Tagarchief: Oplossend vermogen

Acht vragen (4) – Overvloed aan informatie

De rubriek ‘Acht vragen’ bied je een Vragenkompas aan met vragen uit de acht richtingen zodat je je eigen antwoord kunt vinden op je werkvraag. De rubriek geeft dus geen oplossingen of tips hoe jij het moet aanpakken. De tekst ‘Ter inspiratie’ onderaan, heeft als intentie de werkvraag te verduidelijken of je te inspireren.

Hoe beslis ik bij een overvloed aan informatie?

Andere vragen van lezers: 

Hoe ga ik meer doen ipv te piekeren en in cirkels te redeneren?
Hoe hou ik me staande tussen angst-profeten, hoera-profeten, anti-profeten en de alternatieve visies die mijn vrienden met me delen?
Hoe laat ik me niet verlammen door een overvloed aan informatie?

Het Vragenkompas is contextueel, d.w.z. dat bij alle vragen die je kunt stellen de vraag er bovenop luidt: Hoe beïnvloedt de context deze vraag en het antwoord? Klik op de afbeedling om ze te vergroten of te downloaden.

Ter inspiratie

Reeds een aantal jaren groeit de informatie waarover we kunnen beschikken en het aantal gegevens om rekening mee te houden ontzettend snel. De grote moeilijkheid is niet louter de overvloed op zich. De hoeveelheid gegevens zal alleen maar toenemen. De moeilijkheid is het beoordelen van de ernst van de gegevens en het kiezen, kiezen welke informatie relevant is en welke niet en voor welke vraag. Via onze erg open houding naar nieuwsberichten in kranten, op radio, tv en sociale media krijgt ons brein iedere dag een massa gegevens te verwerken.
Is het allemaal relevante informatie? Welk doel dient het aandacht geven aan deze massa gegevens? Welke behoefte schuilt er bij jou die hunkert naar die informatie? Hoe groot is jouw ‘media-honger’?
Vandaag wordt in rijke landen meer gegeten dan het lichaam echt nodig heeft, meer dan een antwoord op de fysieke honger. Er is een ‘emotie-honger’ die vooral grijpt naar ongezonde voedingsmiddelen. De grote hang naar informatie lijkt meer op ‘emotie-honger’ dan op de nood aan relevante gegevens om te kunnen ontwikkelen. Het is ‘media-honger’ of ‘sensatie-honger’.
Je wordt daarenboven vandaag meer en meer teruggeworpen op je individuele oordeelsvorming. Je moet in de ganse wirwar van gegevens tot een eigen besluit komen en zelf een beslissing nemen. Maar vooral, je mag je niet laten verlammen door de veelheid aan tegenstrijdige informatie.
• Op welke vraag wil je een antwoord?
Zomaar gegevens verzamelen, zonder doel, kan leuk zijn, ontspannend of voor verstrooiing zorgen. Het is echter niet een effectieve manier om kennis te verwerven of een besluit te vormen, laat staan om een beslissing te nemen. Het is nog minder efficiënt om uit angst in het wilde weg nieuws te vergaren of allerlei gegevens bij te houden. Het dagelijks volgen van de nieuwsberichten of de berichten op sociale media zorgt in de meeste gevallen veeleer voor verwarring.
Vandaag zijn we in een situatie belandt waarin het belangrijk is om streng je informatiebronnen te selecteren en bijgevolg te beslissen welk medium je niet bekijkt, welke berichten je niet leest.
Het is nodig je de vraag te stellen op welke vraag je een antwoord zoekt. Formuleer eerst de vraag, dat helpt je bij de selectie van de gegevens.
• Om welk soort ‘informatie’ gaat het?
In de meeste gevallen ontvang je geen heldere gegevens of feiten (1) maar interpretaties, meningen, veronderstellingen, extrapolaties, invullingen, oordelen of zelfs fake news, verdraaiingen, vervormingen.
Stel de kritische vraag: Op welke gegevens is deze uitspraak gevestigd? Door wie en hoe werden de ‘feiten’ vastgesteld?
Onder iedere informatie zit tevens een mens- en maatschappijvisie. Er bestaat niet zoiets als ‘neutrale informatie’. Ook ‘wetenschappelijke gegevens’ zijn niet vrij van een visie op de mens als individu, als sociaal wezen en als deel van de natuur. De meeste wetenschappelijke studies vertrekken van een lijnig causale gedachtengang (oorzaak – gevolg). Niet zelden vertrekken ze vanuit de scheiding tussen lichaam en geest. Wie vertrekt van een systemische visie zegt dit gelukkig uitdrukkelijk. Het is vaak moeilijk om aan te voelen welke denkbeelden aan de basis liggen van de aangeboden gegevens. De onderliggende overtuigingen bepalen wel mee jouw denken en besluiten.
• Zoek je naar dat wat ‘ontegensprekelijk waar’ is of zoek je naar datgene wat jou op dit ogenblik een groter inzicht verschaft op je vraag?
Er zijn mensen die de wereld indelen in ‘waar’ versus ‘onwaar’ of in ‘dit is waarheid’ versus ‘dit is een onwaarheid of vals’. Zij kunnen alleen maar verder indien bepaalde informatie helemaal ‘waar’ is volgens hun referentie-waarheid.
Daarnaast zijn er mensen die weten dat wat vandaag ‘waar’ is morgen – met nieuwe gegevens – ‘minder waar’ kan zijn. Zij onderzoeken of de nieuwe gegevens vandaag hun inzicht vergroot, dan wel dat ze daarmee ongezonde twijfel op zich laden. Bij gezonde twijfel, twijfel je over de inhoud van de kennis, bij ongezonde twijfel, heb je twijfels over jezelf. (2)
Of zoals Nietzsche de vraag formuleerde: Verzwakt bepaalde kennis mijn leven of laat die kennis mijn leven juist floreren?
• Wie verkies je als een autoriteit?
We hebben allemaal nood aan een autoriteit die voor ons het waarheidsgehalte bepaalt van de informatie: een wetenschapper, een filosoof, een of andere professor, een ervaringsdeskundige, een geestelijk leider, een politiek leider, een therapeut, … (3) Voor ieder kennisterrein kan je een andere persoon als autoriteit beschouwen. Iemand als een autoriteit zien betekent hem/haar vertrouwen schenken. Vertrouwen geven is geen rationele afweging. Aan wie geef jij vertrouwen? Op welke basis? In de meeste gevallen zoek je bevestiging voor datgene wat je vermoedt of datgene wat je graag wilt horen. Iemand die jou tegenspreekt zie je niet makkelijk als autoriteit ook al heeft die persoon een zeer grote kennis en ervaring op een bepaald terrein.
Naar welke autoriteit je verlangt hangt af van je antwoord op de vorige vraag. Indien je de ‘waarheid’ zoekt heb je een ‘hoge autoriteit’ nodig. In het andere geval kijk je kritisch naar de kwaliteit van de gegevens en hoeft de autoriteit van de auteur niet boven alles en iedereen verheven te zijn. Bv. een expert-viroloog is enkel een autoriteit op zijn vakgebied. Behandel hem/haar niet zonder meer met gezag op andere terreinen.
• Wil je een besluit nemen of sta je op het punt om te beslissen?
Besluiten is een (voorlopige) conclusie trekken, een (voorlopig) punt zetten als afronding van een proces van wikken en wegen. Besluiten heeft wens-karakter, intentie-karakter. Daar blijft het bij. Een besluit kan morgen weer worden gewijzigd. Niemand draagt verantwoor-delijkheid. Er is ook geen garantie dat een besluit wordt uitgevoerd. Bij het besluiten wacht je nog om te beslissen (eigenlijk beslis je om niet te beslissen).
Beslissen betekent dat je werkelijk de stap zet naar de actie, dat je de intentie van een besluit omzet in een actie, in een gerichte daad én dat je er de verantwoordelijkheid voor opneemt. Een beslissing kan niet worden gewijzigd enkel aangevuld door een nieuwe beslissing. Doen is beslissen, beslissen is doen. Al je handelingen drukken je beslissingen uit, of je daar nu over hebt nagedacht of niet. Je beslist meestal onbewust, uit gewoonte.

(1) lees het hoofdstuk ‘Vier soorten feiten’ p. 12 in Hoe je zelf ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten
(2) Lees het hoofdstuk ‘Leerrijk mét onzekerheid en twijfels’ p. 33 in de tekst Leerrijker worden kán! → Korte teksten
(3) Lees het inleidend hoofdstuk ‘Wat zijn feiten?’ in de tekst Hoe je zelf ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten

Fundamentele vragen stellen

Chung-Im Kim – Mutation 8 (2015)

Wie gaat voor Pad-vindend Leiderschap stelt vragen die dieper gaan, laag na laag, tot je bij een fundamentele vraag komt. Hier alvast een actuele poging.
Hoe kan onze manier van samenleven muteren en wat kan ik daar toe bijdragen?
Er wordt vaak gezegd dat er een ecologische crisis groeit. Tegelijk is er de corona-crisis en de klimaatcrisis. Hoe kunnen deze ‘crisissen’ zorgen voor een fundamentele verandering in onze manier van samenleven? Voor een mutatie zelfs?
Een mutatie is een sprongsgewijze wijziging in de ‘fundamentele eigenschappen’ van een fenomeen (bv. het erfelijk materiaal in het het genoom van een cel) of het plotseling verschijnen of wegvallen van kenmerken.
Kan een samenleving muteren? Wat zijn de fundamentele eigenschappen van een menselijke samenleving? Wat is het DNA van ‘gezond menselijk samenleven’? Is het DNA van het menselijk samenleven wel gericht op ‘gezond samenleven’? Beteket dit gezond samenleven voor iedereen op gelijke wijze? Wat kan er gebeuren indien er plots een wijziging optreedt in dat DNA? Wat kan zo’n sprong bewerkstelligen?
De Franse socioloog en filosoof Bruno Latour stelt het zo:
“Spreken van ’crisis’ is een manier om onszelf gerust te stellen, als we daarmee bedoelen dat die ‘van voorbijgaande aard is’, dat de crisis gauw genoeg ‘achter ons zal liggen’. …
… We zouden beter kunnen spreken van ‘mutatie’: we waren een wereld gewend, we gaan over, we muteren naar een andere wereld. En wat het adjectief ‘ecologisch’ betreft, ook dat gebruiken we maar al te vaak ter geruststelling, om ons af te schermen voor de verstoringen waarop dreigend onze aandacht wordt gevestigd. …
… We doen net als de mensen in de vorige eeuw die het hadden over het ‘milieu’, waarmee ze doelden op de levende wezens in de natuur, gezien van een afstandje, veilig achter glas. …
… Normaal gesproken zou het zich opstapelende slechte nieuws ons het gevoel moeten geven dat we van een ‘gewone milieucrisis’ zijn afgegleden naar wat eerder zou moeten worden bestempeld als een diepgaande mutatie van onze verhouding tot de wereld.” (1)
Helaas, dit laatste toont zich niet.
We zijn meer dan zeven jaar verder dan het moment waarop Bruno Latour zijn lezingen gaf (Edinburgh 2013). Met het coronavirus krijgen we opnieuw de gelegenheid om fundamentele vragen te stellen zoals hij ze toen opperde. Zullen we ze stellen of gaan we zo snel als mogelijk terug over naar de orde van de dag?
Even de focus op het coronavirus
Wat doet je vermoeden dat het coronavirus te ‘overwinnen’ zal zijn? Hoe kunnen we volledig komaf maken met het virus? Wat deden we met de reeds gekende virussen? Hoe hebben onze inspanningen om virussen ‘te lijf te gaan’ invloed op de eigenschappen van de menselijke samenleving? Welke andere houding is mogelijk tegenover het virus dan ‘ten oorlog’ te trekken? Indien het virus een blijvende ‘natuurlijke speler’ zal zijn van onze wereld, hoe kunnen we ons dan best reorganiseren? Welke constructieve inzichten biedt het verschijnen van het coronavirus vandaag reeds?
Wat gebeurt er vandaag: minder auto’s op de weg door online werken = minder luchtvervuiling; meer lokale producten kopen = meer lokaal produceren = een economisch model dat dichter bij de mensen staat; meer lokaal toerisme = meer verbinding met mensen uit de eigen regio of het eigen land; het belang van kunsten ervaren = kunsten als motor voor persoonlijke ontwikkeling maar ook voor sociale relaties;
Wat gebeurt er indien we alle aspecten van het menselijk leven als een samenhangend systeem zien in ‘samenwerking’ met virussen? Hoe moet je je dan een ‘gezonde samenleving’ voorstellen? Kunstenaars zijn de mensen die je daarbij kunnen helpen, politici net niet.
We hebben echter geen nieuw groots utopisch wereldbeeld nodig. Wel praktische ‘utopische daden’.(2) Denk niet in termen van een ‘nieuwe wereld’ maar in termen van een ‘nieuwe dynamiek’, een ‘nieuwe weg’, op basis van principes die het eigen gelijk overstijgen.
Hoe komen we aan die principes? Wat hebben we nodig om die ‘nieuwe dynamiek’ te bedenken en in gang te zetten? Door welke externe factoren wordt die gestimuleerd?
Hoe gaan we dan om met onze niet te stillen excessieve honger naar ‘meer’ = ‘meer dan de ander heeft’ (geld, aanzien, macht, controle, kennis, techniek, voldoening, bevestiging, erkenning)? Indien we allemaal samen en evenveel ‘meer’ hebben dankzij de ontwikkeling van kennis en techniek en verbindende relaties is er geen ongelijkheid en geen hebzucht. Dit klinkt utopisch. Dat is utopisch! Is het DNA van het menselijk samenleven wel gericht op ‘gezond samenleven voor iedereen op gelijke wijze’? Is ‘iedereen gelijk’ het ideaal en wat betekent dit concreet? Hoe zijn mensen ‘gelijk’? (3)
Welke elementen van de menselijke samenleving moeten muteren willen we komen tot een ‘gezonde samenleving’? Welk economisch model komt ten goede aan alle mensen Welke constructieve acties kunnen zo’n mutatie uitlokken?
Zullen we de zaak eens systemisch bekijken? (4)

(1) Bruno Latour, Oog in oog met Gaia – Acht lezingen over het Nieuwe Klimaatregime, Octavo 2017 – uit: Eerste lezing, Over de instabiliteit van ‘de natuur’ (als begrip)
(2) Bekijk korte filmpjes: Atlas van kleine praktische Utopieën of luister naar gesprekken op Zwijgen is geen optie
(3) Wat indien ‘de meeste mensen die deugen’ enkel de minder gegoeden en minder machtigen zijn? Bregman zal wellicht niet akkoord gaan.
Bregman, Rutger, De meeste mensen deugen, de Correspondent 2019
(4) Lees hier enkele bladzijden uit de tekst Drie grondpatronen om je leven te be-leven → Kort teksten
Herlees ook het bericht van van 11 januari jl.

Acht vragen (3) – Conflictvermijdend

De rubriek ‘Acht vragen’ bied je een Vragenkompas aan met vragen uit de acht richtingen zodat je je eigen antwoord kunt vinden op je werkvraag. De rubriek geeft dus geen oplossingen of tips hoe jij het moet aanpakken. De tekst ‘Ter inspiratie’ onderaan, heeft als intentie de werkvraag te verduidelijken of je te inspireren.

Hoe voorkom ik conflictvermijdend gedrag?

Andere vragen die ik heb ontvangen:
Hoe zorg ik er voor dat ik niet meer met mijn partner in conflict geraak?
Hoe leer ik conflictvermijdend gedrag af?

Hoe kan ik een conflict positief aanpakken en zien als een leerkans?
Hoe kan ik mijn mening geven zonder in een conflict te geraken?
Hoe voorkom ik dat een ruzie escaleert?

Het Vragenkompas is contextueel, d.w.z. dat bij alle vragen die je kunt stellen de vraag er bovenop luidt: Hoe beïnvloedt de context deze vraag en het antwoord? Klik op de afbeedling om ze te vergroten of te downloaden.

Ter inspiratie

Een ‘conflict’ is een spanning tussen (grote) verschillen in waarden, belangen, behoeften, verlangens, doelen of plannen. Wanneer dit binnen in jou gebeurt spreken we van een ‘innerlijk conflict’, in het andere geval gaat het om een ‘uiterlijk conflict’. In beide gevallen gaat het om een ‘relationeel conflict’. Een conflict is het tipje van de ijsberg, d.w.z. er liggen verschillende lagen onder waarop het innerlijke, voelbare of uiterlijke, zichtbare conflict steunt.
Een conflict vermijden doe je wanneer je de groeiende spanningen binnen het relatie- en interactieveld niet wilt of kunt zien, herkennen en erkennen. (1) Je belandt dan op een eenzijdige randpositie in het relatieveld = ver van het midden waar je vlotter van positie kunt wisselen.

Onder conflictvermijdend gedrag zit een behoefte en een belang dat niet wordt erkend, door geen enkel van de ‘partijen’, ook niet door de betrokkene zelf.
Door conflictvermijdend gedrag worden spanningen onder de oppervlakte gestopt. Ze leven verder in het donker. Je ziet daardoor een conflict niet meer aankomen. Op een dag komt het wel naar boven, de ontsteking barst open en de etter moet er uit.
Conflictvermijdend gedrag kent vele gezichten.
Het klassieke beeld is die van de persoon die kiest voor: pleasen; lief zijn ook al voelt hij/zij zich anders; teveel water in de wijn doen; snel en met (te)veel akkoord gaan; snel de ander sussen of kalmeren; schuld op zich laden; in de schulp kruipen; irritatie verbergen (tot de emmer overloopt); vluchten in een ‘het komt wel allemaal goed’ verhaal, zich het slachtoffer voelen, … (= een randpositie ‘onder’ in het relatieveld).
Bij dit gedrag hoort het complementaire gedrag van de ander: beschuldigen; schuldinductie; verwijten; het eigen aandeel ontkennen; agressief emotioneel gedrag; emotionele chantage; de ander op afstand zetten; eigen gevoel van onmacht omzetten in een ‘heerser’-gedrag; …(= een randpositie ‘boven’ in het relatieveld). Ook dit is conflictvermijdend gedrag!
Ander conflictvermijdend gedrag is: zich als de ‘begripvolle helper’ gedragen; voortdurend willen helpen en daarbij de ander zien als hulpeloos; voluit Redden; niet kunnen omgaan met belangrijke verschillen in visie; de verschillen wegwuiven; niet zien dat men zelf gebaat is met hulp en begeleiding, … (= een randpositie ‘samen’ in het relatieveld).
Bij dit laatste gedrag hoort de complementaire positie: agressief reageren bij het minste teken van verschil in mening; niet willen luisteren en onmiddellijk in de aanval gaan; de ander wegduwen; een hoger muur optrekken tussen zichzelf en de ander; … (= een randpositie ‘tegen’ in het relatieveld). Voor het minste ruzie maken is conflictvermijdend!
In al deze eenzijdige randposities wordt vermeden dat er wordt gekeken naar de kern van de zaak, naar waar het werkelijk om gaat, naar de behoeften en belangen die verborgen worden gehouden. Je kijkt dan niet naar de opbouw van de verschillende lagen van het interactiepatroon dat tot een conflict kan leiden. Je bekijkt het gebeuren op een enkelvoudige causale manier en niet met een systemische bril (2): Wat ging vooraf aan het gedrag dat de ander nu toont? Welk gedrag van mij ging het gedrag van de ander vooraf en wat ging vooraf aan mijn gedrag? Binnen welke context gedroeg de ander zich zo? Hoe beïnvloedde de context mijn gedrag? Enz.
De uitweg schuilt in het opschuiven naar het midden van het relatieveld (= minder randgedrag) én in het evenwichtig balanceren rond ‘samen’ én in het goed zorg dragen voor jezelf én in het nemen van de verantwoordelijkheid voor je eigen gevoelens en gedrag én in het ophouden met willen begrijpen of begrepen willen worden. (3)
Steun van een leermaatje (4) of een professionele begeleider is hierbij van harte welkom.

(1) Meer over het relationele veld in: Hoe je beweegt binnen het relatie- en interactieveld? → Korte teksten
(2) Lees hier enkele bladzijden uit de tekst Drie grondpatronen om je leven te be-leven
(3) Lees het bericht van 23/3/20 ‘De ander willen begrijpen en begrepen willen worden’
(4) Lees hier twee bladzijden over ‘leermaatje’ uit De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing’?

De zaken systemisch benaderen?

Een systemische kijk is een element van Pad-vindend Leiderschap, van mensen die meer ‘vindend’ dan ‘zoekend’ leven en leiden.(1) Om de veertien dagen zal ik een element van Pad-indend leiderschap bekijken. Vandaag: de zaken systemisch benaderen

Wat maakt het voor ons zo moeilijk om de zaken systemisch te benaderen?


Deze vraag kwam meerdere keren bij mij op de voorbije week. Aanleiding vormde o.a. de suggesties die ik ontving voor mijn nieuwe rubriek ‘Acht vragen’; de discussies rond de corona-vaccinatie; relatieproblemen bij een jong stel die me nauw aan het hart ligt; de uitzending ‘Interne keuken’ op Radio 1 vorige zaterdag (een boek over de opwarming van de aarde; een gesprek met een psychiater voor baby’s over de ontwikkeling van de gevoelswereld tussen de conceptie en de drie jaar; een gesprek over paddestoelen en hun intieme relatie met de bomen) (2).
Telkens was er sprake van ‘oorzaken’ en ‘gevolgen’ en van de vaststelling dat er praktische verbanden zijn tussen bepaalde fenomenen. De gesprekken illustreerden ons gewoon grondpatroon om met de wereld om te gaan: het lijnig grondpatroon. (3) We hebben geleerd om naar fenomenen te kijken als afzonderlijke ‘dingen’. Om ze te onderzoeken bakenen we ze af en specificeren we hun kenmerken. Op deze manier kunnen we vaststellen welke effecten hun aanwezigheid veroorzaakt. We gaan er gemakkelijkheidshalve van uit dat de fenomenen voor een groot gedeelte onafhankelijk zijn en slechts voor bepaalde aspecten afhankelijk zijn van enkele elementen. Een boom is een apart fenomeen dat weliswaar niet kan zonder water en zon. Maar de boom voor mijn deur heeft niets te maken met mij of mijn buren en omgekeerd. Dit gaat nog meer op voor mensen. Mensen zijn unieke wezens, met een eigen (sociale) identiteit en met een uniek ‘zelf’. We hebben wel relatie met elkaar maar ‘ik’ ben ‘ik’ en ‘jij’ bent ’jij’. Dat gaat ook op voor de wijze waarop we naar virussen kijken: afzonderlijke ‘dingen’ die we als een vijand zien en die we moeten bestrijden.
Alle fenomenen systemisch bekijken betekent dat je niet louter spreekt van ‘verbanden’ maar dat je ziet dat al de aspecten die je waarneemt een dynamisch geheel vormen, een systeem. (4) De beïnvloeding gebeurt niet in een bepaalde richting (in één richting) maar in alle richtingen tegelijkertijd, weliswaar niet steeds op dezelfde wijze en in dezelfde mate. De ‘vierde dimensie’ is ‘beweging’ (waarvan ‘tijd’ slechts één element is!) en heeft relatie met alle richtingen. Zoals wanneer je een steen werp in een vijver. Een beeld voor het systemische is een groot spinnenweb opgebouwd uit verschillende spinnenwebben. Wanneer in één van de spinnenwebben een insect gevangen wordt trilt het ganse, grote spinnenweb.
Bij een systemische benadering van het leven laat je los dat je de grond van de zaak kunt controleren. Als mens kunnen we wel systemen beïnvloeden en daardoor de beweging van een systeem in één richting sterker maken dan in een andere, maar we kunnen niet het systeem als geheel in één richting sturen. Wij houden niet het stuur van de ontwikkeling van het leven of van het klimaat vast!
In 2015 werd vastgesteld dat het klimaat op aarde bestendig met 1 graad is gestegen. De opwarming niet voorbij de 2 graden laten oplopen is essentieel omdat vanaf die temperatuur binnen het systeem zichzelf versterkende processen starten (feedback-lussen). In menselijke relaties en in de ontwikkeling van het gevoelsleven van een baby doet zich hetzelfde voor: we denken, voelen, communiceren en handelen vanuit patronen; onze patronen activeren bepaalde patronen bij de ander; op een gegeven moment ontstaat er in een relatie een zichzelf versterkend meta-patroon, meer opbouwend of meer onproductief of meer toxisch.
Wat maakt het voor ons zo moeilijk om op een systemische wijze de wereld te beleven en te benaderen?
Ons lijnig grondpatroon heeft al tienduizenden jaren zijn waarde bewezen: het is erg praktisch en functioneel en het wérkt, we kunnen daardoor de fenomenen controleren en manipuleren. We hebben er alle technieken kunnen door ontwikkelen vanaf de handbeitel tot de satellieten, vanaf de eerste geluiden om te communiceren tot de digitale wereld. Ook op het sacrale terrein hanteren we het lijnig grondpatroon: we zoeken middelen om met de ‘geestelijke wereld’ te onderhandelen. Dankzij het lijnig grondpatroon hebben we het gevoel dat we de fenomenen kunnen controleren en beheersen. Op deze manier gaan we aan de slag bv. ook bij de opwarming van de aarde: Hoe kunnen we de CO2 verminderen? Wat stoot het meeste CO2 uit? Terwijl de vragen dringender zijn: Hoe dienen we onze volledige levenswijze te veranderen? (= hoe we omgaan met arbeid, financiële middelen, armoede, mobiliteit, solidariteit, technische middelen, AI, onderwijs, … enz.)
Het is geen kwestie van de zaken óf lijnig óf systemisch te benaderen maar van én – én. Onze grote moeilijkheid is dat het lijnig grondpatroon zich heeft geïnstalleerd op de troon van ‘ik ben alleenheerser’, ‘mijn waarheid is de enige waarheid’, ‘mijn logica is de enige logische logica’.
Systemisch benaderen moet je leren, je bent er niet mee opgegroeid. Systemisch benaderen heeft inzicht nodig én een andere manier van waarnemen én een andere wijze van besluiten en beslissen. Om te leren het leven systemisch te benaderen hebben we elkaar nodig. We dienen van elkaar te leren want niemand weet alles of heeft een allesoverheersend inzicht. Het heeft weinig zin dat één ‘verlichte geest’ het op haar eentje waarmaakt en we haar zouden volgen. Dat is het gedragspatroon dat we volgen bij het lijnig grondpatroon: kritiekloos napraten en volgen. Om systemisch te leren denken dienen we samen te denken, in een open dialoog, in een open ruimte (Open Space).

(1) Lees meer over Pad-vindend leiderschap in et boek Pathfinder – Samen de juiste weg vinden → Boeken
(2) herbeluister de uitzending hier
(3) Meer over de grondpatronen en over de kenmerken van het lijnig grondpatroon in: Drie grondpatronen om je leven te be-leven. → Korte teksten
(4) Lees hier enkele bladzijden over het systemisch grondpatroon uit de tekst Drie grondpatronen om je leven te be-leven.

Vraag van de week (51)

Welke vragen stel je om het voorbije jaar te evalueren, te beoordelen en te waarderen?

Vele mensen, organisaties en bedrijven blikken op het einde van het jaar terug op de voorbije 365 dagen. Sommigen doen dat ernstig en evalueren en te beoordelen de zaak. Nog teveel worden deze begrippen echter slordig gebruikt. Vaak wordt onvoldoende het onderscheid gemaakt.
‘Evalueren’ is meten zonder oordeel. Een correcte evaluatie oordeelt niet maar stelt vast; duidelijk, scherp, zo objectief mogelijk. Bij dit werk horen bijgevolg cijfers, maten, gewichten, statistieken, vergelijkingen, het verschil met de nul-meting, enz.
‘Beoordelen’ is per definitie subjectief zelfs al tracht je dit zo objectief mogelijk te doen en iedereen (of gelijke situaties) op dezelfde wijze te behandelen. Is dit laatste wel verstandig? Is het eerlijk? Beoordelen is een ethisch-relationele opdracht. Hoeveel is dit cijfer waard … voor déze persoon, bij déze taak, in déze situatie, in déze context? Om je beoordeling zo ‘objectief’ mogelijk te houden ga je een heldere maatstaf kiezen en transparant zijn over de wijze waarop je die hanteert.
Om een persoon of een gebeuren te ‘waarderen’ is het niet noodzakelijk om eerst te evalueren en te beoordelen.
Je zult bijgevolg verschillende vragen moeten stellen. Je stelt een specifieke vraag om een persoon of een situatie te evalueren en een andere vraag om dezelfde persoon of dezelfde situatie te beoordelen.
Welke vragen stel je om het voorbije jaar te evalueren en te beoordelen?

Ik heb de tekst Evalueren – Beoordelen – Waarderen herwerkt. → Korte teksten
Misschien levert dit jou inspiratie op.