Tagarchief: Relatie

Acht vragen (4) – Overvloed aan informatie

De rubriek ‘Acht vragen’ bied je een Vragenkompas aan met vragen uit de acht richtingen zodat je je eigen antwoord kunt vinden op je werkvraag. De rubriek geeft dus geen oplossingen of tips hoe jij het moet aanpakken. De tekst ‘Ter inspiratie’ onderaan, heeft als intentie de werkvraag te verduidelijken of je te inspireren.

Hoe beslis ik bij een overvloed aan informatie?

Andere vragen van lezers: 

Hoe ga ik meer doen ipv te piekeren en in cirkels te redeneren?
Hoe hou ik me staande tussen angst-profeten, hoera-profeten, anti-profeten en de alternatieve visies die mijn vrienden met me delen?
Hoe laat ik me niet verlammen door een overvloed aan informatie?

Het Vragenkompas is contextueel, d.w.z. dat bij alle vragen die je kunt stellen de vraag er bovenop luidt: Hoe beïnvloedt de context deze vraag en het antwoord? Klik op de afbeedling om ze te vergroten of te downloaden.

Ter inspiratie

Reeds een aantal jaren groeit de informatie waarover we kunnen beschikken en het aantal gegevens om rekening mee te houden ontzettend snel. De grote moeilijkheid is niet louter de overvloed op zich. De hoeveelheid gegevens zal alleen maar toenemen. De moeilijkheid is het beoordelen van de ernst van de gegevens en het kiezen, kiezen welke informatie relevant is en welke niet en voor welke vraag. Via onze erg open houding naar nieuwsberichten in kranten, op radio, tv en sociale media krijgt ons brein iedere dag een massa gegevens te verwerken.
Is het allemaal relevante informatie? Welk doel dient het aandacht geven aan deze massa gegevens? Welke behoefte schuilt er bij jou die hunkert naar die informatie? Hoe groot is jouw ‘media-honger’?
Vandaag wordt in rijke landen meer gegeten dan het lichaam echt nodig heeft, meer dan een antwoord op de fysieke honger. Er is een ‘emotie-honger’ die vooral grijpt naar ongezonde voedingsmiddelen. De grote hang naar informatie lijkt meer op ‘emotie-honger’ dan op de nood aan relevante gegevens om te kunnen ontwikkelen. Het is ‘media-honger’ of ‘sensatie-honger’.
Je wordt daarenboven vandaag meer en meer teruggeworpen op je individuele oordeelsvorming. Je moet in de ganse wirwar van gegevens tot een eigen besluit komen en zelf een beslissing nemen. Maar vooral, je mag je niet laten verlammen door de veelheid aan tegenstrijdige informatie.
• Op welke vraag wil je een antwoord?
Zomaar gegevens verzamelen, zonder doel, kan leuk zijn, ontspannend of voor verstrooiing zorgen. Het is echter niet een effectieve manier om kennis te verwerven of een besluit te vormen, laat staan om een beslissing te nemen. Het is nog minder efficiënt om uit angst in het wilde weg nieuws te vergaren of allerlei gegevens bij te houden. Het dagelijks volgen van de nieuwsberichten of de berichten op sociale media zorgt in de meeste gevallen veeleer voor verwarring.
Vandaag zijn we in een situatie belandt waarin het belangrijk is om streng je informatiebronnen te selecteren en bijgevolg te beslissen welk medium je niet bekijkt, welke berichten je niet leest.
Het is nodig je de vraag te stellen op welke vraag je een antwoord zoekt. Formuleer eerst de vraag, dat helpt je bij de selectie van de gegevens.
• Om welk soort ‘informatie’ gaat het?
In de meeste gevallen ontvang je geen heldere gegevens of feiten (1) maar interpretaties, meningen, veronderstellingen, extrapolaties, invullingen, oordelen of zelfs fake news, verdraaiingen, vervormingen.
Stel de kritische vraag: Op welke gegevens is deze uitspraak gevestigd? Door wie en hoe werden de ‘feiten’ vastgesteld?
Onder iedere informatie zit tevens een mens- en maatschappijvisie. Er bestaat niet zoiets als ‘neutrale informatie’. Ook ‘wetenschappelijke gegevens’ zijn niet vrij van een visie op de mens als individu, als sociaal wezen en als deel van de natuur. De meeste wetenschappelijke studies vertrekken van een lijnig causale gedachtengang (oorzaak – gevolg). Niet zelden vertrekken ze vanuit de scheiding tussen lichaam en geest. Wie vertrekt van een systemische visie zegt dit gelukkig uitdrukkelijk. Het is vaak moeilijk om aan te voelen welke denkbeelden aan de basis liggen van de aangeboden gegevens. De onderliggende overtuigingen bepalen wel mee jouw denken en besluiten.
• Zoek je naar dat wat ‘ontegensprekelijk waar’ is of zoek je naar datgene wat jou op dit ogenblik een groter inzicht verschaft op je vraag?
Er zijn mensen die de wereld indelen in ‘waar’ versus ‘onwaar’ of in ‘dit is waarheid’ versus ‘dit is een onwaarheid of vals’. Zij kunnen alleen maar verder indien bepaalde informatie helemaal ‘waar’ is volgens hun referentie-waarheid.
Daarnaast zijn er mensen die weten dat wat vandaag ‘waar’ is morgen – met nieuwe gegevens – ‘minder waar’ kan zijn. Zij onderzoeken of de nieuwe gegevens vandaag hun inzicht vergroot, dan wel dat ze daarmee ongezonde twijfel op zich laden. Bij gezonde twijfel, twijfel je over de inhoud van de kennis, bij ongezonde twijfel, heb je twijfels over jezelf. (2)
Of zoals Nietzsche de vraag formuleerde: Verzwakt bepaalde kennis mijn leven of laat die kennis mijn leven juist floreren?
• Wie verkies je als een autoriteit?
We hebben allemaal nood aan een autoriteit die voor ons het waarheidsgehalte bepaalt van de informatie: een wetenschapper, een filosoof, een of andere professor, een ervaringsdeskundige, een geestelijk leider, een politiek leider, een therapeut, … (3) Voor ieder kennisterrein kan je een andere persoon als autoriteit beschouwen. Iemand als een autoriteit zien betekent hem/haar vertrouwen schenken. Vertrouwen geven is geen rationele afweging. Aan wie geef jij vertrouwen? Op welke basis? In de meeste gevallen zoek je bevestiging voor datgene wat je vermoedt of datgene wat je graag wilt horen. Iemand die jou tegenspreekt zie je niet makkelijk als autoriteit ook al heeft die persoon een zeer grote kennis en ervaring op een bepaald terrein.
Naar welke autoriteit je verlangt hangt af van je antwoord op de vorige vraag. Indien je de ‘waarheid’ zoekt heb je een ‘hoge autoriteit’ nodig. In het andere geval kijk je kritisch naar de kwaliteit van de gegevens en hoeft de autoriteit van de auteur niet boven alles en iedereen verheven te zijn. Bv. een expert-viroloog is enkel een autoriteit op zijn vakgebied. Behandel hem/haar niet zonder meer met gezag op andere terreinen.
• Wil je een besluit nemen of sta je op het punt om te beslissen?
Besluiten is een (voorlopige) conclusie trekken, een (voorlopig) punt zetten als afronding van een proces van wikken en wegen. Besluiten heeft wens-karakter, intentie-karakter. Daar blijft het bij. Een besluit kan morgen weer worden gewijzigd. Niemand draagt verantwoor-delijkheid. Er is ook geen garantie dat een besluit wordt uitgevoerd. Bij het besluiten wacht je nog om te beslissen (eigenlijk beslis je om niet te beslissen).
Beslissen betekent dat je werkelijk de stap zet naar de actie, dat je de intentie van een besluit omzet in een actie, in een gerichte daad én dat je er de verantwoordelijkheid voor opneemt. Een beslissing kan niet worden gewijzigd enkel aangevuld door een nieuwe beslissing. Doen is beslissen, beslissen is doen. Al je handelingen drukken je beslissingen uit, of je daar nu over hebt nagedacht of niet. Je beslist meestal onbewust, uit gewoonte.

(1) lees het hoofdstuk ‘Vier soorten feiten’ p. 12 in Hoe je zelf ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten
(2) Lees het hoofdstuk ‘Leerrijk mét onzekerheid en twijfels’ p. 33 in de tekst Leerrijker worden kán! → Korte teksten
(3) Lees het inleidend hoofdstuk ‘Wat zijn feiten?’ in de tekst Hoe je zelf ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Korte teksten

Acht vragen (3) – Conflictvermijdend

De rubriek ‘Acht vragen’ bied je een Vragenkompas aan met vragen uit de acht richtingen zodat je je eigen antwoord kunt vinden op je werkvraag. De rubriek geeft dus geen oplossingen of tips hoe jij het moet aanpakken. De tekst ‘Ter inspiratie’ onderaan, heeft als intentie de werkvraag te verduidelijken of je te inspireren.

Hoe voorkom ik conflictvermijdend gedrag?

Andere vragen die ik heb ontvangen:
Hoe zorg ik er voor dat ik niet meer met mijn partner in conflict geraak?
Hoe leer ik conflictvermijdend gedrag af?

Hoe kan ik een conflict positief aanpakken en zien als een leerkans?
Hoe kan ik mijn mening geven zonder in een conflict te geraken?
Hoe voorkom ik dat een ruzie escaleert?

Het Vragenkompas is contextueel, d.w.z. dat bij alle vragen die je kunt stellen de vraag er bovenop luidt: Hoe beïnvloedt de context deze vraag en het antwoord? Klik op de afbeedling om ze te vergroten of te downloaden.

Ter inspiratie

Een ‘conflict’ is een spanning tussen (grote) verschillen in waarden, belangen, behoeften, verlangens, doelen of plannen. Wanneer dit binnen in jou gebeurt spreken we van een ‘innerlijk conflict’, in het andere geval gaat het om een ‘uiterlijk conflict’. In beide gevallen gaat het om een ‘relationeel conflict’. Een conflict is het tipje van de ijsberg, d.w.z. er liggen verschillende lagen onder waarop het innerlijke, voelbare of uiterlijke, zichtbare conflict steunt.
Een conflict vermijden doe je wanneer je de groeiende spanningen binnen het relatie- en interactieveld niet wilt of kunt zien, herkennen en erkennen. (1) Je belandt dan op een eenzijdige randpositie in het relatieveld = ver van het midden waar je vlotter van positie kunt wisselen.

Onder conflictvermijdend gedrag zit een behoefte en een belang dat niet wordt erkend, door geen enkel van de ‘partijen’, ook niet door de betrokkene zelf.
Door conflictvermijdend gedrag worden spanningen onder de oppervlakte gestopt. Ze leven verder in het donker. Je ziet daardoor een conflict niet meer aankomen. Op een dag komt het wel naar boven, de ontsteking barst open en de etter moet er uit.
Conflictvermijdend gedrag kent vele gezichten.
Het klassieke beeld is die van de persoon die kiest voor: pleasen; lief zijn ook al voelt hij/zij zich anders; teveel water in de wijn doen; snel en met (te)veel akkoord gaan; snel de ander sussen of kalmeren; schuld op zich laden; in de schulp kruipen; irritatie verbergen (tot de emmer overloopt); vluchten in een ‘het komt wel allemaal goed’ verhaal, zich het slachtoffer voelen, … (= een randpositie ‘onder’ in het relatieveld).
Bij dit gedrag hoort het complementaire gedrag van de ander: beschuldigen; schuldinductie; verwijten; het eigen aandeel ontkennen; agressief emotioneel gedrag; emotionele chantage; de ander op afstand zetten; eigen gevoel van onmacht omzetten in een ‘heerser’-gedrag; …(= een randpositie ‘boven’ in het relatieveld). Ook dit is conflictvermijdend gedrag!
Ander conflictvermijdend gedrag is: zich als de ‘begripvolle helper’ gedragen; voortdurend willen helpen en daarbij de ander zien als hulpeloos; voluit Redden; niet kunnen omgaan met belangrijke verschillen in visie; de verschillen wegwuiven; niet zien dat men zelf gebaat is met hulp en begeleiding, … (= een randpositie ‘samen’ in het relatieveld).
Bij dit laatste gedrag hoort de complementaire positie: agressief reageren bij het minste teken van verschil in mening; niet willen luisteren en onmiddellijk in de aanval gaan; de ander wegduwen; een hoger muur optrekken tussen zichzelf en de ander; … (= een randpositie ‘tegen’ in het relatieveld). Voor het minste ruzie maken is conflictvermijdend!
In al deze eenzijdige randposities wordt vermeden dat er wordt gekeken naar de kern van de zaak, naar waar het werkelijk om gaat, naar de behoeften en belangen die verborgen worden gehouden. Je kijkt dan niet naar de opbouw van de verschillende lagen van het interactiepatroon dat tot een conflict kan leiden. Je bekijkt het gebeuren op een enkelvoudige causale manier en niet met een systemische bril (2): Wat ging vooraf aan het gedrag dat de ander nu toont? Welk gedrag van mij ging het gedrag van de ander vooraf en wat ging vooraf aan mijn gedrag? Binnen welke context gedroeg de ander zich zo? Hoe beïnvloedde de context mijn gedrag? Enz.
De uitweg schuilt in het opschuiven naar het midden van het relatieveld (= minder randgedrag) én in het evenwichtig balanceren rond ‘samen’ én in het goed zorg dragen voor jezelf én in het nemen van de verantwoordelijkheid voor je eigen gevoelens en gedrag én in het ophouden met willen begrijpen of begrepen willen worden. (3)
Steun van een leermaatje (4) of een professionele begeleider is hierbij van harte welkom.

(1) Meer over het relationele veld in: Hoe je beweegt binnen het relatie- en interactieveld? → Korte teksten
(2) Lees hier enkele bladzijden uit de tekst Drie grondpatronen om je leven te be-leven
(3) Lees het bericht van 23/3/20 ‘De ander willen begrijpen en begrepen willen worden’
(4) Lees hier twee bladzijden over ‘leermaatje’ uit De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing’?

Vraag van de week (51)

Welke vragen stel je om het voorbije jaar te evalueren, te beoordelen en te waarderen?

Vele mensen, organisaties en bedrijven blikken op het einde van het jaar terug op de voorbije 365 dagen. Sommigen doen dat ernstig en evalueren en te beoordelen de zaak. Nog teveel worden deze begrippen echter slordig gebruikt. Vaak wordt onvoldoende het onderscheid gemaakt.
‘Evalueren’ is meten zonder oordeel. Een correcte evaluatie oordeelt niet maar stelt vast; duidelijk, scherp, zo objectief mogelijk. Bij dit werk horen bijgevolg cijfers, maten, gewichten, statistieken, vergelijkingen, het verschil met de nul-meting, enz.
‘Beoordelen’ is per definitie subjectief zelfs al tracht je dit zo objectief mogelijk te doen en iedereen (of gelijke situaties) op dezelfde wijze te behandelen. Is dit laatste wel verstandig? Is het eerlijk? Beoordelen is een ethisch-relationele opdracht. Hoeveel is dit cijfer waard … voor déze persoon, bij déze taak, in déze situatie, in déze context? Om je beoordeling zo ‘objectief’ mogelijk te houden ga je een heldere maatstaf kiezen en transparant zijn over de wijze waarop je die hanteert.
Om een persoon of een gebeuren te ‘waarderen’ is het niet noodzakelijk om eerst te evalueren en te beoordelen.
Je zult bijgevolg verschillende vragen moeten stellen. Je stelt een specifieke vraag om een persoon of een situatie te evalueren en een andere vraag om dezelfde persoon of dezelfde situatie te beoordelen.
Welke vragen stel je om het voorbije jaar te evalueren en te beoordelen?

Ik heb de tekst Evalueren – Beoordelen – Waarderen herwerkt. → Korte teksten
Misschien levert dit jou inspiratie op.

Vraag van de week (49)

Welke vraag heb je beleefd als een geschenk?

Het najaar kent een concentratie aan grote feesten. Overal ter wereld wordt er gevierd, in alle levensvisies. Een geschenk geven hoort daar steeds bij. Het is goed om even stil te staan bij de vraag welke vraag jij hebt beleefd als een geschenk. Welke vraag koester je nog steeds omdat het effect ervan nog immer voelbaar is? Het kan best een vraag zijn die je jaren geleden hebt gekregen of een die gisteren naar jou werd gestuurd. Wat maakte de vraag zo bijzonder? Waar raakte ze jou? Wat voel je vandaag nog?
Wanneer je daar wat zicht op krijgt kan je die kenmerken gebruiken om op jouw beurt een vraag aan te bieden aan wie je lief is of aan een van je vrienden. Geef een ‘juiste’ vraag als geschenk. Een ‘juiste’ vraag is persoonlijk, raakt de ander in het hart, draait om iets dat wellicht van levensbelang is voor de ander, wijst op iets dat verder reikt dan de horizon, gaat voorbij het ‘onmiddellijk nuttige’ en het effect kan jaren uitdijen. Misschien heeft de andere uren stilte nodig om je vraag-geschenk uit te pakken. Laat haar of hem die tijd.

Vraag van de week (47)

Welke vraag doorbreekt dat er wordt gezwegen over een onderwerp?

Er zijn onderwerpen die worden doodgezwegen, zowel maatschappelijk bv. binnen besturen, als professioneel binnen bedrijven en organisaties, als privé binnen gezinnen. We doen er allemaal aan mee. Het luidop zeggen voelt aan als bedreigend zowel voor ‘veroorzakers’, ‘waarnemers’, ’verderzetters’, als voor de ‘ondergaanders’ van dat wat wordt verzwegen. Het gaat om eenvoudige fouten, of kleine vergrijpen, maar soms ook om regelrechte misdaden.
Voor alle zwijgers is zwijgen meer waard dan het gevaar van de reactie op het aan de grote klok hangen. Wie wil er nu beschuldigd worden van ‘nestvervuilen’?
Zoals in alle situaties is er een middenweg. Ditmaal tussen zwijgen en aanklagen. Je kunt een vraag stellen en die vraag neerleggen waar ze gehoord kan worden. Een vraag wérkt enkel wanneer ze op het gepaste bordje wordt neergelegd.
Wanneer er thuis iets niet correct verloopt dien je je vraag aan je partner of je ouder voor te leggen. Kan dit niet, dan stap je naar een hulpverlenende persoon. Dat kan een vriend zijn maar soms moet je naar een professional stappen.
Zelf was ik tot vijf jaar geleden een conflict-vermijder. Ik zweeg meer dan goed was voor mijn relaties en voor mezelf. Ik stelde geen vraag of ik stelde de foute vraag. Dat is de vraag die tegelijk aanklaagt en een beschuldigende ondertoon heeft.
De ‘juiste’ vraag maakt op de eerste plaats verbinding, zelfs met diegene die volgens jou een fout heeft gemaakt, ook een grote fout. Op de tweede plaats wijs je niet op ‘feiten’, noch op dat wat de ‘feiten’ jou doen, op jouw gevoelens. ‘Feiten’ hebben zowat steeds onenigheid tot gevolg.(1) Verder, wees je bewust van wat je wilt bereiken en vooral … voel je intentie.(2) Je intentie zal het (eerste) resultaat bepalen. De ‘juiste’ vraag is een uitnodiging om de zaak te bekijken. Je hoeft niets te verbergen, je wilt niets meer verbergen. Hoe stop je het samen?

(1) Lees meer in: Hoe je zelf je ‘feiten’ creëert – Vier soorten feiten → Kort teksten
(2) Lees meer in de paragraaf ‘De kracht van de intentie’ in De Blauwe Rivier oversteken – Hoe ontwikkel ik een ‘probleem’ tot een duurzame ‘oplossing’? p.108 → Boeken