Tagarchief: Levensthema

Vraag van de week (1)

Op welke vraag wil je op het einde van het jaar een antwoord hebben?

De eerste ‘Vraag van de week’ van dit jaar is een bijzondere vraag.
Vele mensen stellen een doel voorop voor het komende jaar, de ene al concreter dan de andere. Nog meer mensen maken goede voornemens.
Ik heb een ander voorstel: formuleer een ‘jaarvraag’.

1) Stel een vraag die erg belangrijk is voor jou en waar je dus zeker het antwoord op wilt vinden; het is een intrigerende vraag, een vraag die aan je kleeft, een vraag die past bij je levenssituatie nu; tegelijk is het een vraag waar je het antwoord voor kunt uitstellen, je moet niet morgen het antwoord hebben, het is geen dringende vraag, daar is té belangrijk voor; formuleer de vraag zeer helder (klik hier voor de kenmerken van een scherp gestelde jaarvraag); gun jezelf de tijd om een goede vraag te formuleren, gebruik er de volgende week of weken voor.
2) Noteer de vraag op een papier of in een notitieboekje. Bekijk de vraag zeer regelmatig. Hang het papier op een plaats waar je vaak langs komt maar waar het niet ‘publiek’ is (dus niet in het toilet). Staat de vraag in een boekje, blader dan regelmatig naar die bladzijde.
3) Maak de afspraak met jezelf dat je pas op het einde van het jaar zult vastleggen wat het definitieve antwoord is, niet eerder.
Wanneer je in de loop van het jaar een ingeving of een antwoord ontvangt, noteer je dat als ‘voorlopig’. Noteer ook af en toe wat de vraag met je doet, welke gevoelens ze oproept, wat je geneigd bent te ondernemen. Wanneer de formulering van je vraag een aanpassing nodig heeft, doe dat dan. Het zou verwonderlijk zijn indien in de loop van het jaar daar geen behoefte aan groeit.
Je engageert je enkel naar jezelf toe. Je hoeft je vraag niet te delen met anderen. Doe je dat wel dan vergroot je de druk om vol te houden. Dat is voor sommigen een dankbare steun.

De uitdaging van deze oefening is tevens haar kracht: de tijdsduur, een gans jaar. Naast al het snelle en actieve in je leven, kan je beleven wat ‘vertragen’ concreet betekent. Je kunt ervaren hoe het begrip ‘belangrijk’ werkelijk voor jou aanvoelt. Je leert genieten van wat er dit jaar allemaal ‘toe-val-lig’ op je afkomt. Je ontdekt de weldaad van het niet-weten (lees meer in:
Wu-wei – Bereik meer door actief niet-doen → Korte teksten).

Vraag van de week (53)

Wat is de laatste vraag die jij nog zou willen stellen aan iemand van wie je afscheid moet nemen?

Afscheid nemen is zelden prettig. Wat moet je nog zeggen, wat kun je nog vragen?
Wanneer het een definitief afscheid is weten we vaak niet meer wat gezegd en zeker niet wat gevraagd.
Wanneer is het goed om bij een afscheid nog even een vraag te geven aan wie vertrekt?
Een vraag waar niet onmiddellijk een antwoord op moet volgen. Misschien een vraag die nog een draadje legt tussen hier en ginder, tussen wat was, nu en later.
Een vraag bij de laatste handdruk, de laatste knuffel, op de luchthaven, op het perron?
Een vraag die je tussen de kleren in de koffer van de vertrekker stopt?
Een vraag die je met een kaartje nog nastuurt?
Zou je graag als vertrekker nog een allerlaatste vraag willen ontvangen? Om te koesteren op je reis? Kan een vraag op zo’n moment je wat troost bieden? Welk soort vraag is dat dan?

Vraag van de week (51)

Welke vraag heeft je ooit dermate verbijsterd dat ze nog steeds in jou leeft?

Sommige vragen kunnen je zo uit je lood slaan dat je ze niet onmiddellijk kunt beantwoorden; ze blijven ‘hangen’. Soms heb je uiteindelijk wel een antwoord maar voel je dat dit niet volledig is, de vraag is niet helemaal weg.
Zo’n vraag blijft in jou leven en steekt af en toe, wanneer de omstandigheden daar aanleiding voor geven, weer de kop op.
De vraag zal om je aandacht blijven vragen tot je ze volledig hebt beantwoord.
Het kan vervelend aanvoelen. Toch kan je er op een andere manier naar kijken: het is een vraag die naar een wezenlijk element van je leven wijst.
Zie het als een kind dat blijft ‘zeuren’ maar waarbij je uiteindelijk beseft dat het kind terecht blijft vragen.
Heb je ook zo’n vraag? Pak ze aan.
Ik kan je daar bij van dienst zijn. Groetjes, Francis

Vraag van de week (49)

Welke vraag, in welke context gesteld, heeft je de ruimte en de veiligheid geboden om je gevoelens te uiten?

Je weet het uit eigen ervaring: gevoelens kunnen uiten voelt goed aan; om dat vrij te kunnen doen is er een gevoel nodig dat er voldoende ruimte en veiligheid is.
Een uitnodiging via een ‘juiste’ vraag op het ‘juiste’ moment biedt de ‘juiste’ omstandigheden.*

Het is een cliché om te beweren dat mannen hun gevoelens niet vlot kunnen uiten. Volkomen onterecht. Dit is een fout verhaal. Dit wijst er enkel op dat de waarnemer niet scherp kan waarnemen en een vooroordeel heeft over hoe je gevoelens zou moeten uiten, waar en wanneer. Stilte bv. wordt zelden correct ‘gehoord’, ‘gezien’ of ‘gelezen’.
Iedere communicatie verloopt tussen minstens twee betrokkenen, jij en de ander (bij het innerlijk gesprek zijn dat jij en je ‘zelf’). Beiden hebben hun aandeel in de communicatie.
Iedere uitspraak over de ene betrokkene kan niet zonder tegelijkertijd te kijken naar het aandeel van de andere.
Soms kan of wil iemand (man of vrouw) op een bepaald moment geen gevoelens uiten.
Hoe staat het met de ‘uitnodiging’ van de ander? Werd er een ‘juiste’ vraag gesteld?
Vragen stel je zowel verbaal als non-verbaal, zonder woorden, met het ‘juiste’ gebaar.

Met de ‘juiste’ vraag op het ‘juiste’ moment ben je aanwezig bij de ander. Je bent dan niet bezig met je eigen inzichten of gevoelens.
Empathie is niet ‘vertellen wat het jou doet’ maar ‘voelen wat het de ander doet’ … zelfs al begrijp je er niets van, zelfs al voel jij de zaken anders aan. Empathie is niet ‘hetzelfde voelen’!
Op dit ogenblik is er geen bewijs dat vrouwen beter zijn in het stellen van de ‘juiste’ vraag.
Laat deze mythe voor wat ze is, louter een verhaal. Er is wél evidentie dat iedereen kan leren om de ‘juiste’ vraag te stellen, jongere en volwassene, vrouw en man, jong en oud.

*De ‘juiste’ vraag is de vraag die constructief wérkt voor de vraagontvanger, concreet, zelfs indien het effect ervan anders is dan je als vraagsteller verwachtte. Een ‘juiste’ vraag kan wérken op korte termijn en op lange termijn. Als vraagsteller ben je bijgevolg afhankelijk van de vraagontvanger om de kwaliteit van je vraag te beoordelen.

Welke bijdrage levert onrust aan mijn ontwikkeling?

De ontwikkeling van individuen, groepen en organisaties toont een voortdurende beweging, een niet ophoudende stroom van in- en uit-ademen, groter worden en krimpen, verschijnen en verdwijnen, ontmoeten en afscheid nemen, actie en rust, groeien en afslanken, vernieuwen en vernietigen, geboren worden en sterven, constructie en deconstructie.
We willen echter graag stabiliteit en een constante groei. ‘Vooruitgang’ zowel op persoonlijk als op sociaal of economisch vlak zien we vandaag veelal als gestaag bergop gaan.
Zo verloopt de ontwikkeling echter niet, noch enkelvoudig opwaarts, noch staps-gewijs, noch spiraalsgewijs. 
Ontwikkelen is als het vorderen in een berglandschap. Een top bereik je niet in een rechte lijn naar boven maar zigzaggend.
Je zult ook steeds naar het dal moeten terugkeren om je weg te vervolgen en een volgende hoogte te bereiken. Daarbij is dalen net zo belangrijk en vaak moeilijker dan stijgen.
Het landschap bestaat niet uit één enkel berg maar uit een veld van bergen, klein en groot.
Je kiest welke je volgend pad zal zijn dan wel of je een tijdje in het dal blijft rusten.
Iedere ontwikkeling verloopt tussen perioden van rust en onrust.
Maar niet iedere ‘rust’ is even constructief en niet iedere ‘onrust’ is even destructief.Bij verstarrende rust mag er niets bewegen. Voor een buitenstaander is het slechts ogenschijnlijk rust. Pijnlijke onrust werkt verlammend. Bij stabiele rust ervaren de meeste mensen ‘rust’. Vanuit stabiele rust kan het steeds zowel terug neerwaarts naar pijnlijke onrust evolueren als opwaarts naar constructieve onrust. 
Constructieve onrust is nodig om verder te kunnen ontwikkelen. Dan kunnen we bewegende rust bereiken.
De weg is lang en gaat langs vele dalen en pieken en af en toe kunnen we dan even gezonde onrust én diepe innerlijke rust ervaren, voorbij bewegende rust.
Niets blijft voor lange tijd stabiel, ook stabiele rust niet. Op een dag moet je er uit of je verkilt en daalt naar pijnlijke onrust. Zelfs verstarrende rust beweegt, het gaat steeds meer verharden.
Dit beeld gaat op voor iedere ontwikkeling, zowel die van een individu, van een groep, een organisatie, een bedrijf, een gemeenschap, een cultuur of een land.
Iedere revolutie baart een contra-revolutie, iedere ‘stabiele’ toestand creëert de voorwaarden voor een volgende periode van instabiliteit en zelfs chaos.

In je leven spelen verschillende thema’s een rol, bv.: een relatie aangaan, een familie of een groep vormen, genieten, waarden verdedigen, zin en betekenis geven, kennis verzamelen, leren en opleidingen volgen, problemen oplossen, omgaan met verlies, een bijdrage leveren, een project opzetten, iets ondernemen, inkomen of aanzien verwerven, enz.
Ieder thema kent een andere (leer)weg door dit landschap en een ander (leer)ritme: hoger opwaarts of dieper neerwaarts, intenser, rustiger, korter, langer, dieper, oppervlakkiger.
Je ontwikkelt bovendien tegelijkertijd op meerdere levensgebieden, maar niet in een gelijk tempo: fysiek, sociaal, emotioneel, intellectueel, psychisch en relationeel. Bij opgroeiende kinderen is dit makkelijker waarneembaar. Vergis je echter niet, bij volwassenen en zelfs ouderen blijft de ontwikkeling op al die terreinen duren én in een verschillend tempo.