Tagarchief: Pad-vindend leiderschap

Fundamentele vragen stellen

Chung-Im Kim – Mutation 8 (2015)

Wie gaat voor Pad-vindend Leiderschap stelt vragen die dieper gaan, laag na laag, tot je bij een fundamentele vraag komt. Hier alvast een actuele poging.
Hoe kan onze manier van samenleven muteren en wat kan ik daar toe bijdragen?
Er wordt vaak gezegd dat er een ecologische crisis groeit. Tegelijk is er de corona-crisis en de klimaatcrisis. Hoe kunnen deze ‘crisissen’ zorgen voor een fundamentele verandering in onze manier van samenleven? Voor een mutatie zelfs?
Een mutatie is een sprongsgewijze wijziging in de ‘fundamentele eigenschappen’ van een fenomeen (bv. het erfelijk materiaal in het het genoom van een cel) of het plotseling verschijnen of wegvallen van kenmerken.
Kan een samenleving muteren? Wat zijn de fundamentele eigenschappen van een menselijke samenleving? Wat is het DNA van ‘gezond menselijk samenleven’? Is het DNA van het menselijk samenleven wel gericht op ‘gezond samenleven’? Beteket dit gezond samenleven voor iedereen op gelijke wijze? Wat kan er gebeuren indien er plots een wijziging optreedt in dat DNA? Wat kan zo’n sprong bewerkstelligen?
De Franse socioloog en filosoof Bruno Latour stelt het zo:
“Spreken van ’crisis’ is een manier om onszelf gerust te stellen, als we daarmee bedoelen dat die ‘van voorbijgaande aard is’, dat de crisis gauw genoeg ‘achter ons zal liggen’. …
… We zouden beter kunnen spreken van ‘mutatie’: we waren een wereld gewend, we gaan over, we muteren naar een andere wereld. En wat het adjectief ‘ecologisch’ betreft, ook dat gebruiken we maar al te vaak ter geruststelling, om ons af te schermen voor de verstoringen waarop dreigend onze aandacht wordt gevestigd. …
… We doen net als de mensen in de vorige eeuw die het hadden over het ‘milieu’, waarmee ze doelden op de levende wezens in de natuur, gezien van een afstandje, veilig achter glas. …
… Normaal gesproken zou het zich opstapelende slechte nieuws ons het gevoel moeten geven dat we van een ‘gewone milieucrisis’ zijn afgegleden naar wat eerder zou moeten worden bestempeld als een diepgaande mutatie van onze verhouding tot de wereld.” (1)
Helaas, dit laatste toont zich niet.
We zijn meer dan zeven jaar verder dan het moment waarop Bruno Latour zijn lezingen gaf (Edinburgh 2013). Met het coronavirus krijgen we opnieuw de gelegenheid om fundamentele vragen te stellen zoals hij ze toen opperde. Zullen we ze stellen of gaan we zo snel als mogelijk terug over naar de orde van de dag?
Even de focus op het coronavirus
Wat doet je vermoeden dat het coronavirus te ‘overwinnen’ zal zijn? Hoe kunnen we volledig komaf maken met het virus? Wat deden we met de reeds gekende virussen? Hoe hebben onze inspanningen om virussen ‘te lijf te gaan’ invloed op de eigenschappen van de menselijke samenleving? Welke andere houding is mogelijk tegenover het virus dan ‘ten oorlog’ te trekken? Indien het virus een blijvende ‘natuurlijke speler’ zal zijn van onze wereld, hoe kunnen we ons dan best reorganiseren? Welke constructieve inzichten biedt het verschijnen van het coronavirus vandaag reeds?
Wat gebeurt er vandaag: minder auto’s op de weg door online werken = minder luchtvervuiling; meer lokale producten kopen = meer lokaal produceren = een economisch model dat dichter bij de mensen staat; meer lokaal toerisme = meer verbinding met mensen uit de eigen regio of het eigen land; het belang van kunsten ervaren = kunsten als motor voor persoonlijke ontwikkeling maar ook voor sociale relaties;
Wat gebeurt er indien we alle aspecten van het menselijk leven als een samenhangend systeem zien in ‘samenwerking’ met virussen? Hoe moet je je dan een ‘gezonde samenleving’ voorstellen? Kunstenaars zijn de mensen die je daarbij kunnen helpen, politici net niet.
We hebben echter geen nieuw groots utopisch wereldbeeld nodig. Wel praktische ‘utopische daden’.(2) Denk niet in termen van een ‘nieuwe wereld’ maar in termen van een ‘nieuwe dynamiek’, een ‘nieuwe weg’, op basis van principes die het eigen gelijk overstijgen.
Hoe komen we aan die principes? Wat hebben we nodig om die ‘nieuwe dynamiek’ te bedenken en in gang te zetten? Door welke externe factoren wordt die gestimuleerd?
Hoe gaan we dan om met onze niet te stillen excessieve honger naar ‘meer’ = ‘meer dan de ander heeft’ (geld, aanzien, macht, controle, kennis, techniek, voldoening, bevestiging, erkenning)? Indien we allemaal samen en evenveel ‘meer’ hebben dankzij de ontwikkeling van kennis en techniek en verbindende relaties is er geen ongelijkheid en geen hebzucht. Dit klinkt utopisch. Dat is utopisch! Is het DNA van het menselijk samenleven wel gericht op ‘gezond samenleven voor iedereen op gelijke wijze’? Is ‘iedereen gelijk’ het ideaal en wat betekent dit concreet? Hoe zijn mensen ‘gelijk’? (3)
Welke elementen van de menselijke samenleving moeten muteren willen we komen tot een ‘gezonde samenleving’? Welk economisch model komt ten goede aan alle mensen Welke constructieve acties kunnen zo’n mutatie uitlokken?
Zullen we de zaak eens systemisch bekijken? (4)

(1) Bruno Latour, Oog in oog met Gaia – Acht lezingen over het Nieuwe Klimaatregime, Octavo 2017 – uit: Eerste lezing, Over de instabiliteit van ‘de natuur’ (als begrip)
(2) Bekijk korte filmpjes: Atlas van kleine praktische Utopieën of luister naar gesprekken op Zwijgen is geen optie
(3) Wat indien ‘de meeste mensen die deugen’ enkel de minder gegoeden en minder machtigen zijn? Bregman zal wellicht niet akkoord gaan.
Bregman, Rutger, De meeste mensen deugen, de Correspondent 2019
(4) Lees hier enkele bladzijden uit de tekst Drie grondpatronen om je leven te be-leven → Kort teksten
Herlees ook het bericht van van 11 januari jl.

Stel een ‘levende vraag’

Karel Appel (1921-2006) – Vragende kinderen 1949

Twee weken geleden plaatste ik het bericht ‘De zaken systemisch benaderen?’. Een systemische kijk is een element van de aanpak van de Pathfinder, van pad-vindend leiderschap, van mensen die meer ‘vindend’ dan ‘zoekend’ leven en anderen begeleiden.(1)
Een nieuwe rubriek: om de veertien dagen zal ik een element bekijken van de Pathfinder aanpak of het Pad-vindend Leiderschap. Vandaag: stel een ‘levende vraag’.
Wie gaat voor Pad-vindend Leiderschap heeft de vragende houding als basishouding. Zij stelt echter niet zo maar vragen. Zij stelt ‘levende vragen’, vragen die er hier en nu toe doen, vragen die leiden naar actie, naar verandering.
1.
Naar aanleiding van mijn oproep om een concreet thema voor de rubriek ‘Acht vragen’ kreeg ik op verschillende manieren een respons. Van sommigen kreeg ik een korte lijst met algemene begrippen: vrijheid, leiderschap, vrije wil, enz. Reeds eeuwen houden filosofen zich op een theoretische wijze bezig met deze begrippen, vooral in het Westen. In het oude China bekeken de denkers dat praktischer en hielden niet van louter theorie. Pad-vindend Leiderschap sluit aan bij deze laatste houding. Dan reflecteer je, denk je na, bekijk je de zaken vanop een afstandje maar je houdt dit het liefst erg concreet en praktisch. Je verkiest te werken met ‘levende vragen’.
Een ‘levende vraag’ is die concrete, persoonlijke vraag waar je hier en nu mee worstelt. Het is een vraag die in jou ‘leeft’; ze intrigeert je, houd je wakker, blijft aan je kleven. Het is voor jou geen theoretische kwestie. Het is een vraag waar het antwoord erop erg toe doet. Het antwoord is voor jou van ‘ontwikkelingsbelang’; d.w.z. met het antwoord gaat het groeien en ontwikkelen een stap vooruit.
Een ‘levende vraag’ is een vraag waar je als vraagsteller verantwoordelijkheid voor neemt: “Ja, ik stel die vraag en ik zal me inspannen om daar een antwoord op te vinden.”
Een voorbeeld: “Hoe verdeel ik ‘rechtvaardig’ mijn bezit onder mijn kinderen? Is dat ‘in gelijke delen’ verdelen?” Met zo’n vraag wordt het thema ‘rechtvaardigheid’ levend, het is geen theoretische kwestie meer, het antwoord heeft consequenties.
Filosoferen over begrippen en algemene, grote thema’s is erg nuttig werk. Het is zoals het fundamenteel onderzoek in de wetenschap. Je hebt dat onderzoek nodig om daaruit praktische toepassingen te bedenken, te onderzoeken, te testen en aan te bieden. Echter, enkel de wetenschappelijke toepassingen kunnen leiden tot bv. een medicijn dat een ziekend mens kan helpen. Op deze wijze ben ik niet wars van filosoferen rond algemene thema’s of om ze filosofisch theoretisch te onderzoeken. Het wordt anders wanneer ik de antwoorden wilt testen en toepassen in concrete situaties. Dan heb ik een concrete, ‘levende vraag’ nodig van iemand die ergens tegenaan loopt. Dan nodig ik uit voor wat ik ergens anders een ‘brandende vraag’ heb genoemd, een vraag die niet langer kan blijven wachten, een vraag die dringend moet worden aangepakt. Een ‘brandende vraag’ is een erg warme ‘levende vraag’. (2)
Wil een dialoog, een zoektocht of een vind-avontuur constructief en vruchtbaar zijn dan heb je concrete ‘levende vragen’ nodig, geen algemene, veronderstellende vragen.
Nog teveel gesprekken, overlegmomenten, vergaderingen, e.d. verzanden in een teveel aan woorden omdat ze niet vertrekken van een échte vraag of omdat ze afglijden naar een theoretisch perspectief. Het ‘Socrates gesprek’ is voor velen een aangenaam spel. Voor Pathfinders is het stellen van ‘levende vragen’ een ernstig gebeuren; de vraag en het antwoord doen er erg toe. Het gebruik van het Vragenkompas is daarbij een onmisbaar instrument. (→ de rubirek ‘Acht vragen’)
In de volgende bijdrage rond Pad-vindend Leiderschap (over twee weken) bekijk ik een aansluitend element : stel fundamentele vragen.
2.
Een tweede punt voor pad-vindend leiderschap: laat het stellen van de vraag en het vinden van een antwoord niet louter afhangen van woorden. De meeste mensen gebruiken uitsluitend de woordentaal. Dit is zeer nuttig maar tegelijk beperkt het je perspectief. Het stellen van de ‘juiste’ vraag is erg gediend met andere talen en dan vooral met de beeldende talen: tekenen, schilderen, beeldhouwen, musiceren, performen, collages maken, filmen. Het stellen van de ‘levende vraag’ vanuit een van die talen kan veel meer duidelijkheid scheppen en het inzicht verruimen. Voor het vinden van een antwoord is de inbreng van de beeldende talen van ‘ontwikkelingsbelang’. (3)
“Logica brengt je van A naar B. De verbeelding brengt je overal.” (A.Einstein)

Voor de rubriek ‘Acht vragen’ zet ik de persoonlijke, concrete vragen die mij worden toegestuurd om in een formulering waarin iedereen zich kan herkennen (en de oorspronkelijke vraagsteller toch anoniem blijft). Het blijft een ‘levende vraag’ wanneer de lezer de vraag herkent en zegt “Die vraag stel ik ook.”.
Volgende week in die rubriek: “Hoe voorkom ik conflictvermijdend gedrag?

(1) Lees meer in het gratis boek: Pathfinder – Samen de juiste weg vinden → Boeken
(2) Lees hier het hoofdstuk over de brandende vraag uit het boek De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing?
of lees de tekst “Wie heeft er een probleem? Ik, hij, zij of wij?” → Korte teksten
(3) Lees meer in de tekst “De kunst van het vragen” → Korte teksten

De zaken systemisch benaderen?

Een systemische kijk is een element van Pad-vindend Leiderschap, van mensen die meer ‘vindend’ dan ‘zoekend’ leven en leiden.(1) Om de veertien dagen zal ik een element van Pad-indend leiderschap bekijken. Vandaag: de zaken systemisch benaderen

Wat maakt het voor ons zo moeilijk om de zaken systemisch te benaderen?


Deze vraag kwam meerdere keren bij mij op de voorbije week. Aanleiding vormde o.a. de suggesties die ik ontving voor mijn nieuwe rubriek ‘Acht vragen’; de discussies rond de corona-vaccinatie; relatieproblemen bij een jong stel die me nauw aan het hart ligt; de uitzending ‘Interne keuken’ op Radio 1 vorige zaterdag (een boek over de opwarming van de aarde; een gesprek met een psychiater voor baby’s over de ontwikkeling van de gevoelswereld tussen de conceptie en de drie jaar; een gesprek over paddestoelen en hun intieme relatie met de bomen) (2).
Telkens was er sprake van ‘oorzaken’ en ‘gevolgen’ en van de vaststelling dat er praktische verbanden zijn tussen bepaalde fenomenen. De gesprekken illustreerden ons gewoon grondpatroon om met de wereld om te gaan: het lijnig grondpatroon. (3) We hebben geleerd om naar fenomenen te kijken als afzonderlijke ‘dingen’. Om ze te onderzoeken bakenen we ze af en specificeren we hun kenmerken. Op deze manier kunnen we vaststellen welke effecten hun aanwezigheid veroorzaakt. We gaan er gemakkelijkheidshalve van uit dat de fenomenen voor een groot gedeelte onafhankelijk zijn en slechts voor bepaalde aspecten afhankelijk zijn van enkele elementen. Een boom is een apart fenomeen dat weliswaar niet kan zonder water en zon. Maar de boom voor mijn deur heeft niets te maken met mij of mijn buren en omgekeerd. Dit gaat nog meer op voor mensen. Mensen zijn unieke wezens, met een eigen (sociale) identiteit en met een uniek ‘zelf’. We hebben wel relatie met elkaar maar ‘ik’ ben ‘ik’ en ‘jij’ bent ’jij’. Dat gaat ook op voor de wijze waarop we naar virussen kijken: afzonderlijke ‘dingen’ die we als een vijand zien en die we moeten bestrijden.
Alle fenomenen systemisch bekijken betekent dat je niet louter spreekt van ‘verbanden’ maar dat je ziet dat al de aspecten die je waarneemt een dynamisch geheel vormen, een systeem. (4) De beïnvloeding gebeurt niet in een bepaalde richting (in één richting) maar in alle richtingen tegelijkertijd, weliswaar niet steeds op dezelfde wijze en in dezelfde mate. De ‘vierde dimensie’ is ‘beweging’ (waarvan ‘tijd’ slechts één element is!) en heeft relatie met alle richtingen. Zoals wanneer je een steen werp in een vijver. Een beeld voor het systemische is een groot spinnenweb opgebouwd uit verschillende spinnenwebben. Wanneer in één van de spinnenwebben een insect gevangen wordt trilt het ganse, grote spinnenweb.
Bij een systemische benadering van het leven laat je los dat je de grond van de zaak kunt controleren. Als mens kunnen we wel systemen beïnvloeden en daardoor de beweging van een systeem in één richting sterker maken dan in een andere, maar we kunnen niet het systeem als geheel in één richting sturen. Wij houden niet het stuur van de ontwikkeling van het leven of van het klimaat vast!
In 2015 werd vastgesteld dat het klimaat op aarde bestendig met 1 graad is gestegen. De opwarming niet voorbij de 2 graden laten oplopen is essentieel omdat vanaf die temperatuur binnen het systeem zichzelf versterkende processen starten (feedback-lussen). In menselijke relaties en in de ontwikkeling van het gevoelsleven van een baby doet zich hetzelfde voor: we denken, voelen, communiceren en handelen vanuit patronen; onze patronen activeren bepaalde patronen bij de ander; op een gegeven moment ontstaat er in een relatie een zichzelf versterkend meta-patroon, meer opbouwend of meer onproductief of meer toxisch.
Wat maakt het voor ons zo moeilijk om op een systemische wijze de wereld te beleven en te benaderen?
Ons lijnig grondpatroon heeft al tienduizenden jaren zijn waarde bewezen: het is erg praktisch en functioneel en het wérkt, we kunnen daardoor de fenomenen controleren en manipuleren. We hebben er alle technieken kunnen door ontwikkelen vanaf de handbeitel tot de satellieten, vanaf de eerste geluiden om te communiceren tot de digitale wereld. Ook op het sacrale terrein hanteren we het lijnig grondpatroon: we zoeken middelen om met de ‘geestelijke wereld’ te onderhandelen. Dankzij het lijnig grondpatroon hebben we het gevoel dat we de fenomenen kunnen controleren en beheersen. Op deze manier gaan we aan de slag bv. ook bij de opwarming van de aarde: Hoe kunnen we de CO2 verminderen? Wat stoot het meeste CO2 uit? Terwijl de vragen dringender zijn: Hoe dienen we onze volledige levenswijze te veranderen? (= hoe we omgaan met arbeid, financiële middelen, armoede, mobiliteit, solidariteit, technische middelen, AI, onderwijs, … enz.)
Het is geen kwestie van de zaken óf lijnig óf systemisch te benaderen maar van én – én. Onze grote moeilijkheid is dat het lijnig grondpatroon zich heeft geïnstalleerd op de troon van ‘ik ben alleenheerser’, ‘mijn waarheid is de enige waarheid’, ‘mijn logica is de enige logische logica’.
Systemisch benaderen moet je leren, je bent er niet mee opgegroeid. Systemisch benaderen heeft inzicht nodig én een andere manier van waarnemen én een andere wijze van besluiten en beslissen. Om te leren het leven systemisch te benaderen hebben we elkaar nodig. We dienen van elkaar te leren want niemand weet alles of heeft een allesoverheersend inzicht. Het heeft weinig zin dat één ‘verlichte geest’ het op haar eentje waarmaakt en we haar zouden volgen. Dat is het gedragspatroon dat we volgen bij het lijnig grondpatroon: kritiekloos napraten en volgen. Om systemisch te leren denken dienen we samen te denken, in een open dialoog, in een open ruimte (Open Space).

(1) Lees meer over Pad-vindend leiderschap in et boek Pathfinder – Samen de juiste weg vinden → Boeken
(2) herbeluister de uitzending hier
(3) Meer over de grondpatronen en over de kenmerken van het lijnig grondpatroon in: Drie grondpatronen om je leven te be-leven. → Korte teksten
(4) Lees hier enkele bladzijden over het systemisch grondpatroon uit de tekst Drie grondpatronen om je leven te be-leven.