Tagarchief: Relatie

Vraag van de week (19)

Met welke vraag zet je je bekommernis om in actiegerichtheid?

Een belangrijk element in het opbouwen van je zelfbeeld, van de persoon waarvan jij zegt ‘Dit ben ik’, is je bekommernis. Het is een drijfveer, het zet aan tot een sterke intentie.
Voor wie ben jij bekommerd vandaag? Voor welke situatie voel je je erg bekommerd vandaag? Waar geef je écht om?
Bekommernis kan betekenen (= wat er in de woordenwolk zit van dit begrip): sterk betrokken voelen, erg bezorgd zijn, een sterke verbinding hebben, er steeds klaar voor staan, extra aandacht hebben, bereid zijn om iets moeilijk te doen, er 100% voor klaar staan, steeds bereid zijn om alles te laten vallen waar je mee bezig bent en tijd te maken, blijvend engagement, de eerste prioriteit, alles doen wat nodig is om te slagen, je leven er voor in de waagschaal stellen, aan de grens van de actie staan, klaar staan om in te grijpen, bij het hart gegrepen worden, er vaak van wakker liggen, echt geven om iets, …
Bekommerd zijn om iemand of iets voelt sterker, dringender en dwingender aan dan bv.: verlangen naar, graag hebben dat, interesse hebben in.
Je bekommernis wijst naar een behoefte bij jezelf. Het werkt als een spiegel. Je bent bekommerd om iets dat met jou heeft te maken, met iets dat past in jouw biografie, bij jouw ‘natuur’. Naar welk stukje in jou wijst je bekommernis? Hoe bekommerd ben je voor jezelf?
Bekommernis wérkt niet wanneer er geen daad op volgt. Het is een ‘vaststelling’, een intentie, een eerste stap waarop de vraag volgt ‘So what?’. Bekommernis heeft een actiegerichte vraag nodig wil het echt werkzaam zijn. Welke vraag kan je bekommernis in de actie-modus zetten? Hoe zet je je bekommernis in de eerste versnelling?

Vraag van de week (15)

Welke vraag heeft gezorgd voor de grootste doorbraak in je leven?

Weet je nog het moment waarop je leven een grote wending kreeg? Niet zomaar een verandering maar een flinke doorbraak. Het was een draai van 180°, een ongelofelijke Aha!, een keerpunt dat je leven volledig overhoop haalde (positief of negatief), een switch op het juiste moment en die zich nooit kon herhalen.
Er gebeurde iets dat je niet had zien aankomen. Iemand zei iets tegen je dat je niet had verwacht. Je bevond je plots in een situatie die je niet had kunnen voorzien. Iets sloeg in als een bom. Je werd overweldigd door een natuurfenomeen. Je hoorde je reageren met woorden die voor jezelf vreemd klonken, alsof ze niet van jou waren. Je kreeg een klap op je hoofd, zo voelde het, of werd door een bliksem neergeslagen.
Op zo’n moment was je helemaal in beslag genomen met wat er gebeurde. Je aandacht ging naar het effect, naar wat het met je deed en hoe je er op reageerde.
Er zijn verschillende manieren om naar zo’n gebeurtenis terug te kijken. Je kunt het bekijken als een geweldig toeval. Je kunt het beschouwen als een tussenkomst van ‘het universum’. Je kunt het vatten als ‘logisch’ gevolg van een interactiesysteem waarin je je op dat moment bevond. 
Een wat vreemde manier om zo’n moment te vatten is te luisteren naar de vraag die in en door het gebeuren aan jou werd gesteld. Alles wat je doet is een antwoord op een vraag. Alleen, je hoort zelden de vraag in de actie (tenzij ze uitdrukkelijk wordt gesteld).
Bijvoorbeeld: “Wil je werkelijk op deze manier verder gaan?” of “Hoe vaak moet dit je nog overkomen om het te zien?” of “Wat is je keuze, NU?” of “Hoe ga jij dit oplossen?” of “Om wie geef je het meest?” of “Hoeveel heviger moet de pijn zijn opdat je zou stoppen?” of “…. “
Door de vraag te horen, al is het jaren later, kan je oordelen of je reactie ‘volledig’ was. Vandaag kan je nog bijsturen. Het kan je ook aanzetten om dezelfde vraag nu als vraag te stellen aan iemand in je omgeving die zo’n vraag nodig heeft, nu.

Long ago I heard
That this is the road we must all
Travel in the end,
But I never thought it might
Be yesterday or today.

Lang geleden heb ik het vernomen
Dat dit  uiteindelijk de weg is
Die we allemaal hebben af te leggen.
Ik dacht echter nooit dat dit
gisteren of vandaag kon zijn.

Ariwara no Narihara (Japanse dichter, 825-880)

De ander willen begrijpen en begrepen willen worden

Dit bericht stond drie jaar geleden op de website van de Lemniscaat Academie. Meerdere signalen hebben me aangezet het opnieuw te publiceren: empathie of meevoelen met anderen wordt te snel gelijkgesteld met ‘de ander begrijpen’. Dit is ten onrechte. Empathie betekent dat je de ander volledig ‘de ander’ laat zijn en respecteert en de zaken leert zien door haar bril, zelfs als je haar niet begrijpt. Je bent in je empathie net als in iedere vaardigheid begrensd. Een dialoog blijft mogelijk zonder de ander volledig te begrijpen en begrepen te worden.

De ander willen begrijpen

Wanneer je echt naar iemand wilt luisteren of haar helpen of met haar samenwerken, stop dan met te trachten haar te willen begrijpen. Zet je veeleer in om te achterhalen welke de belangrijkste vraag is die op dit ogenblik in haar leeft. Wat is haar kernvraag op dit moment? (= de vraag die er écht doe doet, nu) Tracht haar gedachtengang waar te nemen, de wijze waarop zij gedachten vormt en innerlijke beelden hanteert … zonder te oordelen. Enkel zo kan je een vraag stellen die haar helpt om – vanuit haar denk- en betekeniskader – een zinvol antwoord te vinden op haar kernvraag.
Om de gedachtengang van de ander te kunnen waarnemen, is het nodig dat je je eigen denkkader even parkeert. Wat ‘logisch’ is voor haar hoeft niet logisch te zijn voor jou. Je hoeft het er niet alleen niet mee eens te zijn, je hoeft het zelfs niet te begrijpen! Je hoeft niet alles te kunnen begrijpen om goed te kunnen samenwerken. Wél aanvaarden dat dit nu haar logica is en het gesprek aangaan.
De bewering dat datgene wat jij niet kunt begrijpen ‘onbegrijpbaar’ is, klopt niet. Enkel jij kunt het niet begrijpen, nu. Alles wat je waarneemt, voelt, denkt en doet vertrekt vanuit jouw aannames en overtuigingen. Willen begrijpen vertrekt bv. vanuit de aanname dat jij haar kúnt begrijpen. Dat klopt niet met de werkelijkheid: je bent begrensd in datgene wat je kunt begrijpen.
Wanneer je tracht te begrijpen, doe je moeite om met jouw denkkader de logica van de ander te verstaan. Dat doet onrecht aan de ander. Help de ander om via haar eigen denkkracht, haar emotionele kracht en haar zingeving te zoeken naar haar zinvolle antwoorden. Haar zoektocht zal gans anders verlopen dan jouw zoektocht.
Willen begrijpen legt vaak een obstakel op de weg. Het is een obstakel omdat je niet de gepaste vraag stelt die iemand nu op weg zou kunnen helpen, haar weg, niet de weg volgens jouw inzicht. Het is een obstakel omdat je daardoor haar kracht beknot om zelf tot inzichten en keuzes te komen. Het is een obstakel omdat je hiermee haar zelfredzaamheid beperkt. Het is een obstakel omdat je in de meeste gevallen teveel verantwoordelijkheid op je schouders laadt en vroeg of laat als Redder optreedt.
Wil je de ander echt helpen? Help de ander om zichzelf te begrijpen! Daarvoor is het niet noodzakelijk dat jij  de ander begrijpt.
Wat is er wél nodig? Een vragende houding en de juiste vraag stellen. Je laat de verantwoordelijkheid waar ze hoort = bij de ander. Je stopt geen energie in alles willen begrijpen. Je houdt je bezig met het stellen van de juiste vragen en het scherp waarnemen hoe zij haar ‘probleem’ formuleert, welke overtuigingen daarin werken, wat zij wil bereiken, enz.
Ieder van ons vult de woorden die hij uitspreekt en die hij de ander hoort gebruiken iets anders in en voelt ze een beetje anders aan. Dit kan je dagelijks vaststellen. De eenvoudige oefening van een woordenwolk maken (1) kan je helpen om je bescheidener op te stellen. Daarnaast zorgt het voor meer helderheid in het gesprek.
Alles willen begrijpen is een broertje van perfectionisme.
Wanneer je eerst alles wilt begrijpen alvorens keuzes te maken en beslissingen te nemen vergeet je dat alles voortdurend verandert en dat het nodig is om regelmatig bij te sturen.

Begrepen willen worden

Dit is een valkuil waar velen onder ons in vastzitten: moeite doen om iets aan de ander uit te leggen zodat zij jou kan begrijpen. Steeds blijkt dat jouw behoefte om begrepen te worden een obstakel is in het vinden van goede antwoorden op jouw kernvraag (= de vraag die er voor jou écht doe doet, nu). 
Dat jij vraagt om begrepen te worden is zeer menselijk. Dat de ander dat vraagt is ook zeer menselijk. Voor het ontdekken van de vraag waar het echt om gaat en het vinden van een duurzaam antwoord is het evenwel niet nodig om begrepen te worden. Niet voor jou, niet voor de ander. Het is mooi meegenomen indien het gebeurt (of beter, indien je de illusie hebt dat het gebeurt) maar het is niet noodzakelijk om de zaken efficiënt aan te pakken.
Ik weet uit eigen ervaring hoe aangenaam het voelt wanneer ik ervaar “Deze persoon begrijpt mij.” (= op dit ogenblik, in deze context, voor deze situatie, bij deze vraag van mij). Daar kan ik van genieten. Ik ben echter gestopt met: “Ik wil eerst begrepen worden alvorens …”. Daardoor leg ik minder last op de ander, kijk ik naar wat er werkelijk tussen ons gebeurt en tracht ik daar constructief mee om te gaan. Dat doe ik ook wanneer ik beslis om “nee” te zeggen tegen de ander. Ik merk dat dit zowel mezelf als de ander veel ruimte biedt. (2) De ander hoeft echt geen moeite te moeten doen om mij te begrijpen. Het is lief indien het gebeurt.
Zodra ik het verlangen (of de vereiste) loslaat dat de ander mij begrijpt, kan ik de ander vrij laten in de manier waarop zij denkt, wat voor haar betekenisvol is, de waarden die voor haar belangrijk zijn, datgene waar zij in gelooft. Dan kan ik haar opmerkingen open ontvangen, zonder er eerst allerlei eisen aan te stellen. Enkel zo kan ik iets ontvangen dat buiten mijn denkkader valt! Ik heb dan niet de bevestiging dat mijn visie correct is maar wel een weg naar een duurzame oplossing.

(1) Lees meer in: Wat is een woordenwolk? → Korte teksten
(2) lees meer in: Hoe hou je het gesprek ‘in het midden’? → Korte teksten

Vraag van de week (7)

Met welke vraag kan je een lastig gesprek afronden?

Wat is een ‘lastig’ gesprek? Hoe zou jij die term invullen? Aan welke concrete herinnering zou jij dit koppelen?
Ik denk daarbij aan een gesprek waarbij jij het gevoel hebt dat er obstakels zijn in de communicatie die niet onmiddellijk verdwijnen. Of een gesprek waarbij je geen ruimte krijgt om je inbreng in het midden te leggen. Of een gesprek dat te lang duurt en uiteindelijk geen resultaat oplevert voor jou. Of een gesprek waarbij het alle kanten uitgaat en de rode draad verloren is geraakt. Of een gesprek waarbij jij het gevoel hebt in een ‘onderwater gesprek’ gevangen te zitten (bv. omdat jullie je in een erg lawaaierige omgeving bevinden temidden van veel mensen).
Een gesprek afronden betekent het niet verderzetten, ermee ophouden, nu. Je wil dus niet een volgende gespreksronde op gang brengen. Afronden kan op velerlei manieren: abrupt afbreken, een ‘vals’ excuus gebruiken, een besluit formuleren, een bondige samenvatting geven van het gesprek, een nieuwe afspraak voorstellen.
Hoe rond je zo’n gesprek af waarbij je de verbinding met de ander wilt behouden? Hoe zorg je er voor dat er geen nieuw gesprek start? Hoe zorg je er voor dat de ander met een goed gevoel weggaat?
Hoe rond je het af met een vraag? (Nadat je hebt aangegeven dat je het gesprek wilt stoppen) Wat zijn de voordelen van een vraag? Wat is dan de ‘juiste’ vraag?
Enkele criteria voor zo’n vraag (de inhoud + de toon waarop je spreekt + de positie van waaruit je spreekt) (1): □ Biedt je vraag ruimte voor een volgend gesprek zonder een oordeel te geven over het gesprek dat je afrondt? □ Creëer je de grond voor een nieuw (en beter) gesprek? □ Roept je vraag een eenvoudig “O.K., dit is goed.” op (en start het dus geen nieuw gesprek)? □ Verbaas je de ander op een positieve manier? □ Klinkt er erkenning in voor de ander (zelfs indien je het niet met haar eens bent)? □ Verwoordt je vraag je ware intentie? □ Leg je je vraag ‘in het midden’? (2) □ Voel jij je goed bij je vraag? □ Klinkt je vraag verbindend? □ Stel je je vraag op het gepaste moment? (3)
Met een ‘juiste’ vraag hoef je niet de weg af te leggen van eerst te wijzen op wat je hebt waargenomen, dan te zeggen wat dit jou doet en waar je behoefte aan hebt, om vervolgens een verzoek te formuleren. (4) Dit is vaker een weg die de zaken complexer maakt dan een eenvoudige, eerlijke vraag ‘in het midden’.

(1) Lees meer in: Hoe beweeg je binnen het relatie- en interactieveld?
(2) Lees meer in: Hoe hou je het gesprek ‘in het midden’?
(3) Het ‘gepaste moment’ kan betekenen dat je eerst de ander uitnodigt naar een andere plek te gaan of dat je eerst aangeeft dat je wat stilte wilt of dat je gaat zitten i.p.v. te staan of omgekeerd dat je gaat staan i.p.v. te blijven zitten of dat je de ander eerst bedankt voor het gesprek.
(4) Deze methode wordt vaak gepromoot bij Geweldloze communicatie.

Vraag van de week (6)

Welke vraag zou je stellen aan een honderdjarige?

We leven allemaal met de houding alsof we zonder meer honderd jaar worden of meer. Het verlangen om ‘eeuwig jong’ te blijven klinkt al duizenden jaren. Regelmatig verschijnt er een hip-hip-hoera bericht dat het aantal honderdjarigen is verdubbeld.(1) De werkelijkheid is uiteraard helemaal anders. Slechts weinigen die worden geboren halen die leeftijd.(2)
Vaak wordt aan iemand die de honderd jaar viert de vraag gesteld wat haar of hem heeft geholpen om zo oud te worden. Dat is een ‘beleefde gelegenheidsvraag’ want echt geïnteresseerd in het antwoord zijn we niet. Met haar of zijn antwoord doen we immers niet. We werpen het gewoon in de snel-vergeet-mand. Wees gerust de honderdjarige weet dat ook en geeft je meer dan waarschijnlijk een ‘beleefd gelegenheidsantwoord’.
Welke vraag zou een honderdjarige wél willen krijgen? Welke vraag zou haar of hem blij maken en graag willen beantwoorden? (Deze vraag – welke vraag haar of hem blij maakt – kan je stellen aan de feestvierder!)
Ken je niemand die (bijna) zo oud wordt? Gebruik dan even je verbeelding en beeldt je in dat jij de honderd nadert. Welke vraag wil jij niet krijgen? Welke vraag zou je wél willen beantwoorden?
Wat is het nut van deze oefening?
Het kan je helpen om te reflecteren op de zin van de keuzes die jij vandaag maakt.
Het kan een opstap zijn om te leren welke vraag je kunt stellen aan iemand die met een levensbedreigende ziekte wordt geconfronteerd of iemand die op een palliatieve afdeling ligt. Dit is een situatie waar je in de toekomst wellicht meer kans maakt om mee te worden geconfronteerd.
Het kan je helpen om te stoppen met ‘beleefde vragen’ te stellen. Hou op met ‘beleefde vragen’, reserveer ze enkel voor die situaties waarin je beiden uitdrukkelijk het laat-ons-beleefd-doen-spel spelen. “Hoe gaat het?”

(1) Dat gebeurde in België tussen 1996 en 2016
(2) Op 1 januari 2019 waren er 1.487 honderdjarige mannen en vrouwen in België, waarvan 1.277 vrouwen en slechts 210 mannen, op een totale bevolking van 11.431.406