen begrijpen en begrepen willen worden

Dit bericht stond drie jaar geleden op de website van de Lemniscaat Academie. Meerdere signalen hebben me aangezet het opnieuw te publiceren: empathie of meevoelen met anderen wordt te snel gelijkgesteld met ‘de ander begrijpen’. Dit is ten onrechte. Empathie betekent dat je de ander volledig ‘de ander’ laat zijn en respecteert en de zaken leert zien door haar bril, zelfs als je haar niet begrijpt. Je bent in je empathie net als in iedere vaardigheid begrensd. Een dialoog blijft mogelijk zonder de ander volledig te begrijpen en begrepen te worden.

De ander willen begrijpen

Wanneer je echt naar iemand wilt luisteren of haar helpen of met haar samenwerken, stop dan met te trachten haar te willen begrijpen. Zet je veeleer in om te achterhalen welke de belangrijkste vraag is die op dit ogenblik in haar leeft. Wat is haar kernvraag op dit moment? (= de vraag die er écht doe doet, nu) Tracht haar gedachtengang waar te nemen, de wijze waarop zij gedachten vormt en innerlijke beelden hanteert … zonder te oordelen. Enkel zo kan je een vraag stellen die haar helpt om – vanuit haar denk- en betekeniskader – een zinvol antwoord te vinden op haar kernvraag.
Om de gedachtengang van de ander te kunnen waarnemen, is het nodig dat je je eigen denkkader even parkeert. Wat ‘logisch’ is voor haar hoeft niet logisch te zijn voor jou. Je hoeft het er niet alleen niet mee eens te zijn, je hoeft het zelfs niet te begrijpen! Je hoeft niet alles te kunnen begrijpen om goed te kunnen samenwerken. Wél aanvaarden dat dit nu haar logica is en het gesprek aangaan.
De bewering dat datgene wat jij niet kunt begrijpen ‘onbegrijpbaar’ is, klopt niet. Enkel jij kunt het niet begrijpen, nu. Alles wat je waarneemt, voelt, denkt en doet vertrekt vanuit jouw aannames en overtuigingen. Willen begrijpen vertrekt bv. vanuit de aanname dat jij haar kúnt begrijpen. Dat klopt niet met de werkelijkheid: je bent begrensd in datgene wat je kunt begrijpen.
Wanneer je tracht te begrijpen, doe je moeite om met jouw denkkader de logica van de ander te verstaan. Dat doet onrecht aan de ander. Help de ander om via haar eigen denkkracht, haar emotionele kracht en haar zingeving te zoeken naar haar zinvolle antwoorden. Haar zoektocht zal gans anders verlopen dan jouw zoektocht.
Willen begrijpen legt vaak een obstakel op de weg. Het is een obstakel omdat je niet de gepaste vraag stelt die iemand nu op weg zou kunnen helpen, haar weg, niet de weg volgens jouw inzicht. Het is een obstakel omdat je daardoor haar kracht beknot om zelf tot inzichten en keuzes te komen. Het is een obstakel omdat je hiermee haar zelfredzaamheid beperkt. Het is een obstakel omdat je in de meeste gevallen teveel verantwoordelijkheid op je schouders laadt en vroeg of laat als Redder optreedt.
Wil je de ander echt helpen? Help de ander om zichzelf te begrijpen! Daarvoor is het niet noodzakelijk dat jij  de ander begrijpt.
Wat is er wél nodig? Een vragende houding en de juiste vraag stellen. Je laat de verantwoordelijkheid waar ze hoort = bij de ander. Je stopt geen energie in alles willen begrijpen. Je houdt je bezig met het stellen van de juiste vragen en het scherp waarnemen hoe zij haar ‘probleem’ formuleert, welke overtuigingen daarin werken, wat zij wil bereiken, enz.
Ieder van ons vult de woorden die hij uitspreekt en die hij de ander hoort gebruiken iets anders in en voelt ze een beetje anders aan. Dit kan je dagelijks vaststellen. De eenvoudige oefening van een woordenwolk maken (1) kan je helpen om je bescheidener op te stellen. Daarnaast zorgt het voor meer helderheid in het gesprek.
Alles willen begrijpen is een broertje van perfectionisme.
Wanneer je eerst alles wilt begrijpen alvorens keuzes te maken en beslissingen te nemen vergeet je dat alles voortdurend verandert en dat het nodig is om regelmatig bij te sturen.

Begrepen willen worden

Dit is een valkuil waar velen onder ons in vastzitten: moeite doen om iets aan de ander uit te leggen zodat zij jou kan begrijpen. Steeds blijkt dat jouw behoefte om begrepen te worden een obstakel is in het vinden van goede antwoorden op jouw kernvraag (= de vraag die er voor jou écht doe doet, nu). 
Dat jij vraagt om begrepen te worden is zeer menselijk. Dat de ander dat vraagt is ook zeer menselijk. Voor het ontdekken van de vraag waar het echt om gaat en het vinden van een duurzaam antwoord is het evenwel niet nodig om begrepen te worden. Niet voor jou, niet voor de ander. Het is mooi meegenomen indien het gebeurt (of beter, indien je de illusie hebt dat het gebeurt) maar het is niet noodzakelijk om de zaken efficiënt aan te pakken.
Ik weet uit eigen ervaring hoe aangenaam het voelt wanneer ik ervaar “Deze persoon begrijpt mij.” (= op dit ogenblik, in deze context, voor deze situatie, bij deze vraag van mij). Daar kan ik van genieten. Ik ben echter gestopt met: “Ik wil eerst begrepen worden alvorens …”. Daardoor leg ik minder last op de ander, kijk ik naar wat er werkelijk tussen ons gebeurt en tracht ik daar constructief mee om te gaan. Dat doe ik ook wanneer ik beslis om “nee” te zeggen tegen de ander. Ik merk dat dit zowel mezelf als de ander veel ruimte biedt. (2) De ander hoeft echt geen moeite te moeten doen om mij te begrijpen. Het is lief indien het gebeurt.
Zodra ik het verlangen (of de vereiste) loslaat dat de ander mij begrijpt, kan ik de ander vrij laten in de manier waarop zij denkt, wat voor haar betekenisvol is, de waarden die voor haar belangrijk zijn, datgene waar zij in gelooft. Dan kan ik haar opmerkingen open ontvangen, zonder er eerst allerlei eisen aan te stellen. Enkel zo kan ik iets ontvangen dat buiten mijn denkkader valt! Ik heb dan niet de bevestiging dat mijn visie correct is maar wel een weg naar een duurzame oplossing.

(1) Lees meer in: Wat is een woordenwolk? → Korte teksten
(2) lees meer in: Hoe hou je het gesprek ‘in het midden’? → Korte teksten

Vraag van de week (10)

“Zijn er nog vragen?” (stilte) Wat is een alternatieve aanpak om af te sluiten?
Een andere vraag stellen?

Na een presentatie, een workshop of een lezing hoor je het nog te vaak: “Zijn er nog vragen?” Welk gevoel heb jij wanneer je in de zaal of de groep zit en je hoort deze vraag? In de meeste gevallen volgt er stilte. Het is duidelijk een onnodige vraag. Het is bedelen om een vraag. Klaarblijkelijk kan de spreker niet aanvoelen of er nog vragen leven. Klaarblijkelijk heeft de spreker niet gezorgd voor een sfeer waarin het gewoon is om hem of haar te onderbreken met een vraag. Klaarblijkelijk is de voorziene tijd nog niet op en moet die worden opgevuld (met iets anders dan een toemaatje van de spreker).
Toevallig of niet, meestal volgt de steriele vraag na een event dat niet eindigt met daverend applaus. Het was onvoldoende inspirerend of te lang of te … nu ja, saai. Een boeiend event maken is bijgevolg de eerste manier om niet de onnodige vraag te moeten stellen.
Je kunt ook een andere vraag stellen. Stel een vraag die verbazing opwekt. Of een vraag die een hevige reactie kan uitlokken. Of een vraag waarbij de deelnemers iets moeten doen.
Een tip: stel naar het einde van je workshop, presentatie of lezing een vraag die een gesprek op gang kan brengen tussen de deelnemers of de aanwezigen. Je kunt dit doen zelfs al heb je nog weinig tijd. Dat de deelnemers dan niet volledig het gesprek kunnen afronden in de tijd die jou werd gegeven, is geen obstakel; ze kunnen zonder jou wel verdergaan.